BWBR0004607
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 121
Vissersvaartuigenbesluit
Smeltveiligheden en maximumschakelaars ... 1 Smeltveiligheden moeten als schroefsmeltveiligheden of daarmede ten minste gelijkwaardige patroonveiligheden zijn uitgevoerd. 2 Smeltveiligheden moeten zodanig zijn ingericht, dat: 1°. het bij smeltpatronen die zijn ontworpen om stoomsterkte gelegen tussen 6 en 25 A, met inbegrip van deze beide grenswaarde, niet mogelijk is door onachtzaamheid of bij vergissing een smeltpatroon in te zetten van een hogere nominale stroomsterkte dan die waarvoor de betreffende smeltveiligheid is ontworpen; en 2°. bij een nominale stroomsterkte van de smeltpatroon van minder dan 6 A, het niet mogelijk is een smeltpatroon van meer dan 6 A in te zetten. 3 Smeltveiligheden moeten zodanig zijn ingericht, dat het uitnemen of inzetten van de smeltpatroon kan geschieden, zonder dat daartoe niet-geïsoleerde, onder spanning staande delen met de hand of met ongeïsoleerd gereedschap behoeven te worden aangeraakt. Bovendien mag er geen gevaar bestaan om met onder spanning staande delen in aanraking te komen of om letsel ten gevolge van vlamboogverschijnselen op te lopen. 4 Het gebruik van open buisveiligheden, dan wel het gebruik van smeltveiligheden met verwisselbare smeltdraad van een nominale stroomsterkte van 25 A of minder, is niet toegestaan. 5 Het gebruik van gerepareerde smeltpatronen die kennelijk niet voor vervanging van de smeltdraad zijn ingericht, is niet toegestaan. 6 Op de smeltveiligheidshouder en op de smeltpatronen moeten de nominale stroomsterkte en de spanning waarvoor zij mogen worden gebruikt, zijn aangegeven. 7 Smeltveiligheden en maximumschakelaars moeten zoveel mogelijk een uitschakelvermogen bezitten dat ten minste gelijk is aan het kortsluitvermogen ter plaatse. Indien dit niet het geval is, moeten deze smeltveiligheden en maximumschakelaars zijn beveiligd door smeltveiligheden en maximumschakelaars, die het uitschakelvermogen wel bezitten. 8 In serie geschakelde smeltveiligheden en maximumschakelaars moeten onderling voldoende selectief zijn.