Artikel 1
1. Aan de leden van een bij of krachtens wet bij koninklijk besluit of bij ministerieel besluit ingestelde commissie, aan haar secretarissen en adjunct-secretarissen, alsmede aan de deskundigen die aan de werkzaamheden van de commissie deelnemen, kan voor het bijwonen van een vergadering hetzij van de commissie zelf, hetzij van een van haar subcommissies, een vacatiegeld worden toegekend. Twee of meer vergaderingen op dezelfde dag gelden als één vergadering.
2. Het vacatiegeld wordt vastgesteld bij beschikking van Onze Minister onder wiens ministerie de commissie ressorteert.
3. Onze Minister van Financiën stelt maximumbedragen voor vacatiegeld vast voor naar zwaarte van taak onderscheiden categorieën van commissies, en voor voorzitterschappen.
2. Het vacatiegeld wordt vastgesteld bij beschikking van Onze Minister onder wiens ministerie de commissie ressorteert.
3. Onze Minister van Financiën stelt maximumbedragen voor vacatiegeld vast voor naar zwaarte van taak onderscheiden categorieën van commissies, en voor voorzitterschappen.