Als substanties, bedoeld in
artikel 44 van de wet, welke degene die bedrijfsmatig dieren houdt niet voorhanden of in voorraad mag hebben, worden aangewezen:
a. stilbenen, stilbeenderivaten, zouten en esters daarvan;
b. thyreostatica;
c. langs biotechnische weg bereide somatotropines;
d. substanties die kunnen worden gebruikt voor de bereiding van diergeneesmiddelen welke zijn aangewezen ingevolge artikel 29 van de wet.