1. De minister stelt de gegevens aan derden niet ter beschikking dan na ontvangst van een verklaring, ondertekend door verzoeker dat de gegevens niet zonder voorafgaande goedkeuring van de minister aan anderen ter beschikking of ter inzage worden gegeven en dat het in het volgende lid bepaalde zal worden nageleefd.
2. Zodra de ingevolge de voorgaande leden verstrekte gegevens niet langer door de verzoeker benodigd zijn worden zij terstond vernietigd. Van de vernietiging moet zo spoedig mogelijk kennis worden gegeven aan de minister.
3. De minister houdt van de verstrekking van gegevens overeenkomstig dit artikel een register bij.
1. Een ieder omtrent wie gegevens in de registratie zijn opgenomen, kan de minister schriftelijk verzoeken:
a. inlichtingen te verstrekken over dan wel inzage te verlenen in de gegevens die met betrekking tot hem in de registratie zijn opgenomen;
b. wijziging in die gegevens aan te brengen. Verzoeker geeft daarbij gemotiveerd aan hoe de gegevens gewijzigd moeten worden.
2. Een verzoek als bedoeld in het eerste lid kan alleen gedaan worden ten aanzien van gegevens, verstrekt binnen een tijdvak van ten hoogste twee jaren vóór het tijdstip van het verzoek.
1. De minister willigt een verzoek als bedoeld in artikel 7in, tenzij het verzoek kennelijk onredelijk of onvoldoende gemotiveerd is.
2. Indien de minister een verzoek niet inwilligt, brengt hij zijn beslissing met redenen omkleed ter kennis van de verzoeker.
3. Inlichtingen worden gegeven door het verstrekken van een door of namens de minister gewaarmerkt afschrift.
4. Van een wijziging als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onder b, wordt aan de verzoeker mededeling gedaan.
Binnen dertig dagen na de dag waarop de kennisgeving als bedoeld in artikel 8, tweede lid, is verzonden kan de verzoeker om herziening vragen bij de minister.
Deze regeling wordt geplaatst in de Nederlandse Staatscourant en treedt in werking met ingang van 1 januari 1987. Zij kan worden aangehaald als ‘Regeling beheer gegevens Wet ambulancevervoer’.