Artikel 1
1. Bij afwezigheid of ontstentenis van de voorzitter van een huurcommissie treedt desverzocht de voorzitter van een huurcommissie in een van de aangrenzende ressorten, als waarnemend voorzitter op.
2. Bij verhindering van ieder der voorzitters van een huurcommissie in een aangrenzend ressort treedt desverzocht de voorzitter van een huurcommissie in een van de niet-aangrenzende ressorten als waarnemend voorzitter op.
2. Bij verhindering van ieder der voorzitters van een huurcommissie in een aangrenzend ressort treedt desverzocht de voorzitter van een huurcommissie in een van de niet-aangrenzende ressorten als waarnemend voorzitter op.