1. De oproeping, bedoeld in artikel 10, eerste lid, van het besluit wordt ingericht overeenkomstig het bij deze regeling behorende model A.
2. Zo nodig kan de rangschikking van de daarin voorgeschreven gegevens worden gewijzigd.
1. Het stembiljet, bedoeld in artikel 21, eerste lid, van het besluit wordt ingericht overeenkomstig het bij deze regeling behorende model B.
2. Het stembiljet heeft een rechthoekige vorm en is vervaardigd van wit papier.
Het stempel, bedoeld in artikel 24, vijfde lid, van het besluit, stelt voor de handtekening van de voorzitter van het hoofdstembureau, dat overeenkomstig artikel 2, vierde lid, van het besluit is ingesteld ten behoeve van de stemming.
De processen-verbaal, bedoeld in de artikelen 33, tweede lid, en 40, eerste lid, van het besluit worden ingericht overeenkomstig het bij deze regeling behorende model C.