Artikel 1
Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde wordt verstaan onder:
a. spaarbewijzen: waardepapieren aan toonder, welke een nominale vordering op de uitgevende instelling inhouden en waarbij de rente niet gedurende de looptijd opeisbaar wordt;
b. Onze Minister: Onze Minister van Financiën;
c. de Bank: De Nederlandsche Bank N.V.;
d. representatieve organisatie: een organisatie, die met betrekking tot de uitvoering van deze wet door Onze Minister, de Bank gehoord, als representatieve organisatie voor een groep van ondernemingen en instellingen is aangewezen.
a. spaarbewijzen: waardepapieren aan toonder, welke een nominale vordering op de uitgevende instelling inhouden en waarbij de rente niet gedurende de looptijd opeisbaar wordt;
b. Onze Minister: Onze Minister van Financiën;
c. de Bank: De Nederlandsche Bank N.V.;
d. representatieve organisatie: een organisatie, die met betrekking tot de uitvoering van deze wet door Onze Minister, de Bank gehoord, als representatieve organisatie voor een groep van ondernemingen en instellingen is aangewezen.