In dit hoofdstuken hoofdstuk IIIwordt verstaan onder:
"Onze minister": Onze minister van Onderwijs en Wetenschappen;
"nieuwe school": school voor middelbaar dienstverlenings- en gezondheidszorgonderwijs, als bedoeld in artikel 1 onder D, van deze wet;
"afdeling": afdeling voor middelbaar dienstverlenings- en gezondheidszorgonderwijs, verbonden aan een nieuwe school;
"bestaande school": een op de datum van inwerkingtreding van dit hoofdstukop grond van de
Wet op het voortgezet onderwijsbekostigde school voor huishoud- en nijverheidsonderwijs, voor zover daaraan middelbaar huishoud- en nijverheidsonderwijs wordt gegeven, of een school voor middelbaar sociaal-pedagogisch onderwijs, dan wel een scholengemeenschap waarvan een of meer van deze scholen deel uitmaken;
"bevoegd gezag": voor wat betreft:
a. een rijksschool: Onze minister;
b. een gemeentelijke school: het college van burgemeester en wethouders, voor zover de raad niet anders bepaalt en, indien de raad dit wenselijk oordeelt, met inachtneming van door hem te stellen regelen;
c. een bijzondere school: het schoolbestuur.