Artikel 1
In te stellen een commissie welke tot taak krijgt advies uit te brengen ten aanzien van:
het toekomstige eindniveau van de opleiding tot kraamverzorgster;
de werkmogelijkheden voor de toekomstige kraamverzorgster, zowel intra- als extramuraal;
de verhouding van de opleiding van kraamverzorgster tot aanverwante opleidingen, met name ten aanzien van leerdoelen en leerinhouden (ziekenverzorgende, bejaardenverzorgende, gezinsverzorgende);
de gemeenschappelijke faktoren in deze opleidingen;
een opleidingsmodel en een raamleerplan, waarin een horizontale en een vertikale doorstroming is ingebouwd;
de mogelijkheden om het opleidingsmodel en het raamplan te realiseren;
het toelatingsbeleid;
de afsluiting van de opleiding;
de evaluatie van de nieuwe opleiding;
het kader waarin de opleiding tot kraamverzorgster moet worden gegeven;
de bijscholing van kraamverzorgsters, opgeleid vóór deze nieuwe opleiding.
het toekomstige eindniveau van de opleiding tot kraamverzorgster;
de werkmogelijkheden voor de toekomstige kraamverzorgster, zowel intra- als extramuraal;
de verhouding van de opleiding van kraamverzorgster tot aanverwante opleidingen, met name ten aanzien van leerdoelen en leerinhouden (ziekenverzorgende, bejaardenverzorgende, gezinsverzorgende);
de gemeenschappelijke faktoren in deze opleidingen;
een opleidingsmodel en een raamleerplan, waarin een horizontale en een vertikale doorstroming is ingebouwd;
de mogelijkheden om het opleidingsmodel en het raamplan te realiseren;
het toelatingsbeleid;
de afsluiting van de opleiding;
de evaluatie van de nieuwe opleiding;
het kader waarin de opleiding tot kraamverzorgster moet worden gegeven;
de bijscholing van kraamverzorgsters, opgeleid vóór deze nieuwe opleiding.