BWBR0002474
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 8
Mijnreglement 1964
... [Regeling vervallen per 01-01-2003] 1 Voor zover in dit reglement niet anders is bepaald, zijn de bestuurders van een mijnonderneming verplicht zorg te dragen voor de naleving in hun onderneming van de bij en krachtens dit reglement gegeven voorschriften en regelen. Zij dienen op gezette tijden de maatregelen die zijn genomen inzake de veiligheid en de gezondheid van de arbeiders, met inbegrip van het in artikel 14 g bedoelde veiligheids- en gezondheidszorgsysteem, te onderzoeken om ervoor te zorgen dat de daarop betrekking hebbende bepalingen van dit besluit worden nageleefd. 2 Gelijke verplichting rust op personen in dienst van de onderneming, voor zover dezen door de bestuurders zijn belast met de zorg voor de naleving van die voorschriften en regelen. 3 De bestuurders en de in het tweede lid bedoelde toezichthoudende personen worden geacht aan hun in het eerste onderscheidenlijk tweede lid bedoelde verplichting te hebben voldaan, wanneer zij de nodige instructies hebben gegeven, de nodige middelen hebben verschaft en het redelijkerwijs te vorderen toezicht hebben gehouden om de naleving van de voorschriften en regelen te verzekeren. De instructies moeten voor de betrokken arbeiders begrijpelijk zijn. 4 Voor elke arbeidsplaats moeten schriftelijke instructies worden opgesteld ter bepaling van de in acht te nemen regels ter garantie van de veiligheid en de gezondheid van de arbeiders en het veilig gebruik van materieel. Deze instructies moeten aanwijzingen bevatten betreffende het gebruik van noodapparatuur en de wijze waarop moet worden opgetreden ingeval zich op of nabij de arbeidsplaats een noodsituatie voordoet. Een ieder is verplicht hem gegeven instructies als in dit en het derde lid bedoeld op te volgen. 5 Ter bescherming van de veiligheid en de gezondheid van de arbeiders moeten doelmatige voorzieningen in verband met voorlichting, opleiding, scholing en herscholing worden getroffen. 6 Onverminderd de verplichting tot naleving van de bij en krachtens dit reglement gegeven voorschriften en regelen, die zich rechtstreeks tot hem richten, is een ieder verplicht tot elk handelen en elk nalaten, waardoor de naleving van de overige bij en krachtens dit reglement gegeven voorschriften en regelen kan worden verzekerd, voor zover dat handelen of nalaten redelijkerwijs van hem kan worden verwacht.