BWBR0002474
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 278
Mijnreglement 1964
... [Regeling vervallen per 01-01-2003] 1 Eenmaal per kalenderweek moet aan de Inspecteur-Generaal der Mijnen opgave worden gedaan van de ongevallen, welke in de voorafgaande kalenderweek, in verband met de uitoefening van het bedrijf, aan personen zijn overkomen. Onze Minister stelt de vorm van de opgave vast. 2 Onverminderd het in het eerste lid bepaalde, moet, indien een ongeval de dood van een persoon of letsel, dat een persoon vermoedelijk gedurende omstreeks 8 weken of langer voor de arbeid ongeschikt doet zijn, ten gevolge heeft gehad, hiervan onverwijld worden kennis gegeven aan de Inspecteur-Generaal der Mijnen. In zodanig geval moet, voor zover dit zonder gevaar mogelijk is, alles ter plaatse in dezelfde toestand worden gelaten, totdat een bij of krachtens artikel 325, eerste lid, aangewezen ambtenaar toestemming tot opruiming heeft gegeven. Getuigen moeten ter beschikking worden gesteld op het door die ambtenaar bepaalde tijdstip. 3 Van alle bij het gebruik, het vervoer of de opslag van ontplofbare stoffen opgetreden voorvallen, die de veiligheid in gevaar hadden kunnen brengen of hebben gebracht, moet onverwijld worden kennis gegeven aan de Inspecteur-Generaal der Mijnen. 4 Onze Minister kan verlangen, dat aan de Inspecteur-Generaal der Mijnen opgave wordt gedaan van andere dan in de voorgaande leden bedoelde ongevallen en voorvallen.