BWBR0002474
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 226
Mijnreglement 1964
... [Regeling vervallen per 01-01-2003] De bedrijfsgeneeskundige dienst bevordert, in verband met de arbeid en het arbeidsmilieu in de mijnonderneming of de mijnondernemingen, waaraan hij is verbonden, de maatregelen, welke een doeltreffende preventieve gezondheidszorg in die onderneming of ondernemingen verzekeren. Dienovereenkomstig omvat zijn taak: a. het verrichten van geneeskundig onderzoek bij het indiensttreden van de arbeider; b. het verrichten van een geneeskundig onderzoek als in artikel 229 bedoeld, zomede van een geneeskundige controle krachtens een andere regeling als in het zesde lid van dat artikel bedoeld; c. het verrichten van geneeskundig onderzoek van arbeiders, anders dan onder a en b bedoeld; d. het doen van aanbevelingen tot het voorkomen van beroepsziekten; e. het medewerken aan het bestrijden van ongevallen; f. het medewerken aan revalidatie in het bedrijf; g. het medewerken aan het weren en bestrijden van schadelijke invloeden, waaraan de arbeider in verband met zijn arbeid kan zijn blootgesteld, zoals van schadelijke gassen, dampen, nevels, stralingen, schadelijke stof, schadelijk of hinderlijk geluid dan wel andere schadelijke of hinderlijke trillingen; h. het houden van toezicht aangaande de omstandigheden, waaronder de arbeid wordt verricht, zoals temperatuur, vochtigheid, luchtbeweging, verlichting, lawaai, zindelijkheid en het optreden van stof; i. het houden van toezicht aangaande schadelijke invloeden, welke de arbeider kan ondervinden door de aard van zijn arbeid, zijn werktijden, zijn arbeidsmilieu of het arbeidstempo, zoals invloeden tengevolge van ploegenarbeid, stukwerk, of het automatiseren van het produktieproces; j. het medewerken aan het bevorderen van goede arbeidsverhoudingen in de mijnonderneming; k. het houden van een bedrijfsgeneeskundig spreekuur; l. het verlenen van eerste hulp bij ongevallen of ziekte, het doen van aanbevelingen tot het organiseren van de eerste-hulpdienst en tot het plaatsen van het aan deze dienst verbonden personeel, alsmede het opleiden en het instrueren van dit personeel; m. het medewerken aan het verrichten van arbeidsanalyse; n. het medewerken aan het bestrijden van ziekteverzuim; o. het optreden als medisch adviseur van sociale fondsen en instellingen; p. het doen van andere aanbevelingen en het verrichten van andere werkzaamheden, die aan het in dit artikel gestelde doel dienstbaar kunnen zijn.