BWBR0002474
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 200
Mijnreglement 1964
... [Regeling vervallen per 01-01-2003] 1 Wanneer in een deel van de ondergrondse werken de hoedanigheid van de lucht door bijmenging van mijngas zodanig wordt beïnvloed, dat het mijngasgehalte in de doorgaande luchtstroom regelmatig hoger is dan 1 ½%, moet alle arbeid ter plaatse worden gestaakt en het betrokken deel der ondergrondse werken worden verlaten. 2 In afwijking van het in het eerste lid bepaalde, mogen werkzaamheden tot verbetering van de luchtverversing worden voortgezet, mits doelmatige maatregelen ter verzekering van de veiligheid en de gezondheid zijn genomen. 3 Van het staken van de arbeid ingevolge het eerste lid moet aan de Inspecteur-Generaal der Mijnen onverwijld worden kennis gegeven. 4 De normale werkzaamheden mogen niet worden hervat, voordat de toestand naar het oordeel van de bedrijfsleiding afdoende is verbeterd. 5 Onze Minister kan in bijzondere gevallen voor een door hem aangewezen deel van de ondergrondse werken van het in het eerste lid bepaalde ontheffing verlenen, echter uitsluitend onder de voorwaarde, dat de arbeid ter plaatse wordt gestaakt en het betrokken deel wordt verlaten, in geval het mijngasgehalte in de doorgaande luchtstroom regelmatig hoger is dan een bij de desbetreffende beschikking vast te stellen percentage van ten hoogste 2%.