BWBR0002474
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 116
Mijnreglement 1964
... [Regeling vervallen per 01-01-2003] 1 Onze Minister kan in het belang van het voorkomen van het optreden van ontploffingsgevaar bepalen, dat in of op een mijnwerk, op een boorwerk of in of op een deel van zodanig werk aanwezige of bij een mijnbouwkundig onderzoek of bij een deel daarvan gebruikte elektrische machines, transformatoren, schakel- en verdeelinrichtingen, elektrische toestellen of elektrische leidingen en bijbehoren van deze leidingen, in verband met de indeling krachtens artikel 115 van dat werk, dat onderzoek of dat deel daarvan in een bepaalde gevarenklasse, moeten zijn voorzien van een geldig, in overeenstemming met hem vastgesteld, merkteken, ten bewijze van de afgifte van een certificaat van goedkeuring. 2 Het certificaat van goedkeuring moet zijn afgegeven door een daartoe door Onze Minister aangewezen instelling of onderneming. Het certificaat moet inhouden, dat het betrokken materieel, blijkens een door de afgever verrichte keuring, ten tijde van de afgifte voldeed aan het bij en krachtens artikel 114 bepaalde. 3 Bij een aanwijzing krachtens het tweede lid kunnen voorwaarden worden gesteld; zij kan te allen tijde worden ingetrokken of gewijzigd. 4 Onze Minister kan merktekens en certificaten, die in het buitenland op elektrisch materieel zijn aangebracht onderscheidenlijk daarvoor zijn afgegeven, met de krachtens het eerste lid vastgestelde merktekens en de krachtens het tweede lid afgegeven certificaten gelijkstellen. 5 In door Onze Minister aangewezen gevallen kan worden volstaan met keuring van een of meer het type materieel kenmerkende monsters. Ten aanzien van het monster is alsdan het in het tweede lid bepaalde van overeenkomstige toepassing. Het krachtens het eerste lid vastgestelde merkteken mag op elektrisch materieel, dat geheel overeenkomstig het monster, waarvoor een certificaat is afgegeven, is vervaardigd, zonder nadere keuring worden aangebracht. 6 Onze Minister kan ter bevordering van een goede uitvoering van het in de voorgaande leden bepaalde nadere regelen stellen.