BWBR0001898
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 4
Tramwegreglement
Schouwing van de weg ... [Regeling vervallen per 01-12-2015] 1 De tramweg met zijn vaste voorzieningen moet zodanig worden onderhouden, dat hij veilig kan worden bereden. 2 De Minister bepaalt met welke frequentie de sporen en de daarin gelegen wissels, kruisingen en beweegbare bruggen moeten worden geschouwd. 3 De frequentie, bedoeld in het tweede lid, bedraagt ten minste a. voor sporen waarover reizigerstreinen worden vervoerd en voor de daarin gelegen wissels, kruisingen en beweegbare bruggen: één maal per week; b. voor sporen waarover uitsluitend goederentreinen worden vervoerd: éénmaal per maand; voor de daarin gelegen wissels, kruisingen en beweegbare bruggen: drie maal per maand. 4 Bij elke schouw moet worden gelet zowel op de toestand van de sporen, wissels en kruisingen als op de toestand van de baan, de beweegbare bruggen, de overwegen en seininrichtingen. 5 De bestuurders geven voorschriften omtrent het schouwen van de bovenleiding en de elektrische spoorstaaf-, de aard- en de overige veiligheidsverbindingen.