Rechtspraak Raad van State 2026-01-28
ECLI:NL:RVS:2026:447
202505434/2/R4. Datum uitspraak: 28 januari 2026 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht), hangende het hoger beroep van: Stichting Ontwikkeling en Behoud Erfgoed Soest Soesterberg (SOS), gevestigd in Soest, verzoekster, tegen de uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland van 10 september 2025 in zaak nr. 24/5196 in het geding tussen: SOS en het college van burgemeester en wethouders van Amersfoort. Procesverloop Bij besluit van 19 juni 2024 heeft het college aan Stichting Regionale Ambulance Voorziening Provincie Utrecht (RAVU) een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een bouwwerk en het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan ten behoeve van een ambulancepost aan de Middelhoefseweg, nabij huisnummer 10, in Amersfoort (de locatie). Bij uitspraak van 10 september 2025 heeft de rechtbank het door SOS daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft SOS hoger beroep ingesteld. RAVU heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven. SOS heeft de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter heeft het verzoek op een zitting behandeld op 12 januari 2026, waar SOS, vertegenwoordigd door [gemachtigde A] en [gemachtigde B], en het college via een videoverbinding, vertegenwoordigd door B. Maaijen en W. Verbeek, zijn verschenen. Voorts is op de zitting RAVU via een videoverbinding, vertegenwoordigd door [gemachtigde C] en [gemachtigde D], gehoord. Overwegingen Overgangsrecht inwerkingtreding Omgevingswet 1. Op 1 januari 2024 zijn de Omgevingswet en de Invoeringswet Omgevingswet in werking getreden. Voor de beoordeling van het hoger beroep blijft het recht zoals dat gold vóór 1 januari 2024 van toepassing. Inleiding 2. De locatie ligt aan de oostzijde van de Middelhoefseweg, ten westen van Amersfoort en nabij Soest. De Middelhoefseweg is een doodlopende weg die ongeveer 90 m ten zuiden van de locatie aansluit op de provinciale wegen N199 en N221. De locatie is een vrijwel volledig verhard parkeerterrein. Ingevolge het bestemmingsplan "Birkhoven-Bokkeduinen" (het bestemmingsplan) geldt op de locatie de bestemming "Maatschappelijke doeleinden" met de subbestemming "levensbeschouwelijk en religieuze voorzieningen" en de bestemming "Verblijfsdoeleinden". Binnen deze bestemmingen is een ambulancepost niet toegestaan. De nieuwbouw van de ambulancepost is voorzien buiten het bouwblok dat op de plankaart is aangegeven. Om de ambulancepost op de locatie mogelijk te maken, heeft het college de omgevingsvergunning niet alleen verleend voor de activiteit bouwen, maar ook voor het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met het bestemmingsplan. Het gaat daarbij om een buitenplanse afwijking als bedoeld in artikel 2.12, eerste lid, aanhef en onder a, onder 3˚, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Het besluit van 19 juni 2024 is voorbereid met de uniforme openbare voorbereidingsprocedure. SOS heeft de voorzieningenrechter verzocht om bij wijze van voorlopige voorziening het besluit van 19 juni 2024 te schorsen. De voorzieningenrechter zal hierna de gronden bespreken die SOS aan haar verzoek ten grondslag heeft gelegd. 3. De relevante bepalingen uit de Wabo en het Besluit omgevingsrecht (het Bor) zijn opgenomen in de bijlage die deel uitmaakt van deze uitspraak. Het verzoek 4. Het oordeel van de voorzieningenrechter is een voorlopig oordeel en niet bindend in de bodemprocedure. 5. SOS betoogt dat de rechtbank niet heeft onderkend dat het college de nadelige gevolgen van de ambulancepost voor het Natuurnetwerk Nederland (NNN) had moeten onderzoeken en bij de ruimtelijke afweging had moeten betrekken. SOS beroept zich daarbij op wat in de door haar overgelegde notitie "Second Opinion" van Bodem Natuur Daaruit is gebleken dat die zone vooral in de nachtperiode door dieren wordt benut. Ook zijn opnames gebruikt die zijn gemaakt op het perceel Birkstraat 167 en bij de rioolbuis onder de provinciale weg ten zuiden van de ecologische verbindingszone. Daarnaast zijn reeën waargenomen op het braakliggende terrein ten zuiden van de locatie. Uit die waarnemingen wordt in de notitie SO afgeleid dat de ecologische verbindingszone langs de Middelhoefseweg deel uitmaakt van het leef- en foerageergebied van de das. Verder staat in de notitie SO dat begin juni 2024 broedende huismussen zijn waargenomen op het braakliggende terrein ten zuiden van de locatie. Op een kaartje in de notitie SO is verbeeld dat deze huismussen in het noordwestelijke gedeelte van dat braakliggende terrein zijn waargenomen, nabij de Middelhoefseweg en de locatie. Volgens de notitie SO zullen deze soorten worden verstoord door sirenegeluid en zwaailichten van ambulances op de Middelhoefseweg. 6.2. In de quickscan wordt geconcludeerd dat de beoogde ruimtelijke ingreep niet zal leiden tot overtredingen van verbodsbepalingen in de Wet natuurbescherming. Over jaarrond beschermde nestlocaties staat in de quickscan dat deze bij het veldbezoek niet zijn aangetroffen en dat binnen een straal van 100 m van de locatie geen vastgestelde aanwezigheid van jaarrond beschermde nestlocaties bekend is. Het rapport ‘Akoestisch onderzoek Activiteitenbesluit ambulancepost Amersfoort’ van 11 november 2022 (het geluidrapport), dat evenals de quickscan aan de besluitvorming ten grondslag ligt, vermeldt dat in de nachtperiode van de drukste dag van de week, te weten de donderdag, gemiddeld één ambulance zal uitrijden met sirene. Dat rapport vermeldt ook dat het feitelijk nooit zal voorkomen dat een ambulance al bij vertrek de sirene zal inschakelen. Op de zitting heeft RAVU toegelicht dat ambulances die met spoed uitrukken in de praktijk niet eerder sirene en zwaailicht zullen voeren dan bij de kruising van de Middelhoefseweg met de drukke provinciale wegen. 6.3. Uit de notitie SO blijkt niet wie wat heeft waargenomen ten aanzien van nesten van huismussen op het braakliggende terrein ten zuiden van de locatie. Alleen al daarom geeft de notitie SO de voorzieningenrechter geen aanleiding voor het voorlopig oordeel dat het vermelde in de quickscan over jaarrond beschermde nesten onjuist of onvolledig is. Verder ziet de voorzieningenrechter in wat de notitie SO in algemene zin vermeldt over de waarneming van dassen en reeën in de omgeving van de locatie geen reden om te twijfelen aan de juistheid van wat hiervoor onder 6.2 is vermeld over de quickscan, het geluidrapport en de door RAVU op de zitting gegeven toelichting over het gebruik van de sirene en zwaailicht. SOS heeft daarom niet aannemelijk gemaakt dat het voeren van sirene en zwaailicht met een ambulance op de Middelhoefseweg een handeling is waarvoor de aanhaakplicht geldt of op grond waarvan het college op voorhand redelijkerwijs had moeten inzien dat het wettelijk soortenbeschermingsregime aan de uitvoerbaarheid van een ambulancepost op de locatie in de weg staat. Het betoog geeft geen aanleiding tot het treffen van de gevraagde voorlopige voorziening. Conclusie 7. De voorzieningenrechter wijst het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening af. 8. Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden. Beslissing De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: wijst het verzoek af. Aldus vastgesteld door mr. N.H. van den Biggelaar, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. W.J.C. Robben, griffier. w.g. Van den Biggelaar voorzieningenrechter w.g. Robben griffier Uitgesproken in het openbaar op 28 januari 2026 610 BIJLAGE De Wabo Artikel 2.1 1. Het is verboden zonder omgevingsvergunning een project uit te voeren, voor zover dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit: a. het bouwen van een bouwwerk, […] c. het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met e