Rechtspraak
Raad van State
2025-04-04
ECLI:NL:RVS:2025:1498
Bestuursrecht
Verschoning
452 tokens
Procesverloop
Ten aanzien van zaak nr. 202500213/4/A2, die op 8 april 2025 op zitting zal worden behandeld, heeft staatsraad mr. B.P. Vermeulen (hierna: de staatsraad), die als lid van de meervoudige kamer belast is met de behandeling van deze zaak, op 3 april 2025 het verzoek gedaan zich te mogen verschonen.
Overwegingen
1. Ingevolge artikel 8:19, eerste lid, van de Awb kan op grond van feiten en omstandigheden als bedoeld in artikel 8:15 van de Awb elk van de rechters die een zaak behandelen, verzoeken zich te mogen verschonen.
2. In artikel 8:15 is bepaald dat op verzoek van een partij elk van de rechters die een zaak behandelen, kan worden gewraakt op grond van feiten en omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.
3. De staatsraad heeft te kennen gegeven dat hij bij de voorbereiding van deze zaak heeft geconstateerd dat het college van bestuur van de Radboud Universiteit een van de partijen is. De staatsraad is meer dan 35 jaar aan de faculteit der rechtsgeleerdheid van de Radboud Universiteit verbonden geweest en is nog als emeritus hoogleraar verbonden aan de faculteit. Om iedere schijn van vooringenomenheid bij de behandeling van deze zaak te voorkomen, heeft de staatsraad verzocht zich te mogen verschonen.
4. De Afdeling acht, gezien deze motivering, inwilliging van het verzoek gerechtvaardigd.
5. Gelet op het vorenstaande, wordt het verzoek toegewezen.
Dictum
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek toe.
Aldus vastgesteld door mr. E.A. Minderhoud, voorzitter, en mr. J.H. van Breda en mr. H.J.M. Besselink, leden, in tegenwoordigheid van mr. M.A. Huizer, griffier.
w.g. Minderhoud
voorzitter
w.g. Huizer
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 4 april 2025
987