Rechtspraak
Raad van State
2024-02-16
ECLI:NL:RVS:2024:748
Bestuursrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
456 tokens
=== VOLLEDIG ===
202200360/1/R3.
Datum uitspraak: 16 februari 2024
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:
[appellante], wonend te [woonplaats],
appellante,
en
de raad van de gemeente Alphen aan den Rijn,
verweerder.
Openbare zitting gehouden op 16 februari 2024 om 10:00 uur.
Tegenwoordig:
Staatsraad mr. J.H. van Breda, voorzitter
Griffier: mr. S.M.W. van Ewijk
Verschenen:
[appellante], vertegenwoordigd door [gemachtigden]
De raad, vertegenwoordigd door G. Balki-Eroglo en M.R. Pot.
Het beroep richt zich tegen het besluit van de raad van de gemeente Alphen aan den Rijn van 25 november 2021, waarbij het bestemmingsplan "Inbreidingslocaties Woningbouw Alphen Stad" is vastgesteld.
De Afdeling verklaart het beroep van [appellante] niet-ontvankelijk.
Ten tijde van het instellen van het beroep woonde [appellante] aan de [locatie A] in Alphen aan den Rijn, tegenover één van de locaties waarop het bestemmingsplan ziet. Op de zitting is echter bevestigd dat [appellante] inmiddels is verhuisd naar [woonplaats]. Door de verhuizing heeft [appellante] geen belang meer bij de uitkomst van de procedure.
Op de zitting heeft [een van de gemachtigden], die woont aan de Klompenmaker en vroeger een buurvrouw van [appellante] was, aangegeven dat zij, maar ook meerdere buren, haar beroep steunen. De Afdeling stelt echter vast dat alleen [appellante] beroep heeft ingesteld, zodat alleen haar procesbelang in geding is.
Het beroep van [appellante] is daarom niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van procesbelang. De raad hoeft geen proceskosten te vergoeden.
w.g. Van Breda
lid van de enkelvoudige kamer
w.g. Van Ewijk
griffier
867