Rechtspraak
Raad van State
2024-10-21
ECLI:NL:RVS:2024:4208
Bestuursrecht
Voorlopige voorziening
527 tokens
Inleiding
202203711/4/R4.
Datum uitspraak: 21 oktober 2024
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:
[verzoeker], wonend in Lopik,
verzoeker,
en
de raad van de gemeente Lopik,
verweerder.
Procesverloop
Bij besluit van 7 februari 2023 heeft de raad het bestemmingsplan "Eerste herziening bestemmingsplan Landelijk gebied" (hierna: het bestemmingsplan) vastgesteld.
Tegen dit besluit heeft [verzoeker] beroep ingesteld.
[verzoeker] heeft de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
De raad heeft een verweerschrift ingediend.
[verzoeker] heeft een nader stuk ingediend.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 10 oktober 2024, waar [verzoeker] en de raad, vertegenwoordigd door mr. J. Oosterhof, zijn verschenen.
Overwegingen
1. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.
2. [verzoeker] betoogt dat het bestemmingsplan ook zou moeten zien op de percelen aan de [locatie 1] en [locatie 2] in Lopik. Hij verzoekt de voorzieningenrechter om een voorziening te treffen die daarin voorziet.
3. Het strekt te ver om een voorlopige voorziening te treffen die een plangrens van een bestemmingsplan wijzigt. Het treffen van een andere voorlopige voorziening baat [verzoeker] niet, omdat hij daarmee niet kan bereiken dat voornoemde percelen onder het bestemmingsplan zullen vallen. Het verzoek moet daarom worden afgewezen.
4. De raad hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Dictum
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. B. Meijer, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. V.H.Y. Huijts, griffier.
w.g. Meijer
voorzieningenrechter
w.g. Huijts
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 21 oktober 2024
811