Rechtspraak
Raad van State
2023-08-15
ECLI:NL:RVS:2023:3111
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Voorlopige voorziening
488 tokens
Inleiding
202304367/2/V3.
Datum uitspraak: 15 augustus 2023
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht), met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van die wet, hangende het hoger beroep van:
[vreemdeling 1] en [vreemdeling 2], mede voor hun minderjarige kinderen,
verzoekers,
tegen de uitspraken van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Utrecht, van 6 juli 2023 in zaken nrs. NL23.18045, NL23.18040, NL23.18047, NL23.18048 en NL23.18049 in het geding tussen:
de vreemdelingen
en
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.
Procesverloop
Bij besluiten van 16 juni 2023 heeft de staatssecretaris de vreemdelingen in bewaring gesteld.
Bij uitspraken van 6 juli 2023 heeft de rechtbank de daartegen door de vreemdelingen ingestelde beroepen ongegrond verklaard en de verzoeken om schadevergoeding afgewezen.
Tegen deze uitspraken hebben de vreemdelingen hoger beroep ingesteld. Ook hebben zij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
De vreemdelingen hebben een nader stuk ingediend.
Overwegingen
1. De vreemdelingen hebben de voorzieningenrechter verzocht de maatregelen van bewaring op te heffen. De maatregelen van 16 juni 2023 zijn echter al op 6 juli 2023, voor het indienen van het hogerberoepschrift en verzoek, opgeheven. Daarom wordt het verzoek afgewezen.
2. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Dictum
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. C.M. Wissels, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. D.I. Schipper, griffier.
w.g. Wissels
voorzieningenrechter
w.g. Schipper
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 15 augustus 2023
872