Rechtspraak
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
2026-03-23
ECLI:NL:RBZWB:2026:3296
Civiel recht; Personen- en familierecht
Rekestprocedure
2,819 tokens
Volledig
ECLI:NL:RBZWB:2026:3296 text/xml public 2026-05-04T11:11:51 2026-04-23 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Zeeland-West-Brabant 2026-03-23 C/02/445864 / FA RK 26-1241 Uitspraak Rekestprocedure NL Breda Civiel recht; Personen- en familierecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2026:3296 text/html public 2026-05-04T11:10:58 2026-05-04 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBZWB:2026:3296 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 23-03-2026 / C/02/445864 / FA RK 26-1241 Toewijzing ZM 12 maanden - referte RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Familie- en Jeugdrecht Locatie Breda Zaaknummer: C/02/445864 / FA RK 26-1241 Datum uitspraak: 25 maart 2026 Beschikking zorgmachtiging op het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) voor: [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1971 in [geboorteplaats] , hierna te noemen betrokkene, wonend in [plaats] , advocaat mr. Y. Polko uit Den Haag. 1 Het verloop van de procedure 1.1. De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling: het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 10 maart 2026; mail OM van 13 maart 2026 betreffende instemming referte; mail van de rechtbank aan mr. Polko betreffende nieuwe referteverklaring; de referteverklaring van 12 maart 2026. De nieuwe referteverklaring van 23 maart 2026. 2 Wat vaststaat 2.1. De rechtbank heeft een zorgmachtiging verleend tot en met 14 april 2026. 3 Het verzoek 3.1. De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van twaalf maanden met de volgende vormen van verplichte zorg: - het toedienen van medicatie; - het verrichten van medische controles; - aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen. 4 De beoordeling 4.1. Uit de referteverklaring van betrokkene leidt de rechtbank af dat betrokkene het verzoekschrift heeft besproken met zijn advocaat, dat betrokkene zich niet verzet tegen het verzoek, dat betrokkene afziet van het recht te worden gehoord en zich refereert aan het oordeel van de rechtbank. 4.2. Gelet op de inhoud van de stukken en de referteverklaring acht de rechtbank zich voldoende geïnformeerd om op het verzoek te beslissen. 4.3. De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van twaalf maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt. 4.4. Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling is gebleken dat betrokkene lijdt aan bipolaire- stemmingsstoornissen en persoonlijkheidsstoornissen. 4.5. Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit ernstige financiële schade, ernstige verwaarlozing, maatschappelijke teloorgang en het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag. De rechtbank neemt daarbij in aanmerking dat betrokkene ten tijde van manische decompensatie overmatig geld uitgeeft, waardoor hij in de financiële problemen komt. Daarnaast bestaat het risico dat betrokkene meer alcohol en drugs gaat gebruiken. Indien er sprake is van depressieve episodes bestaat er gevaar voor zelfverwaarlozing en suïcidaliteit. Voorts is sprake van (telefonisch) stalkgedrag waardoor instanties en hulpdiensten overbelast dreigen te geraken. 4.6. Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig. 4.7. Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Het ontbreekt betrokkene aan ziektebesef en ziekte-inzicht. Betrokkene wil geen behandeling en wenst te stoppen met medicatie omdat hij de noodzaak hiervan niet inziet. Daarom is verplichte zorg nodig. 4.8. De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur van oordeel dat aan de voorwaarden voor een machtiging wordt voldaan en dat de verzochte vormen van verplichte zorg nodig zijn. Betrokkene heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank. De rechtbank zal het verzoek dan ook toewijzen conform het verzoek, zoals vermeld onder rechtsoverweging 3.1. 4.9. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving. 4.10. Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal worden verleend voor de verzochte duur van twaalf maanden. 5 De beslissing De rechtbank: 5.1. verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1971 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de maatregelen die in rechtsoverweging 2.1 staan kunnen worden toegepast, te weten: - het toedienen van medicatie; - het verrichten van medische controles; - aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen. 5.2. bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 25 maart 2027. Deze beschikking is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 25 maart 2026 door mr. Jansen, rechter, in aanwezigheid van Vermare, griffier. Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Volledig
ECLI:NL:RBZWB:2026:3296 text/xml public 2026-05-04T11:11:51 2026-04-23 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Zeeland-West-Brabant 2026-03-23 C/02/445864 / FA RK 26-1241 Uitspraak Rekestprocedure NL Breda Civiel recht; Personen- en familierecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2026:3296 text/html public 2026-05-04T11:10:58 2026-05-04 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBZWB:2026:3296 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 23-03-2026 / C/02/445864 / FA RK 26-1241 Toewijzing ZM 12 maanden - referte RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Familie- en Jeugdrecht Locatie Breda Zaaknummer: C/02/445864 / FA RK 26-1241 Datum uitspraak: 25 maart 2026 Beschikking zorgmachtiging op het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) voor: [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1971 in [geboorteplaats] , hierna te noemen betrokkene, wonend in [plaats] , advocaat mr. Y. Polko uit Den Haag. 1 Het verloop van de procedure 1.1. De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling: het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 10 maart 2026; mail OM van 13 maart 2026 betreffende instemming referte; mail van de rechtbank aan mr. Polko betreffende nieuwe referteverklaring; de referteverklaring van 12 maart 2026. De nieuwe referteverklaring van 23 maart 2026. 2 Wat vaststaat 2.1. De rechtbank heeft een zorgmachtiging verleend tot en met 14 april 2026. 3 Het verzoek 3.1. De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van twaalf maanden met de volgende vormen van verplichte zorg: - het toedienen van medicatie; - het verrichten van medische controles; - aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen. 4 De beoordeling 4.1. Uit de referteverklaring van betrokkene leidt de rechtbank af dat betrokkene het verzoekschrift heeft besproken met zijn advocaat, dat betrokkene zich niet verzet tegen het verzoek, dat betrokkene afziet van het recht te worden gehoord en zich refereert aan het oordeel van de rechtbank. 4.2. Gelet op de inhoud van de stukken en de referteverklaring acht de rechtbank zich voldoende geïnformeerd om op het verzoek te beslissen. 4.3. De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van twaalf maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt. 4.4. Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling is gebleken dat betrokkene lijdt aan bipolaire- stemmingsstoornissen en persoonlijkheidsstoornissen. 4.5. Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit ernstige financiële schade, ernstige verwaarlozing, maatschappelijke teloorgang en het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag. De rechtbank neemt daarbij in aanmerking dat betrokkene ten tijde van manische decompensatie overmatig geld uitgeeft, waardoor hij in de financiële problemen komt. Daarnaast bestaat het risico dat betrokkene meer alcohol en drugs gaat gebruiken. Indien er sprake is van depressieve episodes bestaat er gevaar voor zelfverwaarlozing en suïcidaliteit. Voorts is sprake van (telefonisch) stalkgedrag waardoor instanties en hulpdiensten overbelast dreigen te geraken. 4.6. Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig. 4.7. Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Het ontbreekt betrokkene aan ziektebesef en ziekte-inzicht. Betrokkene wil geen behandeling en wenst te stoppen met medicatie omdat hij de noodzaak hiervan niet inziet. Daarom is verplichte zorg nodig. 4.8. De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur van oordeel dat aan de voorwaarden voor een machtiging wordt voldaan en dat de verzochte vormen van verplichte zorg nodig zijn. Betrokkene heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank. De rechtbank zal het verzoek dan ook toewijzen conform het verzoek, zoals vermeld onder rechtsoverweging 3.1. 4.9. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving. 4.10. Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal worden verleend voor de verzochte duur van twaalf maanden. 5 De beslissing De rechtbank: 5.1. verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1971 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de maatregelen die in rechtsoverweging 2.1 staan kunnen worden toegepast, te weten: - het toedienen van medicatie; - het verrichten van medische controles; - aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen. 5.2. bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 25 maart 2027. Deze beschikking is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 25 maart 2026 door mr. Jansen, rechter, in aanwezigheid van Vermare, griffier. Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.