Rechtspraak
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
2026-04-15
ECLI:NL:RBZWB:2026:3064
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Bodemzaak
4,044 tokens
Volledig
ECLI:NL:RBZWB:2026:3064 text/xml public 2026-05-15T10:16:18 2026-04-16 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Zeeland-West-Brabant 2026-04-15 C/02/ 444153/ HA ZA 26-49 (E) Uitspraak Bodemzaak NL Breda Civiel recht; Verbintenissenrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2026:3064 text/html public 2026-05-15T10:16:13 2026-05-15 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBZWB:2026:3064 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 15-04-2026 / C/02/ 444153/ HA ZA 26-49 (E) incident onbevoegheid toegewezen. Algemene voorwaarden, waarin een arbitratebeding is opgenomen, zijn toepasselijk. Reflexwerking n.v.t. Ook het beroep op art. 6:248 BW slaagt niet. RECHTBANK Zeeland-West-Brabant Civiel recht Zittingsplaats Breda Zaaknummer: C/02/444153 / HA ZA 26-49 Vonnis in incident van 15 april 2026 in de zaak van FUN FOREST NETHERLANDS B.V. , te Amstelveen, eisende partij in de hoofdzaak, verwerende partij in het incident, hierna te noemen: Fun Forest, advocaat: mr. J.I. Jansen, tegen DEWI ONLINE B.V. , te Moergestel, gedaagde partij in de hoofdzaak, eisende partij in het incident, hierna te noemen: Dewi, advocaat: mr. C.H.A. van de Wiel. 1 De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: de dagvaarding van 29 december 2025 met producties 1 tot en met 11; de incidentele vordering tot onbevoegdverklaring met producties 1 tot en met 5; de incidentele conclusie van antwoord met productie 12. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald in het incident. 2 De vordering en het verweer in incident 2.1. Dewi vordert dat de rechtbank zich onbevoegd verklaart, omdat in de van toepassing verklaarde NL Digital voorwaarden (hierna: de voorwaarden) een arbitragebeding is opgenomen. Zowel op pagina 6 als 7 van haar offerte wordt uitdrukkelijk verwezen naar de voorwaarden, welke pagina’s van een paraaf door Fun Forest zijn voorzien. De voorwaarden waren ook als bijlage gevoegd bij de offerte, zoals blijkt uit de door Dewi overgelegde schermafbeelding van haar administratie. Ook zijn de voorwaarden eenvoudig toegankelijk op de website van zowel NL Digital als Dewi. Bovendien stelt Dewi dat aan Fun Forest geen beroep toekomt op de artikelen 6:233 en 6:234 Burgerlijk Wetboek (BW) gelet op het bepaalde in artikel 6:235 BW. 2.2. Fun Forest betwist dat de voorwaarden van toepassing zijn, omdat deze geen onderdeel uitmaken van de overeenkomst en niet ter hand zijn gesteld. Fun Forest voert aan dat de offerte vermeld dat alleen de drie - hierna genoemde - als bijlage omschreven documenten onderdeel uitmaken van de overeenkomst: “Bijlage 1: Licentievoorwaarden Bijlage 2: Definities en interpretaties Bijlage 3: Dewi Online Support Plan Basis & Support Plan Plus” Geen van deze documenten, noch de voorwaarden waren bijgesloten. Uit de door Dewi overgelegde schermafbeeldingen kan bovendien niet worden afgeleid dat deze zijn toegezonden aan Fun Forest. Fun Forest heeft vervolgens de vernietiging van de voorwaarden op grond van artikel 6:233 en 6:234 BW ingeroepen. Ook doet Fun Forest een beroep op de reflexwerking van artikel 6:236 onder n BW. Tot slot stelt Fun Forest dat het beroep op het arbitragebeding in strijd is met de redelijkheid en billijkheid. 2.3. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 3 De beoordeling in het incident 3.1. De rechtbank is van oordeel dat zij niet bevoegd is om van het geschil kennis te nemen. Hieronder legt zij uit hoe zij tot dit oordeel is gekomen 3.2. Op grond van artikel 1022 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) verklaart de rechter bij wie een geschil aanhangig is gemaakt waarover een overeenkomst tot arbitrage is gesloten en waaruit voortvloeit dat arbitrage buiten Nederland moet plaatsvinden zich onbevoegd, indien een partij zich voor alle weren op het bestaan van deze overeenkomst beroept, tenzij de overeenkomst ongeldig is onder het op die overeenkomst toepasselijke recht. Artikel 1021 Rv bepaalt dat een overeenkomst tot arbitrage wordt bewezen door een geschrift. Daarvoor is voldoende een geschrift dat in arbitrage voorziet of dat verwijst naar algemene voorwaarden welke in arbitrage voorzien en dat door of namens de wederpartij uitdrukkelijk of stilzwijgend is aanvaard. Toepasselijkheid voorwaarden 3.3. Bij de beantwoording van de vraag of de voorwaarden van toepassing zijn, moet worden gekeken naar de algemene regels met betrekking tot de totstandkoming van overeenkomsten. De hoofdregel van artikel 6:217 BW bepaalt dat daarvoor aanbod en aanvaarding vereist zijn. 3.4. Tussen partijen is niet in geschil dat zij een overeenkomst met elkaar hebben gesloten. In de door Dewi verstrekte offertes is op twee verschillende pagina’s concreet verwezen naar de voorwaarden. De laatste offerte is door Fun Forest aanvaard. Met het aanvaarden van het aanbod van Dewi heeft Fun Forest ook de toepasselijkheid van de door Dewi gehanteerde voorwaarden aanvaard. Door Fun Forest is niet gesteld dat zij bij die aanvaarding aan Dewi heeft aangegeven dat zij niet gebonden wilde zijn aan de voorwaarden, waarnaar door Dewi werd verwezen. Dewi mocht er dus gerechtvaardigd van uit gaan dat de voorwaarden door Fun Forest waren geaccepteerd. Dit betekent dat de voorwaarden van toepassing zijn op de overeenkomst. Vernietiging voorwaarden 3.5. De vraag die de rechtbank vervolgens moet beantwoorden is of Fun Forest op grond van artikel 6:233 aanhef en sub b BW een beroep kan doen op vernietiging van deze voorwaarden, omdat zij niet aan haar ter hand zijn gesteld. Deze vraag beantwoordt de rechtbank ontkennend. De rechtbank sluit zich aan bij de stellingen van Dewi dat artikel 6:235 lid 1 onder a BW daaraan in de weg staat. Voor de toepassing van onderdeel a is niet bepalend of de rechtspersoon publicatieplichtig is, maar slechts of ten tijde van het sluiten van de overeenkomst daadwerkelijk een jaarrekening is openbaar gemaakt. Dat is het geval. 3.6. Het voorgaande betekent dat Fun Forest evenmin een beroep kan doen op vernietiging van het arbitragebeding in de voorwaarden, omdat het beding onredelijk bezwarend zou zijn, zoals bedoeld in artikel 6:233 aanhef en sub a BW. Reflexwerking 3.7. Fun Forest doet een beroep op de reflexwerking van artikel 6:236 onder n BW. In dit artikel is bepaald dat het beding dat voorziet in de beslechting van een geschil door een ander dan de rechter die volgens de wet bevoegd zou zijn, tenzij het de wederpartij een termijn gunt van tenminste een maand nadat de gebruiker zich schriftelijk jegens haar op het beding heeft beroepen, om voor beslechting van het geschil door de volgens de wet bevoegde rechter te kiezen, als onredelijk bezwarend wordt aangemerkt. Deze zogenoemde zwarte lijst is opgenomen ter bescherming van consumenten. Volgens vaste jurisprudentie kan de zwarte lijst ook bij rechtspersonen enige invloed uitoefenen bij de toetsing aan de open norm van artikel 6:233 aanhef en onder a BW in die gevallen waarin de rechtspersoon een met de consumenten vergelijkbare positie inneemt. 3.8. Naar het oordeel van de rechtbank slaagt het beroep op de reflexwerking niet, nu hetgeen Fun Forest heeft aangevoerd onvoldoende is om de conclusie te rechtvaardigen dat zij een met een consument vergelijkbare positie inneemt. Daarbij is mede in aanmerking genomen dat Fun Forest bij het aangaan van de overeenkomst handelde in de uitoefening van haar bedrijf, aangezien de overeenkomst betrekking heeft oplevering van een boekingssysteem waarmee de klanten van Fun Forest eenvoudiger toegangstickets zouden kunnen boeken, en dat Fun Forest in deze procedure bedrijfsschade heeft opgevoerd. Redelijkheid en billijkheid 3.9. Tot slot beroept Fun Forest zich op artikel 6:248 lid 2 BW. Dit artikel bepaalt dat een afspraak tussen partijen niet geldt als die afspraak onder de omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is. Bij het toepassen van deze beperkende werking moet de rechter de specifieke omstandigheden afwegen en terughoudend te werk gaan. Deze terughoudendheid geldt des te meer wanneer het gaat om partijen die professioneel of commercieel handelen.
Volledig
ECLI:NL:RBZWB:2026:3064 text/xml public 2026-05-15T10:16:18 2026-04-16 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Zeeland-West-Brabant 2026-04-15 C/02/ 444153/ HA ZA 26-49 (E) Uitspraak Bodemzaak NL Breda Civiel recht; Verbintenissenrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2026:3064 text/html public 2026-05-15T10:16:13 2026-05-15 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBZWB:2026:3064 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 15-04-2026 / C/02/ 444153/ HA ZA 26-49 (E) incident onbevoegheid toegewezen. Algemene voorwaarden, waarin een arbitratebeding is opgenomen, zijn toepasselijk. Reflexwerking n.v.t. Ook het beroep op art. 6:248 BW slaagt niet. RECHTBANK Zeeland-West-Brabant Civiel recht Zittingsplaats Breda Zaaknummer: C/02/444153 / HA ZA 26-49 Vonnis in incident van 15 april 2026 in de zaak van FUN FOREST NETHERLANDS B.V. , te Amstelveen, eisende partij in de hoofdzaak, verwerende partij in het incident, hierna te noemen: Fun Forest, advocaat: mr. J.I. Jansen, tegen DEWI ONLINE B.V. , te Moergestel, gedaagde partij in de hoofdzaak, eisende partij in het incident, hierna te noemen: Dewi, advocaat: mr. C.H.A. van de Wiel. 1 De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: de dagvaarding van 29 december 2025 met producties 1 tot en met 11; de incidentele vordering tot onbevoegdverklaring met producties 1 tot en met 5; de incidentele conclusie van antwoord met productie 12. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald in het incident. 2 De vordering en het verweer in incident 2.1. Dewi vordert dat de rechtbank zich onbevoegd verklaart, omdat in de van toepassing verklaarde NL Digital voorwaarden (hierna: de voorwaarden) een arbitragebeding is opgenomen. Zowel op pagina 6 als 7 van haar offerte wordt uitdrukkelijk verwezen naar de voorwaarden, welke pagina’s van een paraaf door Fun Forest zijn voorzien. De voorwaarden waren ook als bijlage gevoegd bij de offerte, zoals blijkt uit de door Dewi overgelegde schermafbeelding van haar administratie. Ook zijn de voorwaarden eenvoudig toegankelijk op de website van zowel NL Digital als Dewi. Bovendien stelt Dewi dat aan Fun Forest geen beroep toekomt op de artikelen 6:233 en 6:234 Burgerlijk Wetboek (BW) gelet op het bepaalde in artikel 6:235 BW. 2.2. Fun Forest betwist dat de voorwaarden van toepassing zijn, omdat deze geen onderdeel uitmaken van de overeenkomst en niet ter hand zijn gesteld. Fun Forest voert aan dat de offerte vermeld dat alleen de drie - hierna genoemde - als bijlage omschreven documenten onderdeel uitmaken van de overeenkomst: “Bijlage 1: Licentievoorwaarden Bijlage 2: Definities en interpretaties Bijlage 3: Dewi Online Support Plan Basis & Support Plan Plus” Geen van deze documenten, noch de voorwaarden waren bijgesloten. Uit de door Dewi overgelegde schermafbeeldingen kan bovendien niet worden afgeleid dat deze zijn toegezonden aan Fun Forest. Fun Forest heeft vervolgens de vernietiging van de voorwaarden op grond van artikel 6:233 en 6:234 BW ingeroepen. Ook doet Fun Forest een beroep op de reflexwerking van artikel 6:236 onder n BW. Tot slot stelt Fun Forest dat het beroep op het arbitragebeding in strijd is met de redelijkheid en billijkheid. 2.3. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 3 De beoordeling in het incident 3.1. De rechtbank is van oordeel dat zij niet bevoegd is om van het geschil kennis te nemen. Hieronder legt zij uit hoe zij tot dit oordeel is gekomen 3.2. Op grond van artikel 1022 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) verklaart de rechter bij wie een geschil aanhangig is gemaakt waarover een overeenkomst tot arbitrage is gesloten en waaruit voortvloeit dat arbitrage buiten Nederland moet plaatsvinden zich onbevoegd, indien een partij zich voor alle weren op het bestaan van deze overeenkomst beroept, tenzij de overeenkomst ongeldig is onder het op die overeenkomst toepasselijke recht. Artikel 1021 Rv bepaalt dat een overeenkomst tot arbitrage wordt bewezen door een geschrift. Daarvoor is voldoende een geschrift dat in arbitrage voorziet of dat verwijst naar algemene voorwaarden welke in arbitrage voorzien en dat door of namens de wederpartij uitdrukkelijk of stilzwijgend is aanvaard. Toepasselijkheid voorwaarden 3.3. Bij de beantwoording van de vraag of de voorwaarden van toepassing zijn, moet worden gekeken naar de algemene regels met betrekking tot de totstandkoming van overeenkomsten. De hoofdregel van artikel 6:217 BW bepaalt dat daarvoor aanbod en aanvaarding vereist zijn. 3.4. Tussen partijen is niet in geschil dat zij een overeenkomst met elkaar hebben gesloten. In de door Dewi verstrekte offertes is op twee verschillende pagina’s concreet verwezen naar de voorwaarden. De laatste offerte is door Fun Forest aanvaard. Met het aanvaarden van het aanbod van Dewi heeft Fun Forest ook de toepasselijkheid van de door Dewi gehanteerde voorwaarden aanvaard. Door Fun Forest is niet gesteld dat zij bij die aanvaarding aan Dewi heeft aangegeven dat zij niet gebonden wilde zijn aan de voorwaarden, waarnaar door Dewi werd verwezen. Dewi mocht er dus gerechtvaardigd van uit gaan dat de voorwaarden door Fun Forest waren geaccepteerd. Dit betekent dat de voorwaarden van toepassing zijn op de overeenkomst. Vernietiging voorwaarden 3.5. De vraag die de rechtbank vervolgens moet beantwoorden is of Fun Forest op grond van artikel 6:233 aanhef en sub b BW een beroep kan doen op vernietiging van deze voorwaarden, omdat zij niet aan haar ter hand zijn gesteld. Deze vraag beantwoordt de rechtbank ontkennend. De rechtbank sluit zich aan bij de stellingen van Dewi dat artikel 6:235 lid 1 onder a BW daaraan in de weg staat. Voor de toepassing van onderdeel a is niet bepalend of de rechtspersoon publicatieplichtig is, maar slechts of ten tijde van het sluiten van de overeenkomst daadwerkelijk een jaarrekening is openbaar gemaakt. Dat is het geval. 3.6. Het voorgaande betekent dat Fun Forest evenmin een beroep kan doen op vernietiging van het arbitragebeding in de voorwaarden, omdat het beding onredelijk bezwarend zou zijn, zoals bedoeld in artikel 6:233 aanhef en sub a BW. Reflexwerking 3.7. Fun Forest doet een beroep op de reflexwerking van artikel 6:236 onder n BW. In dit artikel is bepaald dat het beding dat voorziet in de beslechting van een geschil door een ander dan de rechter die volgens de wet bevoegd zou zijn, tenzij het de wederpartij een termijn gunt van tenminste een maand nadat de gebruiker zich schriftelijk jegens haar op het beding heeft beroepen, om voor beslechting van het geschil door de volgens de wet bevoegde rechter te kiezen, als onredelijk bezwarend wordt aangemerkt. Deze zogenoemde zwarte lijst is opgenomen ter bescherming van consumenten. Volgens vaste jurisprudentie kan de zwarte lijst ook bij rechtspersonen enige invloed uitoefenen bij de toetsing aan de open norm van artikel 6:233 aanhef en onder a BW in die gevallen waarin de rechtspersoon een met de consumenten vergelijkbare positie inneemt. 3.8. Naar het oordeel van de rechtbank slaagt het beroep op de reflexwerking niet, nu hetgeen Fun Forest heeft aangevoerd onvoldoende is om de conclusie te rechtvaardigen dat zij een met een consument vergelijkbare positie inneemt. Daarbij is mede in aanmerking genomen dat Fun Forest bij het aangaan van de overeenkomst handelde in de uitoefening van haar bedrijf, aangezien de overeenkomst betrekking heeft oplevering van een boekingssysteem waarmee de klanten van Fun Forest eenvoudiger toegangstickets zouden kunnen boeken, en dat Fun Forest in deze procedure bedrijfsschade heeft opgevoerd. Redelijkheid en billijkheid 3.9. Tot slot beroept Fun Forest zich op artikel 6:248 lid 2 BW. Dit artikel bepaalt dat een afspraak tussen partijen niet geldt als die afspraak onder de omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is. Bij het toepassen van deze beperkende werking moet de rechter de specifieke omstandigheden afwegen en terughoudend te werk gaan. Deze terughoudendheid geldt des te meer wanneer het gaat om partijen die professioneel of commercieel handelen.