Rechtspraak Rechtbank Zeeland-West-Brabant 2026-04-08
ECLI:NL:RBZWB:2026:2739
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Zittingsplaats: Breda Bestuursrecht zaaknummer: BRE 23/3656 WAJONG uitspraak van 8 april 2026 van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [eiseres] , te [woonplaats] , eiseres, gemachtigde: mr. E.W.J.M. Janssens, en de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV; kantoor Breda), verweerder, gemachtigde: mr. H.J.J. Verhoeven, de Staat der Nederlanden (de Minister van Justitie en Veiligheid) (de Staat), verweerder in het verzoek om schadevergoeding. Inleiding 1.1 In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiseres tegen de afwijzing van haar aanvraag om een uitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheids-voorziening jonggehandicapten (Wajong). 1.2 Het UWV heeft de aanvraag met het besluit van 29 november 2021 afgewezen. Met het bestreden besluit van 9 juni 2023 op het bezwaar van eiseres is het UWV bij de afwijzing van de aanvraag gebleven. 1.3 Het UWV heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift. 1.4 De rechtbank heeft het beroep op 26 juni 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigde van eiseres en de gemachtigde van het UWV. Op zitting is het onderzoek gesloten. 1.5 Op 1 juli 2025 heeft de rechtbank het onderzoek heropend om nadere vragen te stellen aan een verzekeringsarts bezwaar & beroep (verzekeringsarts b&b) van het UWV. 1.6 De verzekeringsarts b&b heeft deze vragen in haar rapportage van 15 september 2025 beantwoord. Eiseres heeft hierop met de brief van 30 oktober 2025 gereageerd. 1.7 De rechtbank heeft het onderzoek op 14 januari 2026 gesloten nadat partijen is gevraagd of een tweede zitting gewenst is en partijen hebben laten weten dat daaraan geen behoefte bestaat. De rechtbank heeft de uitspraaktermijn met zes weken verlengd. Beoordeling door de rechtbank 2.1 De rechtbank beoordeelt of het UWV terecht heeft geweigerd een Wajong-uitkering toe te kennen. Zij doet dat onder meer aan de hand van de beroepsgronden van eiseres. De rechtbank komt tot het oordeel dat het UWV dat terecht geweigerd heeft. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft. Wettelijk kader 3. De voor de beoordeling van het beroep belangrijke wet- en regelgeving is te vinden in de bijlage bij deze uitspraak. Totstandkoming van het bestreden besluit 4.1 Eiseres, geboren op [geboortedag] 2003, heeft op 1 juni 2021 een aanvraag gedaan voor een Wajong-uitkering. 4.2 Met het primaire besluit van 29 november 2021 heeft het UWV geweigerd om een Wajong-uitkering toe te kennen. Aan eiseres is meegedeeld dat zij geen arbeidsvermogen heeft, maar dat het UWV verwacht dat zij in de toekomst mogelijk wel arbeidsvermogen kan ontwikkelen. Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen dit besluit. 4.3 Met het bestreden besluit van 9 juni 2023 is het bezwaar van eiseres ongegrond verklaard. Medisch onderzoek 5. Aan het bestreden besluit liggen onderzoeken van een verzekeringsarts en een verzekeringsarts b&b ten grondslag. 5.1 De verzekeringsarts heeft eiseres gezien op het spreekuur, haar psychisch onderzocht, dossieronderzoek verricht en daarbij kennis genomen van diverse medische stukken. De verzekeringsarts b&b heeft gerapporteerd dat er bij eiseres sprake is van een autisme spectrumstoornis (ASS), niet-aangeboren hersenletsel (NAH)/commotio cerebri en post traumatische stressstoornis (PTSS). Als gevolg hiervan heeft eiseres problemen met geheugen en concentratie, overprikkeling, lopen, plannen en vermoeidheid. Daarnaast is er stemmingsproblematiek. Alhoewel er volgens de verzekeringsarts is gebleken van enige cognitieve restgevolgen van het commotiobeeld is niet gebleken van ernstige aandacht- of geheugenstoornissen, verstandelijke problematiek, onbedwingbare gedragsproblematiek of duidelijke problemen in de dagelijkse routinehandelingen. Het functioneren van eiseres is ondanks haar beperkingen naar inschatting van de verzekeringsarts voldoende om ten minste een uur aaneengesloten te functioneren in werk. Dat mee Verder is er geen aanleiding om een ernstige geheugenstoornis aan te nemen gelet op de aandoeningen. Er is geen sprake van een verstandelijke beperking, ernstig onbedwingbaar gedrag of ernstige problemen bij het richten en vasthouden van de aandacht vanwege ziekte. De verminderde duurbelastbaarheid is volgens de verzekeringsarts b&b niet duurzaam. Met therapie zal de energetische beperking verbeteren waardoor eiseres weer ten minste 4 uur per dag belastbaar zal zijn. Er is door de huisarts al gestart met therapie voor de depressieve klachten. Daarnaast blijkt uit het verslag van de ambulant begeleider dat wordt gewerkt aan het omgaan met autisme, onverwachte gebeurtenissen en de conditie. Hierdoor zal de energetische beperking ook verbeteren. De verzekeringsarts b&b heeft in beroep in reactie op de beroepsgronden gesteld geen reden te zien om het standpunt te wijzigen. Eiseres heeft geen nieuwe medische informatie aangeleverd waaruit blijkt dat sprake is van een ernstigere medische situatie/beperkingen. Er is volgens de verzekeringsarts b&b uitgebreid gemotiveerd dat eiseres op medische gronden niet 4 uur per dag belastbaar is maar wel 2 uur per dag en dat zij een uur aaneengesloten kan werken. De aandoeningen van eisers – ASS, NAH en depressie – waren bekend. Ook is volgens de verzekeringsarts b&b uitgebreid gemotiveerd dat de verminderde duurbelastbaarheid niet duurzaam is. Met het verbeteren van de depressieve klachten zullen de energetische beperking en mentale moeheid verminderen. Ook zal met het toenemen van de conditie de energetische beperking verbeteren omdat eiseres mentaal maar ook lichamelijk meer aankan. Dat de ASS en het NAH niet te genezen zijn en ondersteuning vereisen is bekend maar dat is geen reden om aan te nemen dat de belastbaarheid en energetische beperking niet kan verbeteren. Verder is er geen aanleiding om aan te nemen dat eiseres vanwege het NAH en de ASS niet over basale werknemersvaardigheden beschikt. Dat eiseres cognitieve klachten ervaart wordt niet ontkend. Omdat eiseres havoniveau heeft is er geen aanleiding om aan te nemen dat zij niet in staat is om instructies te begrijpen, onthouden en uit te voeren of om afspraken met de werkgever na te komen. Arbeidskundig onderzoek 6. Ook een arbeidsdeskundige en een arbeidsdeskundige b&b hebben onderzoek gedaan. 6.1 De arbeidsdeskundige heeft geconcludeerd dat eiseres geen basale werknemersvaardigheden heeft en geen taak kan uitvoeren. Hij vermeldt verder dat de verzekeringsarts heeft gerapporteerd dat eiseres op dit moment niet 4 uur per dag belastbaar is. Als gevolg hiervan heeft zij geen arbeidsvermogen. Volgens de verzekeringsarts is dat echter niet duurzaam omdat met verdere gerichte behandeling en begeleiding op deelgebieden nog een verbetering van de belastbaarheid kan worden bereikt. Als de belastbaarheid zou toenemen kan eiseres volgens de arbeidsdeskundige mogelijk alsnog 4 uur per dag belastbaar zijn, beschikken over basale werknemersvaardigheden en een taak uitvoeren. 6.2 De arbeidsdeskundige b&b concludeert dat eiseres over basale werknemers-vaardigheden beschikt. Eiseres heeft een beperking ten aanzien van herinneren, richten van de aandacht en communiceren. De problemen met het herinneringsvermogen kunnen worden ondervangen door de inzet van hulpmiddelen en herhaling van instructies. De instructies kunnen stapsgewijs op papier worden gezet zodat eiseres deze kan nalezen, evenals de regels en afspraken. Eiseres heeft havoniveau zodat dit van haar te vergen is. De verzekeringsarts b&b geeft aan dat eiseres een beperking heeft ten aanzien van het langdurig vasthouden van de aandacht maar wel viool kan spelen. Het is dus belangrijk dat eiseres iets doet wat haar interesseert of uitdaagt of er dient sprake te zijn van een activiteit die geen langdurig vasthouden van de aandacht vergt. Het plannen en structuren kunnen worden ondervangen door een enkelvoudige taak waarin er geen noodzaak is om te plannen of structureren. Ten aanzien van de comm 7.5 De verzekeringsarts b&b concludeert ten onrechte dat de energetische beperkingen van eiseres nog zullen verbeteren omdat met de ambulant begeleider wordt gewerkt aan het omgaan met autisme en de lichamelijke conditie. De bedoelde behandeling ziet feitelijk op de dagbesteding waarbij de inzet – zoals reeds gesteld – uitdrukkelijk niet ziet op de verbetering van de belastbaarheid of een toename van bekwaamheden maar op opbouw van dagstructuur. Uit de verklaring van de ambulant begeleider blijkt weliswaar dat geprobeerd wordt de lichamelijke conditie van eiseres te verbeteren maar uit informatie van de hersenstichting en de stichting hersenletsel-uitleg blijkt dat behandeling in geval van NAH-klachten alleen ziet op het beter leren omgaan met de energie, dat de conditie ondanks training per dag zal blijven verschillen en zelfs ondanks dagelijkse lichaamsbeweging nog niet vooruit zal gaan over langere tijd. 7.6 Met betrekking tot de prikkelgevoeligheid heeft eiseres een rapportage van 25 februari 2021 overgelegd. Die rapportage zou volgens eiseres van kinder- en jeugdpsychiater [psychiater] zijn. Hieruit blijkt dat eerder medicamenteuze behandeling heeft plaatsgevonden maar dat die is gestaakt vanwege ernstige bijwerkingen. 7.7 Eiseres verzoekt tot slot aan de rechtbank een deskundige te benoemen en een schadevergoeding voor wettelijke rente en in verband met overschrijding van de redelijke termijn. Juridisch kader 8. Recht op een Wajong-uitkering ontstaat pas indien de betrokkene duurzaam geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie (arbeidsvermogen) heeft. Het UWV moet daarom eerst beoordelen of eiseres voldoet aan tenminste een van de volgende voorwaarden: - eiseres kan geen taak uitvoeren in een arbeidsorganisatie - eiseres beschikt niet over basale werknemersvaardigheden - eiseres kan niet een uur aangesloten werken - eiseres is niet tenminste vier uur per dag belastbaar dan wel twee uur per dag belastbaar en in staat het minimumloon te verdienen. Wordt aan tenminste een van de hiervoor genoemde voorwaarden voldaan dan ontbreekt arbeidsvermogen. Vervolgens moet het UWV dan beoordelen of deze situatie duurzaam is. Bij de beoordeling maakt het UWV gebruik van de Sociaal Medische Beoordeling Arbeidsvermogen (SMBA)-systematiek. Bij deze beoordeling staat de ‘International Classification of Functioning, Disability and Health’ centraal. Voor het toepassen van de SMBA-systematiek heeft het UWV het ‘Compendium Participatiewet’ vastgesteld. Oordeel van de rechtbank 9.1 Partijen zijn verdeeld over de vragen of eiseres basale werknemersvaardigheden heeft, een taak kan verrichten en of het ontbreken van arbeidsvermogen (vanwege het niet 4 uur per dag belastbaar zijn) duurzaam is. De te beoordelen datum is de 18e verjaardag van eiseres, [geboortedag] 2021 (datum in geding). basale werknemersvaardigheden en uitvoeren taak 9.2 Uit het Compendium volgt dat basale werknemersvaardigheden, vaardigheden zijn die onmisbaar en essentieel zijn. Het gaat dan om het begrijpen, onthouden en uitvoeren van instructies en het nakomen van afspraken met de werkgever. Essentieel is of het ontbreken van deze vaardigheden voorkomt uit ziekte of gebrek. Het gaat bij het nakomen van afspraken zowel om het accepteren van gezag als om het accepteren van de regels waar de werknemer zich aan moet houden op last van het gezag. 9.3 Naar het oordeel van de rechtbank hebben de verzekeringsarts b&b en arbeidsdeskundige b&b afdoende gemotiveerd dat eiseres over basale werknemers-vaardigheden beschikt. Zij hebben daarbij kunnen betrekken dat eiseres havoniveau heeft en er daarom geen reden is om aan te nemen dat zij niet in staat is om instructies te begrijpen, onthouden en uit te voeren of om afspraken met de werkgever na te komen. De arbeidsdeskundige b&b heeft een enkelvoudige taak, zoals de taak scannen – waarin er geen noodzaak is om te plannen of structureren, zonder langdurig vasthouden van de aandacht of contacten met onbekenden, op een min of meer afgescheiden Wanneer betrokkene naar het oordeel van de verzekeringsarts minder dan 4 uur aaneengesloten belastbaar is behoort de verzekeringsarts eveneens te beoordelen of binnen de 24-uurscyclus een zodanige recuperatie mogelijk is dat betrokkene na recuperatie nog enige tijd aaneen belastbaar is (bijvoorbeeld: 2 uur belastbaar – recuperatieperiode – 2 uur belastbaar). 9.7 De verzekeringsartsen hebben geconcludeerd dat door de toegenomen psychische/ depressieve klachten in september 2021, naast de klachten van ASS en NAH, de energetische beperking ernstiger is waardoor er een tijdelijke noodzaak is voor meer recuperatietijd en 4 uur per dag werken tijdelijk niet haalbaar is voor eiseres. Met therapie zal de energetische beperking echter verbeteren waardoor eiseres weer ten minste 4 uur per dag belastbaar zal zijn. Zo kan met behandeling en begeleiding verbetering en herstel van de depressieve problematiek worden bereikt en kan voor de ASS-problematiek met adequate, gespecialiseerde begeleiding de vaardigheden (plannen, structureren, prioritering en sociaal functioneren) worden ontwikkeld dan wel kan geleerd worden de ASS-beperkingen beter te hanteren. Eiseres heeft gesteld dat al op grond van haar duurzame beperkingen vanwege de ASS en het NAH sprake is van een situatie dat een belasting van 4 uur per dag niet mogelijk is. Indien deze stelling van eiseres juist zou zijn, dan ontbreekt het arbeidsvermogen duurzaam. Indien dit niet juist is, en alleen vanwege de bijkomende depressie tijdelijk geen belasting van 4 uur mogelijk is (zoals het UWV stelt), wordt toegekomen aan de vraag of er behandeling mogelijk is die kan leiden tot belastbaarheid van 4 uur per dag. Als die vraag bevestigend wordt beantwoord, ontbreekt het arbeidsvermogen (nog) niet duurzaam. Indien die vraag ontkennend wordt beantwoord, is sprake van het duurzaam ontbreken van arbeidsvermogen. 9.8 In beroep heeft de rechtbank het UWV gevraagd om nader te motiveren waarom eiseres alleen vanwege de depressieve klachten tijdelijk niet 4 uur per dag belastbaar is en waarom de (energetische) beperkingen vanuit de ASS en het NAH niet ook al tot die conclusie leiden, en (als eiseres met alleen de ASS en het NAH 4 uur per dag belastbaar is) welke specifieke behandelmogelijkheden er bestaan voor de psychische klachten. De verzekeringsarts b&b heeft op deze vragen geantwoord dat eiseres bekend is met ASS en NAH en dat dat gepaard gaat met een energetische beperking. Van een zeer ernstige energetische beperking is geen sprake. Het diagnostiekverslag uit 2020, waarin extreme vermoeidheid/energetische beperking benoemd wordt, is van ruim een jaar voor datum in geding. Uit de rapportage van de primaire verzekeringsarts blijkt dat na 2020 sprake was van verbetering van de klachten. In de loop van 2020 en 2021 heeft behandeling (traumatherapie en medicatie) plaatsgevonden waarna de klachten gaandeweg zijn verminderd en ook het slapen beter ging, waarbij zelfs het ondersteunend gebruik van medicatie werd afgebouwd en gestopt. Ook blijkt dat eiseres vanaf eind mei 2021 naar dagbesteding gaat. Vanwege de toegenomen depressieve klachten vanaf september 2021 is het aannemelijk dat eiseres energetisch minder belastbaar is, waardoor zij tijdelijk niet 4 uur per dag belastbaar is. De verzekeringsarts b&b achtte eiseres wel 2 uur per dag belastbaar, omdat zij, ondanks de depressieve klachten, in staat was om meerdere dagen per week op de fiets naar de dagbesteding te gaan en een half uur tot anderhalf uur daarna weer activiteiten te ondernemen.Uit de rapportage van de primaire verzekeringsarts blijkt verder dat de huisarts weer is gestart met antidepressiva vanwege toegenomen depressieve klachten in september 2021. In 2020/2021 heeft eiseres ook antidepressiva (sertraline) gekregen, naast traumatherapie, wat een positief effect had. De klachten verbeterden waardoor de medicatie werd afgebouwd en gestopt. De verzekeringsarts b&b stelt dan ook dat met het verbeteren van de depressieve klachten eiseres schadevergoeding vanwege overschrijding redelijke termijn 10.1 Eiseres heeft verzocht om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM). 10.2 In procedures als deze mag de behandeling van het bezwaar ten hoogste een half jaar en de behandeling van het beroep bij de rechtbank ten hoogste anderhalf jaar duren. Doorgaans zal geen sprake zijn van een overschrijding van de redelijke termijn, indien de fase van bezwaar en beroep gezamenlijk niet langer dan twee jaar heeft geduurd. Er kunnen bijzondere omstandigheden zijn op grond waarvan een andere termijn dan twee jaar geldt. Van dergelijke omstandigheden is in dit geval niet gebleken. 10.3 Het bezwaarschrift van eiseres is door het UWV ontvangen op 28 december 2021. Vanaf de datum van de ontvangst van het bezwaarschrift door het UWV tot de datum van deze uitspraak is circa 4 jaar en 3 maanden verstreken. De redelijke termijn is dus met 2 jaar en 3 maanden (27 maanden) overschreden. 10.4 In beginsel is een vergoeding gepast van € 500,- per half jaar of een gedeelte daarvan waarmee de redelijke termijn is overschreden. Dit leidt tot een schadevergoeding van € 2.500,--. Omdat de bezwaarfase (afgerond) 18 maanden heeft geduurd en daarmee 12 maanden te lang, komt 12/27 deel (dus € 1.111,--) voor rekening van het UWV en de rest (€ 1.389,--) voor rekening van de Staat. De rechtbank merkt de Staat (de minister van Justitie en Veiligheid) in zoverre mede aan als partij in dit geding. Conclusie en gevolgen 11.1 Het beroep is gegrond omdat het UWV pas in beroep voldoende heeft toegelicht dat niet uitgesloten is dat op termijn bij eiseres arbeidsvermogen zal kunnen ontstaan. De rechtbank vernietigt daarom het bestreden besluit wegens een motiveringsgebrek. De rechtbank laat met toepassing van artikel 8:72, derde lid, aanhef en onder a, van de Algemene wet bestuursrecht de rechtsgevolgen van het bestreden besluit in stand. Het UWV heeft namelijk terecht geweigerd aan eiseres een Wajong-uitkering toe te kennen. Dit betekent dat er inhoudelijk niets verandert. 11.2 Omdat het beroep gegrond is moet het UWV het griffierecht aan eiseres vergoeden en krijgt eiseres een vergoeding voor haar proceskosten. Het UWV moet de proceskostenvergoeding betalen. De vergoeding is met toepassing van het Besluit proceskosten bestuursrecht als volgt berekend. Voor de rechtsbijstand door een gemachtigde krijgt eiseres een vast bedrag per proceshandeling. De gemachtigde heeft een beroepschrift ingediend (1 punt), heeft aan de zitting van de rechtbank deelgenomen (1 punt) en heeft een schriftelijk reactie ingediend op de nadere rapportage van de verzekeringsarts b&b (0,5 punt). In beroep heeft elke proceshandeling een waarde van € 934,-. Omdat de zaak een gemiddeld gewicht heeft, is op deze waarde de factor 1 toegepast. Het UWV en de Staat zullen ook elk voor de helft worden veroordeeld in de proceskosten van eiseres voor verleende rechtsbijstand in verband met het verzoek om schadevergoeding. Die kosten worden begroot op een bedrag van € 226,75 (1 punt voor het indienen van het schadeverzoek met een wegingsfactor van 0,25 ). De betreffende kosten komen daarmee ten laste van het UWV voor een bedrag van € 113,37 en ten laste van de Staat voor een bedrag van € 113,38. De rechtbank stelt de proceskostenvergoeding vast op totaal € 2.448,37. Beslissing De rechtbank: verklaart het beroep gegrond; vernietigt het bestreden besluit; bepaalt dat de rechtsgevolgen van het vernietigde bestreden besluit in stand blijven; bepaalt dat het UWV het griffierecht van € 50,- aan eiseres moet vergoeden; veroordeelt het UWV tot betaling aan eiseres van een vergoeding van schade wegens overschrijding van de redelijke termijn van € 1.111,--; veroordeelt het UWV tot betaling van € 2.448,37 aan proceskosten aan eiseres; veroordeelt de Staat tot betaling aan eiseres van een vergoeding van schade w