Rechtspraak
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
2026-03-03
ECLI:NL:RBZWB:2026:2529
Civiel recht; Personen- en familierecht
Rekestprocedure
896 tokens
=== VOLLEDIG ===
ECLI:NL:RBZWB:2026:2529 text/xml public 2026-04-10T15:07:32 2026-04-03 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Zeeland-West-Brabant 2026-03-03 C/02/444951/ JE RK 26-248 Uitspraak Rekestprocedure NL Breda Civiel recht; Personen- en familierecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2026:2529 text/html public 2026-04-07T12:24:46 2026-04-10 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBZWB:2026:2529 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 03-03-2026 / C/02/444951/ JE RK 26-248 Herstelbeschikking ivm te korte periode opgenomen in beslissing gesloten jeugdhulp RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Familie- en Jeugdrecht Locatie Breda Zaaknummer: C/02/444951/ JE RK 26-248 Datum uitspraak: 3 maart 2026 herstelbeschikking in de zaak van de gecertificeerde instelling STICHTING JEUGDBESCHERMING BRABANT , locatie Etten-Leur, hierna te noemen: de GI, over de minderjarige [minderjarige] , geboren op [geboortedag] 2009 in [geboorteplaats] , hierna te noemen: [minderjarige] , advocaat: Z. Yeral te Roosendaal. De kinderrechter merkt in deze zaak als belanghebbenden aan: [minderjarige] , voornoemd, [de moeder] , hierna te noemen: de moeder, wonende op een bij de rechtbank bekend adres, advocaat mr. F. Pool te Rotterdam. De kinderrechter merkt als informant aan: [de vader] , hierna te noemen de vader, wonende in [woonplaats] . Op grond van artikel 810 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) heeft de Raad voor de Kinderbescherming, regio Zuidwest Nederland, locatie Breda, hierna te noemen: de Raad, de rechtbank over het verzoek geadviseerd.. 1 Het verzoek 1.1 Op 26 februari 2026 is ter griffie binnengekomen een bericht van de GI, waarin de kinderrechter is verzocht om herstel van de op 26 februari 2026 in deze zaak op schrift gestelde beslissing, in die zin dat de periode van de machtiging gesloten jeugdhulp in de beslissing niet goed is opgenomen en met het verzoek de verlening van de machtiging daarom in te laten gaan van 18 februari 2026 tot 18 mei 2026. 2 De beoordeling 2.1 Gebleken is dat de door de kinderrechter in deze zaak gegeven beschikking een kennelijke fout bevat. 2.2 In de beschikking van 12 februari 2026, op schrift gesteld op 26 februari 2026, is in de beoordeling in rechtsoverweging 6.3 opgenomen dat de gesloten plaatsing voor de duur van drie maanden wordt toegewezen, terwijl in de beslissing in rechtsoverweging 7.1 abusievelijk staat opgenomen dat de machtiging gesloten jeugdhulp wordt verleend van 18 februari 2026 tot 18 april 2026 hetgeen slechts twee maanden betreft. De correcte periode had dan ook moeten zijn van 18 februari 2026 tot 18 mei 2026. De kinderrechter is van oordeel dat deze kennelijke fout daarom voor eenvoudig herstel vatbaar is en zal overgaan tot herstel van die beschikking, zonder de overige betrokkenen daaraan voorafgaand in de gelegenheid te stellen zich daarover uit te laten. 2.3 Het verzoek zal dan ook worden toewezen als volgt. 3 De beslissing De kinderrechter: 3.1 verbetert voormelde beschikking van 12 februari 2026, zodanig dat rechtsoverweging 7.1. als volgt komt te luiden: 7.1. verleent een machtiging gesloten jeugdhulp van [minderjarige] met ingang van 18 februari 2026 tot uiterlijk 18 mei 2026. Deze beschikking is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 3 maart 2026 door mr. Van Leuven, kinderrechter, in aanwezigheid van mr. Joosen als griffier. Mededeling van de griffier : Tegen deze beschikking staat geen hoger beroep open. Deze beschikking brengt geen wijziging in de mogelijkheden en/of de termijn van hoger beroep tegen de beschikking die thans is verbeterd.