Rechtspraak
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
2026-02-24
ECLI:NL:RBZWB:2026:2268
Civiel recht
Rekestprocedure
703 tokens
=== VOLLEDIG ===
ECLI:NL:RBZWB:2026:2268 text/xml public 2026-03-27T11:23:36 2026-03-27 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Zeeland-West-Brabant 2026-02-24 C/02/443997 / FA RK 26-231 Uitspraak Rekestprocedure NL Middelburg Civiel recht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2026:2268 text/html public 2026-03-27T10:14:35 2026-03-27 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBZWB:2026:2268 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 24-02-2026 / C/02/443997 / FA RK 26-231 Opname ouderschapsplan RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Familie- en Jeugdrecht Locatie Middelburg Zaaknummer: C/02/443997 / FA RK 26-231 Datum uitspraak: 24 februari 2026 Beschikking opname ouderschapsplan in de zaak van [de vrouw] , hierna te noemen de vrouw, wonend in [woonplaats 1] , advocaat mr. E. Sijnesael uit Middelburg, en [de man] , hierna te noemen de man, wonend in [woonplaats 2] , advocaat mr. E. Sijnesael uit Middelburg. 1 Het verloop van de procedure 1.1. De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling: - het verzoekschrift van partijen, ontvangen op 5 januari 2026. 1.2. Een zitting heeft niet plaatsgevonden. 2 Wat vaststaat 2.1. Het minderjarige kind van partijen is [minderjarige] , geboren op [geboortedag] 2023 in [geboorteplaats] . Het kind woont bij de vrouw. 2.2. De man heeft het kind erkend. 2.3. Partijen hebben samen het gezag over het kind. 3 De beoordeling Opname van het ouderschapsplan 3.1. Partijen hebben onderling regelingen getroffen die zijn vermeld in een ouderschapsplan. Gelet op het hierna volgende zal de rechtbank, conform het verzoek, bepalen dat het ouderschapsplan deel uitmaakt van deze beschikking. Uitvoerbaar bij voorraad 3.2. Partijen verzoeken de rechtbank de beschikking voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad te verklaren. Dat betekent dat deze blijft gelden, ook als iemand het er niet mee eens is en in hoger beroep gaat. De rechtbank wijst dit verzoek toe. 4 De beslissing De rechtbank: 4.1. bepaalt dat de onderling getroffen regelingen in het ouderschapsplan als in de beschikking opgenomen moeten worden beschouwd onder verwijzing naar de als bijlage ingevoegde scan van het ouderschapsplan ondertekend op 3 december 2025 en 4 december 2025. Deze beschikking is gegeven door mr. Hendriks, (kinder)rechter en in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van mr. Duerink-Bottinga, griffier op 24 februari 2026. Tegen de eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen: - degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak; - andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.