Rechtspraak
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
2026-02-18
ECLI:NL:RBZWB:2026:2068
Civiel recht; Personen- en familierecht
Rekestprocedure
2,021 tokens
=== VOLLEDIG ===
ECLI:NL:RBZWB:2026:2068 text/xml public 2026-03-27T08:10:35 2026-03-21 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Zeeland-West-Brabant 2026-02-18 C/02/444704 / FA RK 26-601 Uitspraak Rekestprocedure NL Middelburg Civiel recht; Personen- en familierecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2026:2068 text/html public 2026-03-27T08:10:04 2026-03-27 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBZWB:2026:2068 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 18-02-2026 / C/02/444704 / FA RK 26-601 WVGGZ- ZM RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Familie- en Jeugdrecht Locatie Middelburg Zaaknummer: C/02/444704 / FA RK 26-601 Datum uitspraak: 18 februari 2026 Beschikking zorgmachtiging op het verzoek van de officier van justitie voor [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1993 in [geboorteplaats] , hierna te noemen betrokkene, wonend in [plaats 1] , momenteel verblijvend bij [accommodatie] te [plaats 2] , advocaat mr. C.E.J.E. Kouijzer uit Middelburg. 1 Het verloop van de procedure 1.1. De rechtbank neemt het volgende stuk mee in de beoordeling: - het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 4 februari 2026. 1.2. De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 18 februari 2026. Daarbij zijn gehoord: betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat; de heer [persoon 1] , regiebehandelaar; de heer [persoon 2] , basisarts. Aanwezig, maar niet gehoord is: - de heer [persoon 3] , begeleider van de groep. 2 Het verzoek 2.1. De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van twaalf maanden. 3 De standpunten 3.1. Betrokkene stelt dat het naar omstandigheden goed met hem gaat. Soms heeft hij momenten waarop hij terugvalt in alcoholgebruik en hij vindt het jammer dat hij niet kan varen. Hij zou graag een zelfbindingsverklaring willen, maar momenteel vindt het FACT het nog te vroeg. Ook wordt er gezegd dat hij wilsonbekwaam is. Dit stuit hem tegen de borst, want hij heeft niet lang geleden nog een week aan boord gewerkt en dit ging goed. Betrokkene kan niet meer terecht bij zijn vorige begeleid wonen woning, maar hij is al gaan kijken bij een nieuwe begeleid wonen woning. Hier kan betrokkene zelfstandig leven. Betrokkene herkent zichzelf niet in het ziektebeeld en vindt een zorgmachtiging dan ook niet nodig. Hij zou het liefst op vrijwillige basis meewerken aan de hulpverlening, maar hij vindt het ook goed als er een zelfbindingsverklaring kan worden opgesteld. 3.2. Door de advocaat is gesteld dat er sprake is van een psychische stoornis. Echter is de zorgmachtiging in het afgelopen half jaar niet gebruikt. Betrokkene werkt vrijwillig mee aan zijn behandeling. Wat momenteel als ernstig nadeel wordt benoemd, is gedateerd. Betrokkene ziet de zorgmachtiging niet als stok achter de deur. Betrokkene wil dan ook het liefst in het vrijwillig kader behandeld worden. Het vorige verzoek tot een zorgmachtiging was te laat ingediend, maar toen heeft betrokkene ook vrijwillig meegewerkt aan zijn behandeling. Primair wordt er dan ook verzocht om het verzoek af te wijzen. Subsidiair wordt verzocht het verzoek toe te wijzen zonder het uitoefenen van toezicht op betrokkene als vorm van verplichte zorg. Hiernaast wordt verzocht het verzoek toe te wijzen voor een kortere termijn. 3.3. Door de regiebehandelaar is gesteld dat betrokkene het goed doet op de structuur op de groep. Er zijn soms kleine incidenten, maar op het moment dat hij hier kordaat in wordt begrenst in het kader van de zorgmachtiging, is het goed op te lossen. Echter kunnen dit soort kleine incidenten buiten een opnameafdeling snel escaleren. Hier zit de vrees van het FACT. Er is geprobeerd toe te werken naar een zelfbindingsverklaring, maar betrokkene wordt momenteel wilsonbekwaam geacht. Een zorgmachtiging is dan ook nog noodzakelijk, zodat er kan worden toegewerkt naar begeleid wonen met ondersteuning vanuit het FACT. Deze zorgmachtiging is dan ook op de toekomst gericht. Voor wat betreft de vormen van verplichte zorg zijn alle verzochte vormen noodzakelijk, behalve het uitoefenen van toezicht op betrokkene. Er moeten op het vlak van ziekte-inzicht stappen gezet worden, wil er overgegaan kunnen worden op hulpverlening in het vrijwillig kader. 3.4. Door de basisarts is gesteld dat het goed gaat met betrokkene op de groep. Laatst heeft betrokkene wel agressie op straat laten zien. Betrokkene heeft een blauw oog opgelopen, maar het is onduidelijk wat er toen is gebeurd. 4 De beoordeling 4.1. De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van zes maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt. 4.2. De rechtbank is van oordeel dat betrokkene lijdt aan psychische stoornissen. Betrokkene heeft namelijk schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen, middelgerelateerde en verslavingsstoornissen en andere problemen die een reden voor zorg kunnen zijn. 4.3. Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit: - ernstig lichamelijk letsel; - ernstige psychische schade; - ernstige materiële schade; - maatschappelijke teloorgang; - het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag; - gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen. 4.4. Gebleken is dat betrokkene zich in perioden van psychotische ontregeling terugtrekt, in zichzelf gekeerd raakt en overzicht verliest. In het verleden leidde dit tot maatschappelijke disfunctie, verlies van dagbesteding en werk, verwaarlozing van de zelfzorg en toename van middelengebruik. Ook was er sprake van risicovol en roekeloos gedrag, waaronder rijden onder invloed, met gevaar voor betrokkene en derden. Tijdens een acute psychose laat betrokkene hiernaast dreigend en verbaal en fysiek agressief gedrag zien. Hij vertoont dan oninvoelbaar, onberekenbaar, dreigend en geagiteerd gedrag, maakt spullen kapot en zorgt voor angst bij anderen. Pogingen tot afbouw van antipsychotische medicatie, op verzoek van betrokkene in verband met bijwerkingen, leidden herhaaldelijk tot een duidelijke verslechtering van het psychisch functioneren. Hierbij ontstonden psychotische ontregeling, achterdocht, toename van stemmen, ernstige desorganisatie van het denken en risicogedrag zoals alcoholgebruik en gokken. 4.5. Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig. 4.6. Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Het ziektebesef en ziekte-inzicht van betrokkene zijn beperkt. Hij accepteert zijn medicatie op dit moment, maar hij ziet niet of onvoldoende de noodzaak van het gebruik van medicatie om een terugval in psychose en daarmee ook het ernstig nadeel te voorkomen. Er is enige toename in ziektebesef, maar het ziekte-inzicht is nog te fragiel voor behandeling en begeleiding in een vrijwillig kader. Betrokkene verzet zich tegen de zorgmachtiging, omdat hij daardoor geen lange periodes varen zoals hij zou willen. Daarom is verplichte zorg nodig. 4.7. De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn: - het toedienen van medicatie; - het verrichten van medische controles; - het beperken van de bewegingsvrijheid; - onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen; - aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten; - opnemen in een accommodatie. 4.8. De overige door de officier verzochte vorm van verplichte zorg wordt door de rechtbank niet noodzakelijk geacht, omdat de noodzakelijkheid daarvan niet (afdoende) is gemotiveerd en de regiebehandelaar tijdens de mondelinge behandeling heeft verklaard dat deze niet nodig is om het ernstig nadeel af te wenden. 4.9. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief.