Rechtspraak
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
2026-02-17
ECLI:NL:RBZWB:2026:2021
Civiel recht; Personen- en familierecht
Rekestprocedure
2,046 tokens
=== VOLLEDIG ===
ECLI:NL:RBZWB:2026:2021 text/xml public 2026-03-25T16:06:26 2026-03-20 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Zeeland-West-Brabant 2026-02-17 C/02/444138 / JE RK 26-95 Uitspraak Rekestprocedure NL Breda Civiel recht; Personen- en familierecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2026:2021 text/html public 2026-03-25T08:22:06 2026-03-25 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBZWB:2026:2021 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 17-02-2026 / C/02/444138 / JE RK 26-95 Toch verzoek verlenging ondertoezichtstelling na recent besluit tot afsluiting. Vader heeft een terugval in middelengebruik gehad waardoor de co-ouderschapsregeling is teruggedraaid. RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Familie- en Jeugdrecht Locatie Breda Zaaknummer: C/02/444138 / JE RK 26-95 Datum uitspraak: 17 februari 2026 Beschikking van de kinderrechter over een verlenging ondertoezichtstelling in de zaak van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Brabant , gevestigd te Tilburg, hierna te noemen de GI, over [minderjarige] , geboren op [geboortedag] 2015 in [geboorteplaats] , hierna te noemen [minderjarige] . De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan: [de moeder] , hierna te noemen de moeder, wonende in [woonplaats 1] , advocaat mr. J.A.M. van Weely uit Waalwijk, [de vader] , hierna te noemen de vader, wonende in [woonplaats 2] . 1 Het verloop van de procedure 1.1. De kinderrechter neemt mee in de beoordeling het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 16 januari 2026. 1.2. De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 17 februari 2026. Daarbij waren aanwezig: - de vader; - de advocaat van de moeder; - een vertegenwoordiger van de GI. De moeder zou op haar verzoek digitaal bij de zitting aansluiten maar de moeder is niet online verschenen. De online verbinding heeft gedurende de hele zitting open gestaan. De advocaat van de moeder heeft vergeefs geprobeerd telefonisch contact met de moeder te krijgen. De kinderrechter stelt vast dat de moeder wel juist is opgeroepen. 1.3. De kinderrechter heeft [minderjarige] naar zijn mening gevraagd. [minderjarige] heeft geen mening gegeven. 2 De feiten 2.1. De vader en de moeder zijn belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige] . 2.2. [minderjarige] woont bij zijn moeder. 2.3. De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 22 augustus 2025 de ondertoezichtstelling van [minderjarige] verlengd met ingang van 24 augustus 2025 tot 24 februari 2026. 3 Het verzoek 3.1. De GI verzoekt de ondertoezichtstelling van [minderjarige] te verlengen voor de duur van een jaar en de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren. 4 De standpunten 4.1. In het verzoekschrift is het verzoek en het standpunt van de GI toegelicht. Tijdens de zitting is namens de GI, samengevat, verklaard dat de terugval van de vader onverwachts was, ondanks dat dit bij iemand met een verslaving reëel is. De terugval van de vader wil echter niet zeggen dat hij geen goede vader is. Hij werkt goed mee met de hulpverlening. Aandachtspunt is wel dat de communicatie tussen de ouders verliep via de partner van de vader. Nu die communicatie door het verbreken van de relatie van de vader is weggevallen moet onderzocht worden hoe de communicatie tussen ouders vorm moet krijgen. De GI verwacht dat een verlenging voor de duur van twaalf maanden noodzakelijk is. De komende vier maanden zal rust worden ingebouwd en zal worden bekeken hoe de situatie zich ontwikkelt. Zo moet de vader nog verhuizen naar eigen woonruimte en wordt gekeken of co-ouderschap haalbaar is. De eerder gestelde doelen kunnen gehandhaafd blijven. Hoewel [minderjarige] veel heeft meegekregen van wat er is gebeurd, ontwikkelt hij zich goed. De moeder heeft het nu heel zwaar. Zij heeft de zorg over meerdere kinderen waarvan één kind meer dan gemiddeld zorg nodig heeft. Wel heeft moeder een netwerk en hulpverlening om zich heen. Van belang is dat gekeken wordt hoe de moeder zo goed mogelijk ondersteund kan worden. 4.2. Door de vader is samengevat naar voren gebracht dat het nu goed met hem gaat. Hij is nuchter en doet er alles aan om niet terug te vallen. Hij heeft een tijdelijke woonplek, behandeling, traumatherapie en hij werkt. Hij ziet [minderjarige] om het weekend en op dinsdag. Er is wel besloten om het co-ouderschap op een lager pitje te zetten. Zodra de vader een eigen woning heeft kan hij een kamer voor [minderjarige] inrichten en kan [minderjarige] weer bij hem komen. Er is dagelijks contact met een medewerker van de gemeente. Het contact met de moeder verliep via zijn ex-partner. Vanwege het gebeurde met de moeder in het verleden was dat prettig. De vader hoopt dat hij via e-mail contact met de moeder kan hebben en zaken kort en krachtig kan delen. Er is ook contact via de hulpverlening van [hulpverlening] . De vader is het eens met het verzoek. Hij heeft een terugval gehad en hoewel hij dat niet wil, weet hij dat het nog een keer kan gebeuren. Er is al jaren een co-ouderschap en dat is altijd goed gegaan. De vader stemt ook in met de verzochte duur van een jaar. Hij vindt het rot voor [minderjarige] dat hij een terugval heeft gehad. Hij kan dit niet terugdraaien maar doet er alles aan om er weer bovenop te komen. Een jaar is fijn om zijn leven weer op de rit te krijgen en dingen te verwerken. De vader geeft aan dat hij zich niet realiseerde dat de moeder het nu erg zwaar heeft. In het verleden heeft hij de moeder ook geholpen door [minderjarige] op te vangen. Daartoe is hij nu ook bereid. 4.3. Namens de moeder heeft haar advocaat aangevoerd dat de moeder blij was dat de ondertoezichtstelling zou worden afgerond. Wel had zij de nodige zorg over de relatie met de vader. Van belang is om te volgen hoe de vader zaken oppakt en of hij in staat is met de moeder te communiceren. [minderjarige] heeft al veel meegemaakt. Er zijn nog zorgen over een mogelijk loyaliteitsconflict waarin [minderjarige] dreigt te belanden en de invloed daarvan op zijn ontwikkeling. Deze zorgen zijn in voormelde beschikking van 22 augustus 2026 ook benoemd. De vader moet aan zichzelf werken. Wanneer het niet goed gaat met de vader is [minderjarige] daarvan de dupe en wordt de moeder belast. Het is goed dat de hulpverlening voortvarend is opgepakt. De moeder meent dat een verlenging voor de duur van twaalf maanden erg lang is voor [minderjarige] . Zij verzoekt dan ook het verzoek voor een kortere periode toe te wijzen en na zes of negen maanden een toetsmoment te laten plaatsvinden, zodat kan worden bezien welke stappen er dan gezet zijn en welke stappen nog te nemen zijn om toe te werken naar het einde van de ondertoezichtstelling. De moeder weet niet hoe de vader op de hulpverlening gaat reageren en of de communicatie tussen haar de vader gaat lopen. De intenties van de vader zijn goed maar nog onduidelijk is hoe deze uitpakken. De moeder heeft het nu zwaar in de zorg voor haar kinderen. Het zou goed zijn als de vader haar daarin zou kunnen ontlasten. 5 De beoordeling 5.1. De kinderrechter is van oordeel dat aan de voorwaarden voor een verlenging van de ondertoezichtstelling is voldaan. De kinderrechter legt hieronder uit waarom. 5.2. De ontwikkeling van [minderjarige] wordt nog steeds ernstig bedreigd. Aanvankelijk was er sprake van positieve ontwikkelingen. Er was een co-ouderschapsregeling en er was een vorm van communicatie tussen de ouders. De hulpverlening kon meer op afstand blijven en er was rust in de situatie rondom [minderjarige] . De GI had besloten geen verlenging van de ondertoezichtstelling te verzoeken. Helaas heeft de vader op 6 januari 2026 een terugval gehad in zijn middelengebruik en heeft er een escalatie plaatsgevonden tussen de vader en zijn partner, waarbij de politie betrokken is geweest. De relatie is per direct verbroken en de vader is uit de woning van zijn partner gezet. Hierdoor is er veel onrust ontstaan. [minderjarige] heeft veel meegekregen van het incident. Hij verblijft nu bij de moeder en de co-ouderschaps-regeling is teruggedraaid. De communicatie tussen de ouders is gestopt omdat de partner van de vader is weggevallen. 5.3. De ernstige ontwikkelingsbedreiging kan niet of onvoldoende worden weggenomen met vrijwillige hulpverlening.