Rechtspraak
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
2025-03-10
ECLI:NL:RBZWB:2025:5472
Civiel recht; Personen- en familierecht
Rekestprocedure
2,315 tokens
Inleiding
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Familie- en Jeugdrecht
Locatie Middelburg
Zaaknummer: C/02/432074 / FA RK 25-844
Datum uitspraak: 10 maart 2025
Beschikking zorgmachtiging
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene]
,
geboren op [geboortedag] 2001 in [geboorteplaats],
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats],
advocaat mr. S. Köller te Wijk bij Duurstede.
1Het verloop van de procedure
1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in haar beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 18 februari 2025.
1.2.
De mondelinge behandeling met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 10 maart 2025. Daarbij zijn gehoord:
betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
mevr. [naam 1], zorgverantwoordelijke;
[naam 2], stagiaire bij [accommodatie];
dhr. [naam 3], de vader.
2Wat vaststaat
2.1.
De rechtbank heeft een machtiging verleend tot en met 30 maart 2025.
3Het verzoek
3.1.
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging voor de duur van twaalf maanden te verlenen.
4De standpunten
4.1.
Betrokkene geeft tijdens de mondelinge behandeling aan dat het beter kan gaan met hem; hij heeft problemen met spraak en taal. De psychotische klachten zijn weg. Overdag kijkt betrokkene tv en soms fietst hij, verder doet hij niet veel. Betrokkene luistert nu naar de zorg en hij werkt mee. Hij staat depotmedicatie toe en heeft geen last van bijwerkingen. Betrokkene vindt een zorgmachtiging goed. Namens betrokkene geeft de advocaat aan dat betrokkene het eens is met de machtiging is verzocht, ook voor wat betreft de zorgvormen. De vader vindt een machtiging een fijn idee als stok achter de deur. De advocaat vraagt zich af of de machtiging voor de duur van zes maanden zou kunnen gelden, waarna gekeken kan worden of de positieve ontwikkelingen bestendig zijn. Omdat het wel te vroeg is om in een vrijwillig kader verder te gaan is het goed een machtiging af te geven, maar niet voor de duur van een jaar gezien de positieve ontwikkelingen.
4.2.
De zorgverantwoordelijke geeft aan dat betrokkene sinds januari jl. medicatie krijgt in de thuissituatie. Op dat moment kwam betrokkene net uit een opname. De medicatie doet goed zijn werk; betrokkene is rustiger en beter in contact. Hij komt de afspraken met de zorg na. Soms gaat er in de afspraken nog wel wat mis, waarbij de zorg wel eens voor een dichte deur heeft gestaan. De indruk is dat dit niet met opzet gaat, maar dat soms dingen langs betrokkene heen gaan. Wanneer hem een keuze wordt gegeven heeft hij liever geen medicatie. De samenwerking is heel pril. De zorgverantwoordelijke geeft aan er niet vanuit te durven gaan zonder opname als zorgvorm te kunnen, wel alleen voor het geval betrokkene een terugval krijgt. Een machtiging voor de duur van een jaar acht de zorgverantwoordelijke nodig, omdat naast medicatie ook nog andere dingen moeten worden geregeld, waaronder dagbesteding en een plek om te wonen. Dit is niet binnen zes maanden gerealiseerd.
4.3.
De vader geeft aan het hij het mooi vindt dat betrokkene zelf aangeeft akkoord te zijn met een machtiging. Betrokkene kan ook nog niet zonder machtiging. Met de tijd kan eventueel worden afgebouwd, waarbij ze dan ook kunnen kijken hoe het gaat.
Beoordeling
5.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van twaalf maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
De rechtbank is van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis. Er is bij betrokkene sprake van neurobiologische ontwikkelingsstoornissen (o.a. verstandelijke beperkingen en autismespectrumstoornissen), schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen en disruptieve, impulsbeheersings- en andere gedragsstoornissen. Betrokkene is bekend met emotieregulatie problematiek. In geval van drugsgebruik heeft betrokkene psychotische klachten, waaronder wanen, hallucinaties, achterdocht en agressie. Daarnaast is betrokkene bekend met zwakbegaafdheid.
5.3.
Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:
- levensgevaar;
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade;
- ernstige materiële schade;
- ernstige financiële schade;
- ernstige verwaarlozing;
- maatschappelijke teloorgang;
- ernstige verstoorde ontwikkeling;
- het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag;
- gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.
5.4.
Betrokkene kan vanuit zijn psychotische klachten agressief reageren jegens derden en materieel. Hij heeft eerder tijdens een psychose meubels vernietigd. Betrokkene heeft geen zinvolle dag invulling.
5.5.
Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.
5.6.
Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Hoewel betrokkene op dit moment meewerkt met de zorg, is deze samenwerking nog zeer pril. Er is sprake van een beperkt ziektebesef en -inzicht. Daarom is verplichte zorg nodig. De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, de visie van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de mondelinge behandeling van oordeel dat in ieder geval de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten.
5.7.
Daarnaast acht de rechtbank ook de volgende vormen van verplichte zorg noodzakelijk indien sprake is van decompensatie van het toestandsbeeld van betrokkene en/of het ernstig nadeel niet langer in het ambulante kader kan worden afgewend:
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- opnemen in een accommodatie.
5.8.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.
5.9.
De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst, zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving. De rechtbank acht de verzochte duur noodzakelijk, nu de samenwerking tussen betrokkene en de zorg nog heel pril is. Het is belangrijk dat de goede ontwikkelingen worden doorgezet. Het risico bestaat dat indien betrokkene te vroeg in een vrijwillig kader verder gaat, hij eerder een terugval krijgt. De komende periode moeten nog de nodige stappen worden genomen, waaronder het verder instellen op de depotmedicatie en het zoeken van een geschikte woonplek. Het is van belang dat dit goed geregeld kan worden, waarvoor de periode van een jaar noodzakelijk wordt geacht.
Dictum
De rechtbank:
6.1.
verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 2001 in [geboorteplaats], inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg de maatregelen als genoemd in rechtsoverweging 5.6 en 5.7 kunnen worden getroffen;
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 10 maart 2026;
6.3.
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 10 maart 2025 door mr. Van de Poll, rechter, in aanwezigheid van mr. Oude Weernink, griffier en op schrift gesteld op 24 maart 2025.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.