Rechtspraak
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
2024-12-05
ECLI:NL:RBZWB:2024:9631
Strafrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
1,219 tokens
Inleiding
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Team strafrecht
Zittingsplaats Breda
zaaknummer : 11174035 \ MB VERZ 24-808
CJIB-nummer : 9062 5422 5651 0545
uitspraakdatum : 5 december 2024
proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
in de zaak van
naam : [betrokkene]
adres : [adres]
woonplaats : [woonplaats]
hierna: betrokkene
Procesverloop
Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 5 december 2024. Namens de officier van justitie is verschenen mr. I. M.E. van der Meijden (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Betrokkene is ook verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.
Standpunten
De gedraging waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: rijden op het trottoir, voetpad, fietspad, fiets/bromfietspad of het ruiterpad (niet de rijbaan gebruiken) op de Torenstraat 31 te Breda op 9 maart 2023 om 14:05 uur.
Betrokkene heeft in het beroepschrift samengevat aangevoerd dat de boete niet redelijk is gelet op de omstandigheden waaronder de gedraging heeft plaatsgevonden. Betrokkene heeft zijn voertuig laten stilstaan op de pleeglocatie in verband met het laten uitstappen van zijn partner en hun kind. Betrokkene wilde zijn partner zo dicht mogelijk bij het centrum afzetten, omdat ze aan een chronische aandoening lijdt. De reden dat betrokkene zijn auto heeft stilgezet op de hoek van de Torenstraat is het veilig uit de auto nemen van hun dochter, een baby van destijds tien maanden. Betrokkene heeft besloten niet op de rijbaan te stoppen wegens de veiligheid en de doorstroming van het verkeer.
Ter zitting heeft betrokkene hieraan, desgevraagd, toegevoegd na het laten uitstappen van zijn partner en dochter naar zijn werk te zijn gereden. Betrokkene woont niet ver van de stad en daarom kon zijn partner naar huis lopen.
De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht het beroep ongegrond te verklaren en heeft daartoe het volgende aangevoerd. Op de foto van de gedraging is waar te nemen dat het gehele voertuig het voetgangerspad is ingereden waarbij ook het betreffende bord op de foto te zien is. Betrokkene heeft bewust het risico genomen om op het voetgangerspad te gaan rijden. De gedraging staat vast, ook al is betrokkene niet helemaal doorgereden. Betrokkene had de mogelijkheid elders te parkeren.
Overwegingen
De kantonrechter is van oordeel dat uit de stukken in het dossier - met name uit de verklaring van de verbalisant - voldoende blijkt dat de gedraging waarvoor de boete is opgelegd, is verricht. Dit wordt ook niet ontkend door betrokkene.
De kantonrechter ziet in wat betrokkene heeft aangevoerd geen aanleiding om te twijfelen aan de verklaring van de verbalisant. Betrokkene heeft gereden waar dit niet is toegestaan en was hiervan op de hoogte. Dat betrokkene, vanwege de kwetsbaarheid van zijn passagiers, op een veilige plaats wilde stilstaan maakt niet dat de verkeersregels overtreden mogen worden. Betrokkene had de mogelijkheid zijn voertuig veilig op een parkeerplaats te parkeren.
De boete is dus terecht opgelegd.
De kantonrechter ziet in wat betrokkene heeft aangevoerd ook geen reden om de boete te matigen nu er geen sprake was van een noodgeval.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Dictum
De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S.W.M. Speekenbrink, kantonrechter, bijgestaan door de griffier C.G. Zevenhuijzen, en in het openbaar uitgesproken op 5 december 2024.
De griffier is niet in de gelegenheid deze uitspraak mede te ondertekenen.
Als u het niet eens bent met deze beslissing, dan kunt u binnen 6 weken na de hieronder vermelde datum van verzending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, maar alleen als:
de boete meer dan € 110,00 bedraagt, of
uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u niet of niet op tijd zekerheid heeft gesteld.
Het beroepschrift moet worden ingediend bij Rechtbank Zeeland-West-Brabant, Team strafrecht, Postbus 90008, 4800 PA Breda. Het beroepschrift moet zijn ondertekend door degene die beroep heeft ingesteld of door de gemachtigde.
U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.