Rechtspraak
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
2024-09-17
ECLI:NL:RBZWB:2024:6534
Civiel recht
Wraking
909 tokens
Inleiding
beschikking
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Wrakingskamer
Locatie Middelburg
zaaknummer / rekestnummer: C/02/426354 / HA RK 24-172
Dictum
[verzoeker] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1993,
wonende te [woonadres] ,
verder te noemen verzoeker.
Procesverloop
Het verloop van de procedure blijkt onder meer uit de door de wrakingskamer op
9 september 2024 ontvangen e-mail van verzoeker. Hierin doet hij het verzoek tot wraking van mr. Scheltema Beduin (hierna: de rechter), die optredend als politierechter belast was met de behandeling van de strafzaak van verzoeker met parketnummer 02-070884-24. De rechter heeft op 9 september 2024 einduitspraak gedaan in voornoemde strafzaak.
Beoordeling
2.1
Op grond van artikel 512 Wetboek van Strafvordering (hierna: Sv) kan op verzoek van een partij elk van de rechters die een zaak behandelen worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. Op grond van artikel 513, eerste lid, Sv wordt het verzoek tot wraking gedaan, zodra de feiten of omstandigheden als hiervoor bedoeld aan de verzoeker bekend zijn geworden.
2.2
Voordat tot inhoudelijke behandeling van het verzoek kan worden overgegaan, dient
te worden beoordeeld of het wrakingsverzoek tijdig is gedaan. Het wrakingsverzoek moet zijn ingediend vóórdat de behandeling van de zaak door het wijzen van een einduitspraak is geëindigd. Dat betekent dat als een rechter met het doen van de einduitspraak is begonnen, er geen wrakingsverzoek meer kan worden ingediend. De wrakingskamer wijst in dit verband op artikel 1, vijfde lid van het wrakingsprotocol van deze rechtbank, dat luidt: Het wrakingsverzoek moet worden gedaan zodra de in lid 4 bedoelde feiten of omstandigheden aan verzoeker bekend zijn geworden en voordat in de hoofdzaak een aanvang is gemaakt met het doen van de einduitspraak.
2.3
In dit geval heeft de rechter op 9 september 2024 aan het einde van de behandeling van de strafzaak meteen mondeling uitspraak gedaan. Vast staat dat verzoeker pas enige tijd nadat de mondelinge uitspraak door de rechter is gedaan, per e-mail een wrakingsverzoek heeft ingediend. De rechter behandelde ten tijde van het gedane wrakingsverzoek geen zaak meer van verzoeker. Gelet op het bepaalde in artikel 1, vijfde lid van het wrakingsprotocol van deze rechtbank is het verzoek daarom te laat gedaan. Deze omstandigheid moet ertoe leiden dat verzoeker niet in het wrakingsverzoek kan worden ontvangen. Wraking van een rechter is op grond van de wet alleen mogelijk zolang een zaak wordt behandeld door die rechter. De wetgever heeft niet voorzien in de mogelijkheid een rechter te wraken, wanneer deze de behandeling van de zaak heeft beëindigd door het geven van een eindbeslissing. Met die beslissing is iedere verdere bemoeienis van die rechter met de zaak geëindigd.
2.4
Omdat sprake is van niet-ontvankelijkheid laat de wrakingskamer een mondelinge
behandeling van het verzoek achterwege, overeenkomstig het bepaalde in artikel 4, tweede
lid, sub d van het wrakingsprotocol van deze rechtbank.
Dictum
De rechtbank:
verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn wrakingsverzoek.
Deze beslissing is gegeven op 17 september 2024 door mr. Holierhoek, mr. Kool en mr. Van Noort, in tegenwoordigheid van mr. Holtgrefe, griffier, en in het openbaar uitgesproken.