Rechtspraak
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
2024-06-25
ECLI:NL:RBZWB:2024:5248
Strafrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
1,191 tokens
Inleiding
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Team strafrecht
Zittingsplaats Tilburg
zaaknummer.: 10825676 \ MB VERZ 23-1262
CJIB-nummer: 3062 5422 4614 0635
uitspraakdatum: 25 juni 2024
proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
in de zaak van
naam : [betrokkene]
adres : [adres]
woonplaats : [woonplaats]
hierna: betrokkene
Procesverloop
Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 25 juni 2024. Namens de officier van justitie is verschenen mr. D. Hoveijn (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Betrokkene is ook verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.
Standpunten
De gedraging waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: rijden op het trottoir, voetpad, fietspad, fiets/bromfietspad of het ruiterpad (niet de rijbaan gebruiken) op 21 november 2021 op de Nieuwlandstraat te Tilburg.
Betrokkene heeft in het beroepschrift samengevat aangevoerd dat zij geen andere mogelijkheid had. Zij is dienstdoende verloskundige en moest haar auto in de nabijheid van het huis waar zij moest zijn parkeren, omdat zij anders niet op tijd bij spoedgevallen kan zijn.
Ter zitting heeft betrokkene hieraan toegevoegd dat zij als verloskundige aan het werk was bij een thuisbevalling. Zij moet in verband met medicatie en de zuurstoftank haar auto voor de deur parkeren. Daarnaast heeft betrokkene aangevoerd een verloskundigenkaart zichtbaar in de auto te leggen wanneer zij als verloskundige aan het werk is en dat zij een esculaap op haar auto heeft.
De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht het beroep inhoudelijk ongegrond te verklaren en heeft daartoe het volgende aangevoerd. Er zit een foto van de gedraging in het dossier. De gedraging wordt door betrokkene ook niet betwist. Betrokkene stelt dat zij met spoed naar een bevalling moest aangezien zij verloskundige is. Dit is niet onderbouwd met stukken, waardoor daar niet van uitgegaan kan worden. De boete is dus terecht aan betrokkene opgelegd. Wel is er sprake van een schending van de hoorplicht. De zittingsvertegenwoordiger verzoekt het beroepschrift gelet op deze schending deels gegrond te verklaren en de boete te matigen met 25%. Daarnaast is er sprake van een overschrijding van de redelijke termijn. De zittingsvertegenwoordiger verzoekt gelet op deze overschrijding de boete nogmaals met 25% te matigen.
Overwegingen
De kantonrechter is van oordeel dat uit de stukken in het dossier voldoende blijkt dat de gedraging waarvoor de boete is opgelegd, is verricht. Door betrokkene wordt dit ook niet betwist. De boete is in zoverre dus terecht opgelegd.
De kantonrechter ziet in wat betrokkene heeft aangevoerd wel aanleiding om de boete te matigen. Daarbij is van belang dat er geen reden is te twijfelen aan hetgeen betrokkene heeft aangevoerd en het van belang is dat verloskundigen tijdig ter plaatse kunnen zijn. De kantonrechter ziet hierin aanleiding de boete te matigen tot nihil.
Dictum
De kantonrechter:
‒ verklaart het beroep gedeeltelijk gegrond;
‒ wijzigt de beslissing van de officier van justitie in die zin dat de boete wordt gematigd tot nihil;
‒ draagt de officier van justitie op het bedrag van € 159,-, dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terug te betalen.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S.W.M. Speekenbrink, kantonrechter, bijgestaan door de griffier mr. S.E. van Wijk, en in het openbaar uitgesproken op 25 juni 2024.
Als u het niet eens bent met deze beslissing , dan kunt u binnen 6 weken na de hieronder vermelde datum van verzending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, maar alleen als:
de boete meer dan € 110,00 bedraagt, of
uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u niet of niet op tijd zekerheid heeft gesteld.
Het beroepschrift moet worden ingediend bij Rechtbank Zeeland-West-Brabant, Team strafrecht, postbus 90008, 4800 PA Breda Het beroepschrift moet zijn ondertekend door degene die beroep heeft ingesteld of door de gemachtigde.
U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.