Rechtspraak
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
2024-07-17
ECLI:NL:RBZWB:2024:4938
Strafrecht
Op tegenspraak
4,806 tokens
Dictum
op de vordering van de officier van justitie tot verlenging van de terbeschikkingstelling van
[betrokkene]
geboren op [geboortedag] 1953 te [geboorteplaats]
verblijvende bij Forensisch Psychiatrisch Centrum (hierna FPC)
[tbs-instelling]
1De stukken
Het dossier bevat onder meer de volgende stukken:
de vordering van de officier van justitie van 30 mei 2024, die strekt tot verlenging van de terbeschikkingstelling (hierna: ‘tbs’) met twee jaar;
de aantekeningen over de lichamelijke en geestelijke gesteldheid van betrokkene tot en met 1 januari 2024;
het rapport van de [tbs-instelling] (hierna: ‘de tbs-instelling’) van 1 mei 2024, waarin het advies van de inrichting is vermeld;
een advies van 19 april 2024 van dr. [klinisch psycholoog] ;
een advies van 18 april 2024 van dr. [psychiater]
2De procesgang
Bij beslissing van de rechtbank van 8 juli 2010 is [betrokkene] wegens verkrachting veroordeeld tot een gevangenisstraf van 402 dagen en tbs met voorwaarden. De rechtbank constateert dat het hier gaat om een misdrijf als bedoeld in artikel 38e, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht.
De tbs is op 23 juli 2010 aangevangen. Op 10 oktober 2013 is de tbs met voorwaarden omgezet naar tbs met verpleging van overheidswege. Bij beslissing van deze rechtbank van 28 juli 2022 is de tbs verlengd met twee jaar.
Tijdens het onderzoek ter openbare terechtzitting van de rechtbank van 3 juli 2024 is de officier van justitie gehoord. Ook is betrokkene gehoord, bijgestaan door zijn raadsvrouw mr. K.C.A.M. Oomen, advocaat te Breda.
Voorts is de deskundige [GZ-psycholoog] , gehoord.
3Het advies van de tbs-instelling
De tbs-instelling heeft geadviseerd de tbs te verlengen met twee jaar en heeft daartoe in het rapport het volgende aangevoerd.
Betrokkene is een thans zeventigjarige man die in 2010 is veroordeeld voor verkrachting van zijn ex-partner. Wanneer relaties verbroken worden, is hij geneigd met krenking en boosheid te reageren. Hij heeft in het verleden meerdere ex-partners verkracht na het verbreken van de relatie, waarvan niet altijd aangifte is gedaan. Betrokkene heeft hier zelf openheid over gegeven.
In diagnostische termen is er bij betrokkene sprake van een persoonlijkheidsstoornis met vermijdende, narcistische en antisociale trekken. Hij lijkt relaties nodig te hebben vanwege zijn onderontwikkeld zelfgevoel en -waardering. In de ongelijkwaardige relaties die hij aangaat, tekent zich een patroon af waarbij hij zich volledig voegt naar zijn partner en deze afhankelijk van hem maakt. Wanneer hij uiteindelijk verlaten wordt, is de krenking groot en wordt hij overspoeld door wraakgevoelens.
Het risico op terugval in seksueel gewelddadig gedrag waarbij zowel de psychische als fysieke schade fors zal zijn bij potentiële slachtoffers, wordt bij het wegvallen van het huidige kader op lange termijn als hoog ingeschat. Een verandering hierin wordt in de komende twee jaar niet verwacht. De kernproblematiek is nog altijd aanwezig en het inzicht daarin is beperkt. Betrokkene is nog altijd geneigd zich in afhankelijkheidsrelaties te begeven, zich zorgzaam op te stellen en is bijzonder gevoelig voor afwijzing hierin. Hij heeft voortdurend de neiging niet open te zijn over zijn gedrag en beweegredenen, en is in die zin op het gebied van de risicofactoren veelal onbetrouwbaar gebleken. Betrokkene heeft enige ontwikkeling doorgemaakt in de zin dat hij bij veelvuldig doorvragen meer geneigd is openheid te bieden. Hij ervaart dan ook de positieve uitwerking hiervan. Echter, zijn onbetrouwbaarheid maakt dat een traject waarin er minder zicht op hem is, nauwelijks verantwoord vorm te geven is. Betrokkene is iemand die zich op een heel natuurlijke wijze sociaal wenselijk opstelt en aangepast gedrag vertoont. Er is een buitengewoon groot risico op schijnaanpassing en overschatting van zijn vaardigheden en onderschatting van het delict risico. Dit wordt niet als een bewust manipulerend proces gezien dat betrokkene inzet wanneer het hem uitkomt, maar als een deel van zijn identiteit en daarmee in die zin niet tot nauwelijks veranderbaar. Een controlerend, begeleidend kader is dan ook noodzakelijk om zicht te houden op wat betrokkene doet. Langdurig forensisch toezicht wordt noodzakelijk geacht en kan alleen vormgegeven worden binnen de huidige tbs-maatregel.
Betrokkene is op 19 september 2023 overgeplaatst naar [afdeling] , de longcare van [tbs-instelling] . [afdeling] is een voorziening met beveiligingsniveau 2-hoog, die zich op het terrein van [tbs-instelling] bevindt, maar buiten de hekken van beveiligingsniveau-4. De overgang naar [afdeling] is goed verlopen. De eerste periode kenmerkte zich voor betrokkene door medische onderzoeken. Eind september 2023 kreeg betrokkene hier slecht nieuws over, waarna twee operaties volgden. Eind februari 2024 heeft betrokkene uiteindelijk een positieve uitslag gehad en is hij genezen verklaard. Hoewel dit bij betrokkene voor spanningen heeft gezorgd, lukt het hem om hierover in gesprek te blijven en zorgt dit niet voor risicovol of anderszins ongewenst gedrag. Hoewel betrokkene zich vanaf de eerste dag behulpzaam en meewerkend heeft opgesteld binnen [afdeling] , wordt ook gezien dat betrokkene ruimte zoekt waar hij deze kan krijgen, waardoor hij regelmatig teruggefloten of aangesproken dient te worden.
Door de intensieve begeleiding en controle worden de risico’s tot delictgedrag gemonitord en daardoor eventueel vroegtijdig ontdekt. De begeleide verloven verlopen zonder uitzondering naar wens. Betrokkene maakt sinds 30 januari 2024 tevens gebruik van zijn onbegeleide werkverlofkader, om van [afdeling] naar zijn werk binnen de behandelkliniek te lopen. Deze onbegeleide verloven verlopen ook zonder problemen. Op het moment van rapporteren heeft de kliniek een aanvraag ingediend voor kortdurend en gericht onbegeleid boodschappenverlof in de omgeving en een aanvraag voor semi-onbegeleid netwerkverlof naar de dochter van betrokkene. Dit voornamelijk in het kader van kwaliteit van leven zonder resocialisatiedoel.
Ter zitting heeft deskundige [GZ-psycholoog] daaraan toegevoegd dat betrokkene net is gestart met onbegeleid boodschappenverlof in de omgeving voor twee uur per week en met semi-begeleid netwerkverlof. Als dat goed gaat, zal worden gekeken of het verlof met een strakker risicomanagement kan worden uitgebreid. Dit moet stap voor stap gebeuren en daar moet ruim de tijd voor worden genomen, omdat het daar in het verleden mis is gegaan.
4Het advies van de externe gedragsdeskundigen
[psychiater] heeft in het rapport aangegeven dat er bij betrokkene sprake is van een gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens in de vorm van een persoonlijkheidsstoornis NAO (niet anderszins omschreven) met borderline, narcistische en antisociale kenmerken.
Het risico op geweld, anders dan het seksuele geweld, is laag. Betrokkene heeft bij het indexdelict en de eerdere vergelijkbare delicten gedreigd met geweld. Dat dreigen ermee is instrumenteel geweest aan het seksuele delict. De kans op herhaling van een seksueel delict onder bedreiging met geweld is vanuit de taxatie en zonder tbs-maatregel matig tot hoog. Binnen de tbs-maatregel is die kans laag zolang monitoring van het gedrag van betrokkene mogelijk is.
Betrokkene verblijft nu op de longcare afdeling. Hier kan een geleidelijk traject worden gevolgd waarbij steeds kleine stappen worden gezet in het onbegeleid verlof en er sprake is van forensische scherpte bij het monitoren van zijn gedrag.
Geadviseerd wordt om de tbs met verpleging van overheidswege twee jaar te verlengen.
Beoordeling
De tbs kan slechts worden verlengd indien de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen de verlenging van de tbs eist. Het recidivegevaar moet nog aanwezig zijn en dient voort te vloeien uit een ziekelijke stoornis en/of een gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens. Gelet op de adviezen van de tbs-instelling en de externe gedragsdeskundigen wordt nog steeds voldaan aan dit wettelijke criterium.
Uit het advies van de tbs-instelling volgt duidelijk het plan van aanpak voor betrokkene voor de komende twee jaar. Dat plan is ook met betrokkene besproken. Betrokkene is net gestart met kortdurend semi-begeleid verlof buiten de instelling en dit zal, afhankelijk van de beoordeling van de risico’s, in kleine stappen en onder een strak risicomanagement, langzaam verder worden uitgebreid. Dit traject zal langer duren dan een jaar.
Gelet op hetgeen hierboven is overwogen, zal de tbs met verpleging van overheidswege van betrokkene met twee jaar worden verlengd.
Dictum
De rechtbank verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege van betrokkene met twee jaar.
Deze beslissing is gegeven door mr. J.F.C. Janssen, voorzitter, mr. C.H.W.M. Sterk en mr. V. Hartman, rechters, in tegenwoordigheid van de griffier mr. C.J.M. van de Vrede en is uitgesproken ter openbare zitting op 17 juli 2024.
Mr. C.H.W.M. Sterk en de griffier zijn niet in de gelegenheid deze beslissing mede te ondertekenen.
Dictum
op de vordering van de officier van justitie tot verlenging van de terbeschikkingstelling van
[betrokkene]
geboren op [geboortedag] 1953 te [geboorteplaats]
verblijvende bij Forensisch Psychiatrisch Centrum (hierna FPC)
[tbs-instelling]
1De stukken
Het dossier bevat onder meer de volgende stukken:
de vordering van de officier van justitie van 30 mei 2024, die strekt tot verlenging van de terbeschikkingstelling (hierna: ‘tbs’) met twee jaar;
de aantekeningen over de lichamelijke en geestelijke gesteldheid van betrokkene tot en met 1 januari 2024;
het rapport van de [tbs-instelling] (hierna: ‘de tbs-instelling’) van 1 mei 2024, waarin het advies van de inrichting is vermeld;
een advies van 19 april 2024 van dr. [klinisch psycholoog] ;
een advies van 18 april 2024 van dr. [psychiater]
2De procesgang
Bij beslissing van de rechtbank van 8 juli 2010 is [betrokkene] wegens verkrachting veroordeeld tot een gevangenisstraf van 402 dagen en tbs met voorwaarden. De rechtbank constateert dat het hier gaat om een misdrijf als bedoeld in artikel 38e, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht.
De tbs is op 23 juli 2010 aangevangen. Op 10 oktober 2013 is de tbs met voorwaarden omgezet naar tbs met verpleging van overheidswege. Bij beslissing van deze rechtbank van 28 juli 2022 is de tbs verlengd met twee jaar.
Tijdens het onderzoek ter openbare terechtzitting van de rechtbank van 3 juli 2024 is de officier van justitie gehoord. Ook is betrokkene gehoord, bijgestaan door zijn raadsvrouw mr. K.C.A.M. Oomen, advocaat te Breda.
Voorts is de deskundige [GZ-psycholoog] , gehoord.
3Het advies van de tbs-instelling
De tbs-instelling heeft geadviseerd de tbs te verlengen met twee jaar en heeft daartoe in het rapport het volgende aangevoerd.
Betrokkene is een thans zeventigjarige man die in 2010 is veroordeeld voor verkrachting van zijn ex-partner. Wanneer relaties verbroken worden, is hij geneigd met krenking en boosheid te reageren. Hij heeft in het verleden meerdere ex-partners verkracht na het verbreken van de relatie, waarvan niet altijd aangifte is gedaan. Betrokkene heeft hier zelf openheid over gegeven.
In diagnostische termen is er bij betrokkene sprake van een persoonlijkheidsstoornis met vermijdende, narcistische en antisociale trekken. Hij lijkt relaties nodig te hebben vanwege zijn onderontwikkeld zelfgevoel en -waardering. In de ongelijkwaardige relaties die hij aangaat, tekent zich een patroon af waarbij hij zich volledig voegt naar zijn partner en deze afhankelijk van hem maakt. Wanneer hij uiteindelijk verlaten wordt, is de krenking groot en wordt hij overspoeld door wraakgevoelens.
Het risico op terugval in seksueel gewelddadig gedrag waarbij zowel de psychische als fysieke schade fors zal zijn bij potentiële slachtoffers, wordt bij het wegvallen van het huidige kader op lange termijn als hoog ingeschat. Een verandering hierin wordt in de komende twee jaar niet verwacht. De kernproblematiek is nog altijd aanwezig en het inzicht daarin is beperkt. Betrokkene is nog altijd geneigd zich in afhankelijkheidsrelaties te begeven, zich zorgzaam op te stellen en is bijzonder gevoelig voor afwijzing hierin. Hij heeft voortdurend de neiging niet open te zijn over zijn gedrag en beweegredenen, en is in die zin op het gebied van de risicofactoren veelal onbetrouwbaar gebleken. Betrokkene heeft enige ontwikkeling doorgemaakt in de zin dat hij bij veelvuldig doorvragen meer geneigd is openheid te bieden. Hij ervaart dan ook de positieve uitwerking hiervan. Echter, zijn onbetrouwbaarheid maakt dat een traject waarin er minder zicht op hem is, nauwelijks verantwoord vorm te geven is. Betrokkene is iemand die zich op een heel natuurlijke wijze sociaal wenselijk opstelt en aangepast gedrag vertoont. Er is een buitengewoon groot risico op schijnaanpassing en overschatting van zijn vaardigheden en onderschatting van het delict risico. Dit wordt niet als een bewust manipulerend proces gezien dat betrokkene inzet wanneer het hem uitkomt, maar als een deel van zijn identiteit en daarmee in die zin niet tot nauwelijks veranderbaar. Een controlerend, begeleidend kader is dan ook noodzakelijk om zicht te houden op wat betrokkene doet. Langdurig forensisch toezicht wordt noodzakelijk geacht en kan alleen vormgegeven worden binnen de huidige tbs-maatregel.
Betrokkene is op 19 september 2023 overgeplaatst naar [afdeling] , de longcare van [tbs-instelling] . [afdeling] is een voorziening met beveiligingsniveau 2-hoog, die zich op het terrein van [tbs-instelling] bevindt, maar buiten de hekken van beveiligingsniveau-4. De overgang naar [afdeling] is goed verlopen. De eerste periode kenmerkte zich voor betrokkene door medische onderzoeken. Eind september 2023 kreeg betrokkene hier slecht nieuws over, waarna twee operaties volgden. Eind februari 2024 heeft betrokkene uiteindelijk een positieve uitslag gehad en is hij genezen verklaard. Hoewel dit bij betrokkene voor spanningen heeft gezorgd, lukt het hem om hierover in gesprek te blijven en zorgt dit niet voor risicovol of anderszins ongewenst gedrag. Hoewel betrokkene zich vanaf de eerste dag behulpzaam en meewerkend heeft opgesteld binnen [afdeling] , wordt ook gezien dat betrokkene ruimte zoekt waar hij deze kan krijgen, waardoor hij regelmatig teruggefloten of aangesproken dient te worden.
Door de intensieve begeleiding en controle worden de risico’s tot delictgedrag gemonitord en daardoor eventueel vroegtijdig ontdekt. De begeleide verloven verlopen zonder uitzondering naar wens. Betrokkene maakt sinds 30 januari 2024 tevens gebruik van zijn onbegeleide werkverlofkader, om van [afdeling] naar zijn werk binnen de behandelkliniek te lopen. Deze onbegeleide verloven verlopen ook zonder problemen. Op het moment van rapporteren heeft de kliniek een aanvraag ingediend voor kortdurend en gericht onbegeleid boodschappenverlof in de omgeving en een aanvraag voor semi-onbegeleid netwerkverlof naar de dochter van betrokkene. Dit voornamelijk in het kader van kwaliteit van leven zonder resocialisatiedoel.
Ter zitting heeft deskundige [GZ-psycholoog] daaraan toegevoegd dat betrokkene net is gestart met onbegeleid boodschappenverlof in de omgeving voor twee uur per week en met semi-begeleid netwerkverlof. Als dat goed gaat, zal worden gekeken of het verlof met een strakker risicomanagement kan worden uitgebreid. Dit moet stap voor stap gebeuren en daar moet ruim de tijd voor worden genomen, omdat het daar in het verleden mis is gegaan.
4Het advies van de externe gedragsdeskundigen
[psychiater] heeft in het rapport aangegeven dat er bij betrokkene sprake is van een gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens in de vorm van een persoonlijkheidsstoornis NAO (niet anderszins omschreven) met borderline, narcistische en antisociale kenmerken.
Het risico op geweld, anders dan het seksuele geweld, is laag. Betrokkene heeft bij het indexdelict en de eerdere vergelijkbare delicten gedreigd met geweld. Dat dreigen ermee is instrumenteel geweest aan het seksuele delict. De kans op herhaling van een seksueel delict onder bedreiging met geweld is vanuit de taxatie en zonder tbs-maatregel matig tot hoog. Binnen de tbs-maatregel is die kans laag zolang monitoring van het gedrag van betrokkene mogelijk is.
Betrokkene verblijft nu op de longcare afdeling. Hier kan een geleidelijk traject worden gevolgd waarbij steeds kleine stappen worden gezet in het onbegeleid verlof en er sprake is van forensische scherpte bij het monitoren van zijn gedrag.
Geadviseerd wordt om de tbs met verpleging van overheidswege twee jaar te verlengen.
Beoordeling
De tbs kan slechts worden verlengd indien de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen de verlenging van de tbs eist. Het recidivegevaar moet nog aanwezig zijn en dient voort te vloeien uit een ziekelijke stoornis en/of een gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens. Gelet op de adviezen van de tbs-instelling en de externe gedragsdeskundigen wordt nog steeds voldaan aan dit wettelijke criterium.
Uit het advies van de tbs-instelling volgt duidelijk het plan van aanpak voor betrokkene voor de komende twee jaar. Dat plan is ook met betrokkene besproken. Betrokkene is net gestart met kortdurend semi-begeleid verlof buiten de instelling en dit zal, afhankelijk van de beoordeling van de risico’s, in kleine stappen en onder een strak risicomanagement, langzaam verder worden uitgebreid. Dit traject zal langer duren dan een jaar.
Gelet op hetgeen hierboven is overwogen, zal de tbs met verpleging van overheidswege van betrokkene met twee jaar worden verlengd.
Dictum
De rechtbank verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege van betrokkene met twee jaar.
Deze beslissing is gegeven door mr. J.F.C. Janssen, voorzitter, mr. C.H.W.M. Sterk en mr. V. Hartman, rechters, in tegenwoordigheid van de griffier mr. C.J.M. van de Vrede en is uitgesproken ter openbare zitting op 17 juli 2024.
Mr. C.H.W.M. Sterk en de griffier zijn niet in de gelegenheid deze beslissing mede te ondertekenen.