Rechtspraak
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
2024-03-21
ECLI:NL:RBZWB:2024:2311
Civiel recht; Personen- en familierecht
Rekestprocedure
2,391 tokens
Inleiding
REHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Team Familie- en Jeugdrecht
Locatie Middelburg
Zaaknummer: C/02/419006 / FA RK 24/647
Machtiging tot het verlenen van verplichte zorg
Nadere beschikking van 21 maart 2024 van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, locatie Middelburg, naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:
[betrokkene]
,
geboren op [geboortedag] 1983 te [geboorteplaats],
wonende te [woonadres],
thans verblijvende in de Penitentiaire Inrichting (PI) Torentijd te Middelburg,
hierna te noemen: betrokkene,
advocaat: mr. E.S. van Aken te Zierikzee.
1Het nadere procesverloop
1.1
Bij beschikking van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, locatie Middelburg van 4 maart 2024 is ten aanzien van betrokkene een zorgmachtiging verleend voor de duur van vier weken, onder aanhouding van het resterende deel van het verzoek. De rechtbank verwijst naar die beschikking.
Het nadere procesverloop blijkt voorts uit het e-mailbericht van de geneesheer-directeur van 20 maart 2024, met als bijlagen de bevindingen van de geneesheer-directeur van 19 maart 2024 en de medische verklaring van de onafhankelijke psychiater van 19 maart 2024.
1.2
De nadere mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 21 maart 2024, bij de rechtbank Zeeland-West-Brabant, locatie Middelburg.
1.3
Tijdens die mondelinge behandeling waren aanwezig en heeft de rechtbank de volgende personen gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
- mevrouw [naam], (waarnemend) verpleegkundige.
1.4
De officier is zoals hij reeds aangaf in zijn verzoek niet op de mondelinge behandeling verschenen en dus ook niet gehoord.
2Verzoek
2.1
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een opvolgende zorgmachtiging te verlenen ten behoeve van betrokkene, voor de duur van twaalf maanden en voor de navolgende vormen van verplichte zorg:
- het toedienen van vocht, voeding en medicatie, alsmede het verrichten van medische controles of andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- het aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- het opnemen in een accommodatie.
2.2
Op dit moment ligt nog ter beoordeling voor het verzoek tot een opvolgende zorgmachtiging voor de periode van 1 april 2024 tot en met 4 maart 2025.
3De nadere standpunten
3.1
Betrokkene heeft tijdens de mondelinge behandeling uitgebreid zijn visie op het verzoek gegeven. Samengevat komt deze op het volgende neer. In het dossier is onjuiste informatie over betrokkene opgenomen. In het verleden is een stoornis bij betrokkene vastgesteld, te weten ADHD. Van een psychotische stoornis is geen sprake en hij is evenmin een gevaar voor de maatschappij. Betrokkene heeft wel meerdere psychoses doorgemaakt, maar deze zijn steeds veroorzaakt doordat hij onder dwang anti- psychotische medicatie toegediend heeft gekregen. Betrokkene staat niet achter de inzet van deze medicatie en is van mening dat hij juist voor zijn ADHD medicatie nodig heeft. Daar is hij de afgelopen tijd echter niet adequaat voor behandeld. Betrokkene is gemotiveerd om zijn leven na zijn detentie weer op te pakken. Hij gaat dan geen (hard)drugs meer gebruiken. Er is bovendien geen noodzaak om hem verplichte zorg te verlenen, want hij kan zelf hulp zoeken als dat nodig is. Om deze redenen moet het verzoek volgens betrokkene worden afgewezen.
3.2
De advocaat van betrokkene bepleit namens betrokkene primair afwijzing van het verzoek. Betrokkene stelt dat het goed met hem gaat. Zijn toestandsbeeld is op dit moment stabiel. Daarbij komt dat betrokkene gemotiveerd is om zijn leven na zijn detentie weer op te pakken en geen drugs meer wil gebruiken. Ook heeft betrokkene een steunend familienetwerk. Mocht de zorgmachtiging toch worden verleend, dat dient voor wat betreft de verplichte vormen van zorg te worden aangesloten bij de zorgvormen zoals deze in de huidige machtiging zijn opgenomen. Voor de overige verzochte zorgvormen bestaat geen noodzaak en is een alternatief voorhanden, aangezien betrokkene nog tot eind mei 2024 in detentie verblijft. De advocaat merkt tot slot nog op dat de objectiviteit van de psychiater die de recente medische verklaring heeft opgesteld volgens betrokkene niet vaststaat, omdat de psychiater voortdurend verwijst naar het dossier van betrokkene.
3.3
De verpleegkundige sluit zich aan bij hetgeen in de recent opgestelde medische verklaring is vermeld. Betrokkene is volgens haar op dit moment relatief rustig, omdat hij tijdens zijn detentie geen beschikking heeft over en dus abstinent is van middelen. Wanneer betrokkene middelen gebruikt, is er sprake van fysieke en verbale agressie. Om die reden en vanwege de complexiteit van de problematiek van betrokkene kan [woonvoorziening] in [plaats] betrokkene geen passende behandeling en begeleiding (meer) bieden.
4De verdere beoordeling
4.1
Uit de overgelegde stukken en hetgeen is besproken tijdens de mondelinge behandeling is gebleken dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, in de vorm van neurobiologische ontwikkelingsstoornissen (o.a. verstandelijke beperkingen en autismespectrumstoornissen), schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen, middelgerelateerde en verslavingsstoornissen, persoonlijkheidsstoornissen, en overige DSM-5 stoornissen. Anders dan betrokkene ziet de rechtbank, gelet op de bevindingen in het dossier en de recente medische verklaring van de onafhankelijk psychiater waarin de aanwezigheid van een psychische stoornis in de zin van de Wvggz bij betrokkene wordt vastgesteld, geen aanleiding tot het in twijfel trekken van de gestelde diagnose.
4.2
Deze stoornis leidt tot ernstig nadeel, gelegen in levensgevaar, ernstig lichamelijk letsel, ernstige psychische schade, ernstige materiële schade, ernstige verwaarlozing, maatschappelijke teloorgang en de situatie dat betrokkene met hinderlijk gedrag agressie van anderen oproept. Betrokkene vertoont onder invloed van de bovengenoemde stoornis achterdochtig, paranoïde en dreigend gedrag, waarbij ook sprake kan zijn van verbale en fysieke agressie. Als gevolg van verschillende incidenten, waaronder een vechtpartij, is betrokkene zijn plek bij de zorginstelling kwijtgeraakt. Daarnaast zou betrokkene, onder invloed van verdovende middelen, een auto hebben gestolen van een verhuurbedrijf. Daarvoor is betrokkene nu gedetineerd.
4.3
Het verlenen van verplichte zorg is gericht op het afwenden van ernstig nadeel, het stabiliseren of herstellen van de fysieke gezondheid van betrokkene in het geval diens gedrag als gevolg van een psychische stoornis leidt tot ernstig nadeel daarvoor, het dusdanig herstellen van de geestelijke gezondheid van betrokkene dat hij zijn autonomie zoveel mogelijk herwint en het stabiliseren van de geestelijke gezondheid van betrokkene.
4.4
Gebleken is dat er geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis zijn. Het is de rechtbank gebleken dat betrokkene geen ziektebesef en -inzicht heeft, niet openstaat voor de noodzakelijk geachte medicatie en geen contact met de hulpverlening wenst.
Dictum
De rechtbank:
verleent een zorgmachtiging ten aanzien van [betrokkene], geboren op [geboortedag]
1983 te [geboorteplaats];
bepaalt dat bij wijze van verplichte zorg de maatregelen zoals genoemd in rechtsoverweging 4.5 kunnen worden getroffen;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 4 maart 2025;
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is mondeling gegeven door mr. Borm, rechter, en in het openbaar uitgesproken op 21 maart 2024 in tegenwoordigheid van mr. De Haas, griffier, en op 4 april 2024 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.