Rechtspraak
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
2024-02-21
ECLI:NL:RBZWB:2024:1618
Civiel recht; Personen- en familierecht
Rekestprocedure
1,632 tokens
Inleiding
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Team Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/418578 / FA RK 24/442
Rechterlijke machtiging tot opname en verblijf
Beschikking van 21 februari 2024 van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, locatie Breda naar aanleiding van het door het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) ingediende verzoek tot het verlenen van een machtiging voor de duur van zes maanden als bedoeld in
artikel 24 e.v. van de Wet zorg en dwang (Wzd), ten aanzien van:
[cliënt]
,
geboren op [geboortedag] 1939 te [geboorteplaats] ,
wonende aan [woonadres] ,
hierna te noemen: cliënt,
advocaat: mr. A.W.M. van de Wouw te Tilburg.
Procesverloop
1.1.
Het procesverloop blijkt uit het verzoekschrift, ingekomen ter griffie op 30 januari
2024.
Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:
- het aanvraagformulier rechterlijke machtiging van 4 januari 2024;
- de medische verklaring van 25 januari 2024, opgesteld en ondertekend door specialist ouderengeneeskunde [naam 1] ;
- het indicatiebesluit van 9 januari 2024.
1.2
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 21 februari 2024 op het thuisadres van cliënt aan [woonadres] .
1.3
Tijdens de mondelinge behandeling waren aanwezig en heeft de rechtbank de volgende personen gehoord:- cliënt, bijgestaan door haar advocaat;
- mevrouw [naam 2] , gerontologie wijkverpleegkundige
2Het verzoek
2.1
Het CIZ verzoekt de rechtbank een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf voor cliënt te verlenen voor de duur van zes maanden.
3Standpunten
3.1
Cliënt geeft tijdens de mondelinge behandeling aan dat ze graag wijn drinkt, maar niet te veel. Ze kookt elke dag vers. Het is onzin dat zij beschimmeld voedsel heeft of eet. Cliënt herkent de genoemde zorgen niet. Het zijn volgens haar kletsverhalen. Cliënt wil graag thuis wonen, haar huis is netjes.
3.2.
De wijkverpleegkundige brengt ter gelegenheid van de mondelinge behandeling naar voren dat de kinderen van cliënt bezorgd om haar zijn. Zij verwijst verder naar de gegevens in het dossier. Er is een plek waar cliënt meteen terecht kan, te weten bij [behandelcentrum] te [plaats].
3.3
De advocaat van cliënt geeft tijdens de mondelinge behandeling aan dat de situatie haar duidelijk is. Ze heeft geen reden te twijfelen aan de medische verklaring en de gegevens in het dossier. De advocaat betreurt het dat de brief van de geriater van 5 januari 2024 niet is meegestuurd ter onderbouwing maar dit maakt niet dat zij twijfels heeft over hetgeen in de medische verklaring staat. Cliënt wil echter haar thuissituatie niet verlaten. Zij verzet zich hevig tegen een opname.
Beoordeling
4.1
Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling is gebleken dat cliënt lijdt aan een psychogeriatrische aandoening, te weten dementie, mogelijk van het type Lewy Body. Daarnaast is er sprake van somatische problematiek, zoals cardiale problemen, COPD, borstkanker en ondervindt zij schadelijke effecten van overmatig alcoholgebruik.
4.2
Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling blijkt dat deze psychogeriatrische aandoening leidt tot ernstig nadeel. Dit ernstig nadeel bestaat uit levensgevaar, ernstig lichamelijk letsel, ernstige verwaarlozing en maatschappelijke teloorgang. Cliënt eet en drinkt niet genoeg en zij eet bedorven voedsel. Ook drinkt betrokkene veel alcohol, zonder dat zij weet hoeveel zij gedronken heeft. Ondanks dat de gastoevoer is afgesloten en de sigaretten en lucifers uit het huis van betrokkene zijn verwijderd, is er een risico op brandgevaar; er stond een asbak naast het bed van betrokkene en er lag as in de open haard. De woning van betrokkene is wanordelijk. Daarnaast is er sprake van een slechte zelfzorg. Cliënt kan nauwelijks naar boven om te gaan slapen, urineert in de badkuip en haar dag- en nachtritme is omgedraaid. Bovendien doet betrokkene boodschappen in inadequate kleding zonder dat zij geld mee heeft, waarna zij gaat dwalen in de wijk.
4.3
De opname en het verblijf zijn noodzakelijk en geschikt om het ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden, terwijl er geen minder ingrijpende mogelijkheden zijn om het ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden.
4.4
Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling is gebleken dat cliënt zich verzet tegen de opname en het verblijf. Cliënt laat geen hulp toe en heeft geen ziektebesef en -inzicht. Zij geeft zeer nadrukkelijk aan niet uit haar huis weg te willen.
4.5
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor verlening van een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf als bedoeld in de Wzd. De machtiging zal worden verleend voor de (verzochte) duur van zes maanden.
Dictum
De rechtbank:
verleent een machtiging tot opname en verblijf ten aanzien van
[cliënt]
, geboren op [geboortedag] 1939 te [geboorteplaats],
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met uiterlijk 21 augustus 2024.
Deze beschikking is mondeling gegeven door mr. Pulskens, rechter, en in het openbaar uitgesproken op 21 februari 2024 in tegenwoordigheid van mr. Oude Weernink als griffier, en op 1 maart 2024 uitgewerkt en ondertekend.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.