Rechtspraak
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
2023-11-21
ECLI:NL:RBZWB:2023:9474
Strafrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
946 tokens
Inleiding
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Team strafrecht
Zittingsplaats Tilburg
zaaknummer : 10541685 \ MB VERZ 23-770
CJIB-nummer : 1062 5422 5008 1579
uitspraakdatum : 21 november 2023
proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
in de zaak van
naam : [betrokkene]
adres : [adres]
woonplaats : [postcode] [plaats]
hierna: betrokkene
gemachtigde : mr. I.N.D.J. Rissema (Bezwaartegenverkeersboetes.nl)
Procesverloop
Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep vernietigd. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 21 november 2023. Namens de officier van justitie is verschenen mr. A. de Vreeze (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Gemachtigde en betrokkene zijn niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.
Standpunten
De gedraging waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: 20 km per uur harder rijden dan mag op een (auto)weg buiten de bebouwde kom op de Burg Letschertweg te Tilburg op 7 juni 2022 om 15:14 uur.
Gemachtigde heeft namens betrokkene aangevoerd dat betrokkene zich niet kan verenigen met de door de officier van justitie vastgestelde proceskostenvergoeding.
De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht het beroep ongegrond te verklaren en heeft daartoe het volgende aangevoerd. Op 13 januari 2023 is er de gelegenheid geboden voor aanvullende gronden. Hiervoor gold een termijn van vier weken, waarbinnen geen gronden zijn ontvangen. De zittingsvertegenwoordiger stelt dat de officier van justitie een terechte beslissing heeft genomen en dat er terecht geen procespunt is toegekend.
Overwegingen
Gemachtigde heeft aangegeven het niet eens te zijn met de door de officier van justitie vastgestelde proceskostenvergoeding.
De officier van justitie heeft een proceskostenvergoeding toegekend, die als volgt is berekend:
administratief beroepschrift: 1 punt x gewicht 0,5 x € 597,- = € 298,50
De kantonrechter is het met de zittingsvertegenwoordiger eens dat de officier van justitie een terechte beslissing heeft genomen en een juiste proceskostenvergoeding heeft toegekend. De kantonrechter ziet in wat gemachtigde heeft aangevoerd geen aanleiding om een aangepaste proceskostenvergoeding toe te kennen.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Dictum
De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. G.J.L. Schakenraad, kantonrechter, bijgestaan door de griffier E. Alekperov, en in het openbaar uitgesproken op 21 november 2023.
Als u het niet eens bent met deze beslissing, dan kunt u binnen 6 weken na de hieronder vermelde datum van verzending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, maar alleen als:
de boete meer dan € 110,00 bedraagt, of
uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u niet of niet op tijd zekerheid heeft gesteld.
Het beroepschrift moet worden ingediend bij Rechtbank Zeeland-West-Brabant, Team strafrecht, Postbus 90008, 4800 PA Breda. Het beroepschrift moet zijn ondertekend door degene die beroep heeft ingesteld of door de gemachtigde.
U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.