Rechtspraak
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
2023-09-29
ECLI:NL:RBZWB:2023:6934
Strafrecht
Op tegenspraak
2,602 tokens
Dictum
op de vordering van de officier van justitie tot verlenging van de terbeschikkingstelling van
[betrokkene]
geboren te [geboorteplaats] (Angola) op [geboortedag] 1993
verblijvende in het Forensisch Psychiatrisch Centrum [tbs-instelling] , [adres]
1De stukken
Het dossier bevat onder meer de volgende stukken:
- de vordering van de officier van justitie d.d. 26 juli 2023, die strekt tot verlenging van de terbeschikkingstelling (hierna tbs) met twee jaar;
- de aantekeningen omtrent de lichamelijke en geestelijke gesteldheid van FPC [tbs-instelling] (hierna: de tbs-instelling) va 22 augustus 2022 t/m 15 maart 2023;
- het rapport van de tbs-instelling d.d. 17 juli 2023, waarin het verlengingsadvies is vermeld;
- het advies d.d. 1 juni 2023 van [psychiater] ;
- het advies d.d. 12 mei 2023 van [psycholoog] .
2De procesgang
Bij beslissing van het hof Den Bosch van 18 juni 2019 is [betrokkene] , wegens overtreding
van de artikelen 282 en 285 van het Wetboek van Strafrecht, veroordeeld tot 9 maanden
gevangenisstraf, met aftrek van voorarrest, en tbs met verpleging van overheidswege.
De rechtbank constateert dat het hier gaat om een misdrijf als bedoeld in artikel 38e, eerste
lid, van het Wetboek van Strafrecht.
De tbs is op 31 oktober 2019 aangevangen en op 21 september 2021 verlengd met twee jaar.
Tijdens het onderzoek ter openbare terechtzitting van de rechtbank van 15 september 2023 is de officier van justitie mr. I.M. Peters gehoord.
Tevens is [betrokkene] gehoord, bijgestaan door zijn raadsvrouw mr. H. van der Ende,
advocaat te Venlo.
Voorts is gehoord de deskundige mevrouw [deskundige] , assistent-behandelcoördinator bij de tbs-instelling.
3Het advies van de tbs-instelling
De tbs-instelling heeft geadviseerd de tbs te verlengen met twee jaar.
In het rapport van de instelling is opgenomen dat bij [betrokkene] sprake is van een antisociale persoonlijkheidstoornis met narcistische trekken, een licht verstandelijke beperking, een ongespecificeerde schizofreniespectrum- of andere psychotische stoornis en een stoornis in cannabisgebruik (matig, in gedeeltelijke gedwongen remissie). Tevens maakt zij melding van het feit dat de IND [betrokkene] op grond van een veroordeling ongewenst heeft verklaard, tegen welke uitspraak hij in hoger beroep is gegaan. Indien hij niet in het gelijk wordt gesteld, zal hij op termijn worden gerepatrieerd naar Angola. Vanwege het hoger beroep is nog geen uitstroomdoel bepaald.
Verder wordt beschreven dat [betrokkene] positieve stappen heeft gezet. Hij kan zich open stellen richting het behandelteam, is in staat zijn eigen aandeel in situaties te herkennen en het lukt hem beter om zijn directe behoeftebevrediging uit te stellen. Hij werkt algeruime tijd mee aan zijn behandeling en in dit verband wordt gesproken over een ontluikende intrinsieke behandelmotivatie. Naar aanleiding van deze vooruitgang gaat [betrokkene] sinds 20 februari 2023 met begeleid verlof.
Niettemin hebben de opnames en behandelpogingen die [betrokkene] tot dusver heeft genoten er onvoldoende voor gezorgd dat hij zichzelf kan weerhouden van risicovol gedrag, wat maakt dat hij tot op heden afhankelijk is van extern risicomanagement.
De kans op gewelddadig gedrag in de vrije maatschappij zonder ondersteuning en initiatief van het behandelteam wordt ingeschat als hoog. Als deze hulpverlening wordt beëindigd, is de kans sterk aanwezig dat [betrokkene] terugvalt in zijn oude gedrag enmiddelengebruik. De instelling vermoedt dat hij dan vrijwel direct zal stoppen met de inname van zijn anti-psychotische medicatie, waardoor zijn problematiek weer sterk op de voorgrond zal treden. Dit betreft zijn gebrekkige gewetensfunctie, zijn beperkte agressieregulatie vaardigheden en zijn basale wantrouwen.
Gelet op de aanwezige psychopathologie en het beperkte probleembesef en -inzicht wordt het door de tbs-instelling niet aannemelijk geacht dat het risicovol gedrag binnen een jaar voldoende kan worden teruggedrongen. Daarom geldt een verlengingsadvies voor twee jaar.
Ter zitting heeft de [deskundige] daaraan nog het volgende toegevoegd.
Momenteel wordt in Angola onderzocht in hoeverre de eindtermen van de tbs in Nederland aansluiten op de begintermen in Angola, gezien het feit dat [betrokkene] hier in de behandeling nog een behoorlijk aantal stappen heeft te zetten. Als het hoger beroep gegrond wordt verklaard, kan [betrokkene] het reguliere tbs-traject blijven volgen. Als dit ongegrond wordt verklaard, moet worden bekeken welke weg hij voor de repatriëring kan bewandelen. Momenteel volgt [betrokkene] schematherapie, gericht op zijn persoonlijkheidsproblematiek en is hij bezig met een virtuele agressieregulatie-training. Er zal ook nog landelijk begeleid verlof worden aangevraagd en er wordt gekeken naar doelverlof dat aansluit bij eventuele repatriëring. In oktober 2023 zal een behandelplanbespreking worden aangevraagd. [deskundige] bevestigt verder dat [betrokkene] meer probleembesef- en inzicht heeft getoond en meer gemotiveerd is voor zijn behandeling.
4Het advies van de externe gedragsdeskundigen
[psychiater] vermeldt in zijn rapport dat bij [betrokkene] sprake is van een antisociale persoonlijkheidsstoornis met narcistische trekken, een psychotische stoornis en een stoornis in cannabisgebruik (in remissie in een gereguleerde omgeving). Daarnaast functioneert [betrokkene] op het niveau van een licht verstandelijke beperking. Er zijn geen discrepanties tussen de diagnostische conclusies van de psychiater en die van de kliniek. Op grond van de voorzichtige veranderingen die hebben plaatsgevonden dankzij de behandeling en op grond van het feit dat [betrokkene] thans in een supportive forensische context verblijft, wordt ingeschat dat de kans op recidive thans laag is (binnen het tbs-kader en binnen de marge van begeleid verlof). Bij het plotselinge wegvallen van het tbs-kader stijgt deze kans tot hoog conform de actuele risicotaxatie. Het advies met betrekking tot het risicomanagement van de psychiater is in overeenstemming met het advies van de kliniek. Indien ten tijde van de zitting bekend is geworden dat [betrokkene] naar Angola moet terugkeren, dan wordt geadviseerd na te gaan hoe snel de repatriëring kan plaatsvinden en aan de hand daarvan kan de maatregel worden verlengd met één dan wel met twee jaar. De visie van de kliniek, die ervaring heeft met repatriëringen, acht de psychiater in deze leidend. Als [betrokkene] in Nederland zou mogen blijven, luidt het advies om de tbs met twee jaar te verlengen, mede gelet op de fase waarin het tbs-traject zich bevindt.
In het rapport van [psycholoog] is opgenomen dat bij [betrokkene] sprake is van een licht verstandelijke beperking en een zeer gebrekkige hechting. Door deze gebrekkige hechting is er sprake van een onrijpe persoonlijkheidsstructuur, die ertoe leidt dat hij onder grote druk psychotisch kan decompenseren. Zijn gebrek aan vertrouwen kan dan leiden tot wantrouwen of zelfs paranoïde achterdocht. Er wordt een ongespecificeerde schizofreniespectrum of andere psychotische stoornis geclassificeerd. De slechte hechting heeft ook geleid tot een scheefgroei in de persoonlijkheid, wat momenteel geclassificeerd kan worden als een antisociale persoonlijkheidsstoornis. Daarnaast is er sprake van trekken van psychopathie in de persoonlijkheid. Tot slot wordt een stoornis in cannabisgebruik (matig van ernst) vastgesteld. De kliniek spreekt over narcistische trekken in de persoonlijkheid van [betrokkene] , terwijl de psycholoog de beschreven kenmerken beschouwd als een symptoom van de onrijpe persoonlijkheidsstructuur, zijnde primitieve afweermechanismen.
Beoordeling
De tbs kan slechts worden verlengd indien de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen de verlenging van de tbs eist. Het recidivegevaar moet nog aanwezig zijn en dient voort te vloeien uit een ziekelijke stoornis en/of een gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens. Gelet op de adviezen van de tbs-instelling en de externe gedragsdeskundigen wordt nog steeds voldaan aan dit wettelijke criterium.
Ten aanzien van de duur van de verlenging heeft de rechtbank conform vaste jurisprudentie in aanmerking genomen dat de terbeschikkingstelling verlengd dient te worden met een termijn van twee jaren wanneer aannemelijk is geworden dat de behandeling en resocialisatie van de terbeschikkinggestelde in het bestaande juridisch kader meer tijd in beslag zal nemen dan de tijd die resteert bij een verlenging met een termijn van een jaar.
Gezien de beschikbare informatie van de tbs-instelling en de externe gedragsdeskundigen ziet de rechtbank geen aanknopingspunten om in enigerlei vorm van de adviezen tot verlenging van de tbs met twee jaar af te wijken, te meer nu de standpunten van de officier van justitie en de verdediging daarmee overeenstemmen. Zowel in de situatie dat [betrokkene] in Nederland mag blijven, als in de situatie dat hij moet repatriëren naar Angola is een verlenging van twee jaar geboden.
Niettemin heeft de rechtbank oog voor de positieve ontwikkelingen die [betrokkene] de afgelopen periode heeft doorgemaakt. Door meer openheid te geven naar zijn behandelaars en een groter probleembesef- en inzicht te tonen, heeft hij een belangrijke stappen gezet. De rechtbank hoopt dat [betrokkene] zijn motivatie en groei de komende periode kan vasthouden.
De rechtbank zal de tbs met verpleging van overheidswege met twee jaar verlengen.
Dictum
De rechtbank verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege van [betrokkene] met twee jaar.
Deze beslissing is gegeven door mr. D.L.J. Martens, voorzitter, mr. M. van de Wetering en mr. W.A.L. Pustjens, in tegenwoordigheid van de griffier mr. D.A.C.M. Roebroeks en is uitgesproken ter openbare zitting op 29 september 2023.
De griffier en de oudste rechter zijn niet in de gelegenheid om de beslissing te ondertekenen.