Rechtspraak 2001-07-31
ECLI:NL:RBUTR:2001:AB2907
Civiel recht
Nr. 132122/KG ZA 01-649/BL 31 juli 2001 ARRONDISSEMENTSRECHTBANK TE UTRECHT VONNIS van de president van de arron- dissementsrechtbank te Utrecht in de zaak van: de vereniging met volledige rechts- bevoegdheid SPORTVERENIGING "HAARLE", gevestigd te Haarle (gemeente Hellendoorn), eiseres, verder te noemen: SV Haarle, procureur: mr. H.C.E. de Vries, advocaat : mr. R.F.A. Rorink te Enschede, - t e g e n - de vereniging met volledige rechts- bevoegdheid KONINKLIJKE NEDERLANDSE VOETBALBOND, gevestigd en kantoorhoudende te Zeist, gedaagde, verder te noemen: de KNVB, procureur: mr. B.F. Keulen, advocaat : mr. H.J.A. Knijff te 's-Gravenhage. 1. Het verloop van het geding 1.1. SV Haarle heeft de KNVB in kort geding doen dagvaarden en op de dienende dag, 18 juli 2001, van eis geconcludeerd overeenkomstig de inhoud van het exploot van dagvaarding, waarvan een fotokopie aan dit vonnis is gehecht. 1.2. SV Haarle heeft haar vordering bij monde van haar advocaat doen toelichten mede aan de hand van pleitnotities en producties. 1.3. De KNVB heeft bij monde van haar advocaat verweer doen voeren eveneens mede aan de hand van pleitnotities en producties. 1.4. Hierop is het debat voortgezet. Tenslotte hebben partijen vonnis gevraagd. 2. De vaststaande feiten 2.1. SV Haarle komt als amateurvoetbalvereniging uit in de competitie van het zondagvoetbal en is gevestigd te Haarle, gelegen in de gemeente Hellendoorn. Gedurende het seizoen 2000/2001 heeft het eerste elftal van SV Haarle gespeeld in de derde klasse B van het zondagamateurvoetbal district Oost. 2.2. In maart 2001 is in het gebied dat - ruwweg - is gelegen in de driehoek Apeldoorn, Zwolle en Deventer een mond en klauwzeer (MKZ) epidemie uitgebroken onder het vee. In verband met het besmettingsgevaar werden door de overheid maatregelen getroffen om verspreiding van het virus tegen te gaan. In verband daarmee werden binnen bedoeld gebied evenhoevige dieren afgemaakt, terwijl de toegang tot het gebied aan beperkingen onderhevig was. 2.3. Binnen het hiervóór bedoelde gebied is de amateur-voetbalvereniging VV Heerde gevestigd. VV Heerde komt uit in dezelfde klasse als SV Haarle. Vanwege de MKZ-epidemie zijn diverse voetbalwedstrijden van het VV Heerde afgelast en/of uitgesteld. Dat geldt ook voor de wedstrijd tussen VV Heerde en SV Haarle die op 25 maart 2001 had moeten plaatsvinden maar die is afgelast wegens een negatief advies van de gemeente Heerde. De wedstrijd is in eerste instantie verplaatst naar 14 april 2001. Nadat SV Haarle op die dag had geweigerd tegen VV Heerde te spelen wegens het besmettingsgevaar, is de wedstrijd door de KNVB vastgesteld op 26 april 2001. 2.4. Bij rondschrijven van 4 april 2001 heeft de KNVB aan alle amateurvoetbalclubs onder meer medegedeeld: "De KNVB heeft de regeling voor uitstel van wedstrijden als gevolg van Mond- en Klauwzeer (MKZ) aangepast. (...) De nieuwe criteria voor het aanvragen van uitstel van wedstrijden in verband met MKZ luiden nu als volgt: 1. Verenigingen kunnen alleen uitstel van wedstrijden voor alle teams krijgen als er door de (lokale) overheid een negatief advies is afgegeven voor het houden van sportactiviteiten, waaronder voetbalwedstrijden, in het door MKZ besmette gebied. Hierbij dient aangegeven te worden of dit geldt voor thuis- en/of uitwedstrijden." 2.5. Bij rondschrijven van 24 april 2001 heeft de KNVB, district Oost, aan de besturen van de voetbalclubs die uitkomen in de 3e klasse B van het zondagvoetbal onder meer medegedeeld: "Vanaf het moment dat er sprake was van het MKZ-virus heeft de KNVB een gedoogbeleid gevoerd waarbij de eerste twee weken geen enkel verzoek tot uitstel is afgewezen. In de week van 2-5 april '01 heeft de KNVB als gevolg van de destijds vastgestelde omstandigheden haar beleid landelijk aangepast en is een andere "lijn" gehanteerd. Destijds bent u via de media en www.knvb.nl op de hoogte gesteld van de gevolgde procedure. (...) Mede gelet op het feit dat er van de zijde van de v.v. Heerde geen enkele belemmering bestaat om de wedstrijden te spelen, zowel thuis als uit, alsook van de zijde van de overheid geen verdere belemmeringen bestaan om sportactiviteiten te houden, zal het bestuur van de KNVB district Oost strakkere lijnen hanteren om te trachten het hierboven genoemde speelplan voor de rest van het seizoen te realiseren. Van de wedstrijden die vanaf het weekend 7/8 april 2001 wegens het niet opkomen geen doorgang hebben gevonden c.q. zullen vinden zal het niet spelen van de wedstrijd worden voorgelegd aan de Tuchtcommissie van de KNVB district Oost. Het bestuur van de KNVB district Oost heeft, mede in verband met de voortgang van de competitie in de 3e klasse B, besloten bij het tweemaal niet opkomen van enig elftal artikel 12, lid6, van het Reglement Wedstrijden Amateurvoetbal ten uitvoer te brengen. (...) Artikel 12 van het Reglement Wedstrijden Amateurvoetbal, waarnaar in de brief wordt verwezen, luidt, voorzover hier van belang, als volgt: "NIET SPELEN OF NIET UITSPELEN VAN WEDSTRIJDEN Artikel 12 3. Een schriftelijke mededeling aan het betreffende bestuur of aan de tegenpartij dat de vereniging de voor haar vastgestelde wedstrijd niet zal spelen, is onherroepelijk. (...) 6.a. Indien er sprake is van schuld aan het niet spelen respectievelijk het niet uitspelen van de wedstrijd, kunnen de tuchtrechtelijke organen als bedoeld in het tuchtreglement amateurvoetbal de in dit reglement genoemde straffen opleggen. b. Onverminderd het bepaalde onder a. heeft het betreffende bestuur de bevoegdheid een elftal uit de competitie te nemen door het enkele feit dat dit elftal twee keer niet is opgekomen in één seizoen." In een rondschrijven van 25 april 2001 heeft de KNVB nogmaals aan de besturen van de voetbalverenigingen in district Oost medegedeeld dat zij bij tweemaal niet opkomen artikel 12 lid 6.b van het Reglement Wedstrijden Amateurvoetbal zal toepassen. 2.6. Bij brief van haar wethouder Sportzaken A. Bakker van 25 april 2001 heeft de gemeente Hellendoorn aan de KNVB, district Oost, onder meer medegedeeld: "Op donderdag 26 april wordt de wedstrijd V.V. Haarle [bedoeld is V.V. Heerde, opm. president] S.V. Haarle gespeeld. Gezien de problematiek rond de mond- en klauwzeer-epidemie en de uitbraak hiervan in de driehoek Apeldoorn, Deventer, Zwolle, wil ik u met klem verzoeken deze wedstrijd af te gelasten en op een later tijdstip te spelen. Voorgaande is ook van toepassing op de lagere elftallen. Dit verzoek is mede ingegeven door de maatschappelijke betrokkenheid van de agrarische bevolking van Haarle rond de mond- en klauwzeer en de angst het virus over te brengen. Ik appelleer nogmaals aan uw maatschappelijke verantwoordelijkheid en ga er van uit dat u dit probleem dat ons allen aangaat op een sportieve manier oplost." 2.7. Bij brief van 25 april 2001 heeft SV Haarle aan de KNVB onder meer medegedeeld: "Het bestuur is na overweging tot de conclusie gekomen dat het momenteel niet verantwoord is, om wedstrijden te laten plaatsvinden tussen elftallen van onze vereniging en elftallen uit het gebied dat door de overheid is aanmerkt als besmettingshaard MKZ. Zij heeft haar beslissing mede laten beïnvloeden door het negatieve advies van onze plaatselijke veearts (...) Het bestuur heeft haar besluit genomen op basis van de volgende argumenten: • De MKZ-besmetting is een agressieve ziekte die verstrekkende gevolgen heeft voor de sociale- en economische situatie van de betrokkenen. • De MKZ-besmetting mag onder geen geval onderschat worden. • De MKZ-besmetting nog niet onder controle is gelet op het feit dat een nieuwe besmettingshaard op zondag 22 april geconstateerd is in Wijhe. 4.1. Het onderhavige geschil dient te worden bezien tegen de achtergrond van de MKZ-epidemie die in maart 2001 was uitgebroken in het gebied dat - ruwweg - is gelegen in de driehoek Apeldoorn, Zwolle en Deventer. Vaststaat dat deze epidemie vanwege het besmettingsgevaar tot zeer ingrijpende maatregelen van de overheid heeft geleid. Deze maatregelen (onder meer bestaande uit beperkingen in de toegang tot het MKZ-gebied en het afmaken van evenhoevige dieren binnen dat gebied) kunnen als algemeen bekend worden verondersteld. Tussen partijen is niet in geschil dat de MKZ-crisis een factor was waarmee in april 2001 bij besluitvorming als hierna aan de orde rekening diende te worden gehouden. 4.2. Op zichzelf genomen dient het juist te worden geacht dat de KNVB beleidsmaatregelen heeft genomen om de voortgang van de voetbalcompetitie ondanks het uitbreken van de MKZ-crisis te waarborgen. SV Haarle heeft dit ook niet betwist. Evenmin heeft SV Haarle betwist dat de KNVB in de gegeven omstandigheden haar medewerking aan uitstel van een wedstrijd mocht weigeren indien de lokale overheid geen negatief advies had gegeven, alsook dat dit standpunt van de KNVB ruimschoots vantevoren bekend was gemaakt. Partijen verschillen in de eerste plaats van mening over het antwoord op de vraag óf in het onderhavige geval sprake was van een dergelijk negatief advies. De KNVB stelt dat dit niet het geval was. SV Haarle daarentegen verwijst naar de brief van de wethouder sportzaken van de gemeente Hellendoorn d.d. 25 april 2001. 4.3. De KNVB stelt dat in het onderhavige geval een negatief advies alleen door de gemeente Heerde kon worden uitgebracht. Tijdens de mondelinge behandeling van dit kort geding heeft de KNVB toegelicht dat slechts de gemeente waarin de thuisspelende voetbalclub is gevestigd als de lokale overheid kan worden beschouwd. De vraag rijst of deze uitleg voldoende duidelijk was voor SV Haarle. Voorshands wordt deze vraag ontkennend beantwoord. Uit de overgelegde relevante correspondentie op dit punt kan niet, en in ieder geval niet ondubbelzinnig, worden afgeleid dat met die aanduiding uitsluitend is bedoeld de gemeente van de thuisspelende voetbalclub. In de brieven die in het geding zijn gebracht geeft de KNVB geen enkele invulling aan het begrip lokale overheid. Haar uitleg lijkt bovendien in strijd met het rondschrijven van 4 april 2001, waarin staat vermeld dat bij het vragen van uitstel dient te worden aangegeven of het gaat om "thuis- en/of uitwedstrijden". 4.4. Ook overigens ligt de invulling die de KNVB thans aan de aanduiding lokale overheid geeft niet zonder meer voor de hand. Zonder nadere uitleg, die in ieder geval in de overgelegde correspondentie ontbreekt, doch die ook ter gelegenheid van de mondelinge behandeling van dit kort geding niet is verkregen, is niet begrijpelijk waarom enkel thuisspelende voetbalclubs op grond van een negatief advies van hun plaatselijke overheid zouden zijn bevrijd van de verplichting om een bepaalde wedstrijd te spelen. Aangenomen moet immers worden dat ook uitspelende voetbalclubs belang kunnen hebben bij het niet spelen van een bepaalde wedstrijd. Daartoe kan worden gerekend het op zichzelf door de KNVB erkende belang van minimalisering van het MKZ-besmettingsgevaar, zeker indien de voetbalvereniging is gevestigd en haar leden en/of haar voetballers werft in een (overwegend) op veehouderij georiënteerd gebied waarin nog geen MKZ was geconstateerd. Niet in geschil is dat deze omschrijving van toepassing is op SV Haarle. Terzijde verdient opmerking dat kan worden betwijfeld of de KNVB met het door haar gehanteerde en uitgelegde begrip "lokale overheid" in voldoende mate heeft gelet op de belangen van de uitspelende voetbalclubs. Deze kwestie kan op grond van het volgende verder in het midden blijven. 4.5. Voorshands wordt op grond van het voorgaande geoordeeld dat SV Haarle in de gegeven omstandigheden mocht aannemen dat zij bij een negatief advies van haar eigen "lokale overheid" (te weten de gemeente Hellendoorn) op grond van het door de KNVB voor uitstel van een wedstrijd aangelegde criterium zou zijn bevrijd van de verplichting om de op die dag tegen VV Heerde vastgestelde wedstrijd te spelen. Dát de gemeente Hellendoorn een negatief advies had afgegeven blijkt voldoende uit de in onderdeel 2.6 weergegeven brief, die de KNVB tijdig, namelijk één dag voor de wedstrijd, heeft bereikt. Het standpunt van de KNVB dat die brief geen negatief advies behelst is in strijd met de duidelijke tekst en strekking daarvan en dient dan ook te worden verworpen. Onder deze omstandigheden dient ernstig te worden betwijfeld of de KNVB op grond van haar eigen beleidsmaatregelen in verband met de MKZ-crisis SV Haarle uit de competitie mocht nemen wegens het ontbreken van een negatief advies van de gemeente Heerde. Uitsluitend voorzover hierover nog anders zou kunnen worden gedacht, geldt het volgende over de vraag of de KNVB de maatregel had mogen opleggen. Opmerking verdient dat de taak van de rechter daarbij in zoverre beperkt is, dat geen plaats is voor volledige toetsing van de gewraakte beslissing, zulks in verband met de beleidsvrijheid die aan het betrokken bestuur toekomt. 4.6. Het betoog van de KNVB dat het desbetreffende bestuur in een geval als het onderhavige op grond van artikel 12 lid 6.b van het Reglement Wedstrijden Amateurvoetbal slechts de maatregel kan nemen van het uit de competitie halen van een voetbalclub, met de daaruit voortvloeiende degradatie naar een lagere klasse, kan voorshands niet als juist worden aanvaard. Hoewel genoemd artikel voor het desbetreffende bestuur niet uitdrukkelijk in andere, minder ingrijpende, maatregelen voorziet, kan het treffen van dergelijke maatregelen zeer wel als het mindere besloten worden geacht in de mogelijkheid die dit artikel biedt. Uitgaande hiervan had het bestuur van de KNVB aldus een maatregel kunnen nemen met voor SV Haarle minder verstrekkende gevolgen. Verwijzing naar de tuchtrechter was daarvoor niet noodzakelijk en, anders dan SV Haarle stelt, ook niet geboden. Het onderhavige geval wijkt wezenlijk af van de situatie die aan de orde was in Hof Amsterdam, 20 juni 1996, NJ 1998/654), met name omdat niet aan de orde is dat SV Haarle in tuchtrechtelijke zin enig verwijt treft en de KNVB ook uitdrukkelijk stelt dat de maatregel niet als straf is bedoeld maar uitsluitend is genomen in verband met (een ordelijk verloop van) de organisatie van de competitie. Dit neemt overigens niet weg dat de KNVB de zaak wel naar de tuchtrechter had kunnen verwijzen teneinde een minder ingrijpende maatregel mogelijk te maken (artikel 12 lid 6.a van het Reglement Wedstrijden Amateurvoetbal). Niet in geschil is immers dat de tuchtrechter wél over de expliciete mogelijkheid beschikt andere maatregelen op te leggen dan het uit de competitie nemen en het zonder meer doen degraderen van een voetbalclub indien deze tweemaal weigert te spelen. Blijkens het volgende lag een minder verstrekkende maatregel ook in de rede. 4.7. Afgaande op de door haar overgelegde producties en hetgeen ter zitting is aangevoerd heeft SV Haarle zorgvuldig afgewogen of zij op 26 april 2001 de wedstrijd tegen VV Heerde zou spelen. Aan dit oordeel draagt bij dat SV Haarle advies heeft ingewonnen bij enkele terzake deskundige instanties (een veearts, de Gewestelijke Land- en Tuinbouworganisatie en de Rijksdienst voor Vee en Vlees) die, evenals de gemeente Hellendoorn, alle een negatief advies hebben gegeven. SV Haarle heeft bij brief van 25 april 2001 aan de KNVB ook gemotiveerd uiteengezet waarom zij niet tegen VV Heerde wenste te spelen. De beslissing om niet te spelen kan derhalve niet als ondoordacht of ongefundeerd worden beschouwd. Op zijn minst genomen vindt deze beslissing enige rechtvaardiging in de zeer uitzonderlijke omstandigheden die zich destijds voordeden. Bovendien is niet gesteld of aannemelijk dat aan die beslissing andere motieven dan hier bedoeld ten grondslag hebben gelegen. Met name is niet aan de orde dat SV Haarle aldus heeft getracht zich een voordeel in de competitie te verschaffen. 4.8. De president: 5.1. gebiedt de KNVB om het eerste elftal van SV Haarle voor het seizoen 2001/2002 in te delen in de derde klasse B van het zondagvoetbal district Oost; 5.2. veroordeelt de KNVB in de kosten van dit geding, tot aan deze uitspraak aan de zijde van SV Haarle begroot op ¦ 1.550,-- voor salaris van de procureur en op ¦ 480,38 voor verschotten; 5.3. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad; 5.4. wijst af het meer of anders gevorderde. Dit vonnis is gewezen door mr. H.J. Schepen, fungerend president, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van 31 juli 2001.