Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
2026-04-23
ECLI:NL:RBROT:2026:5076
Civiel recht
Beschikking
3,487 tokens
Volledig
ECLI:NL:RBROT:2026:5076 text/xml public 2026-05-20T10:24:40 2026-05-01 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Rotterdam 2026-04-23 11769880 VZ VERZ 25-4696 Uitspraak Beschikking NL Rotterdam Civiel recht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2026:5076 text/html public 2026-05-20T10:23:14 2026-05-20 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBROT:2026:5076 Rechtbank Rotterdam , 23-04-2026 / 11769880 VZ VERZ 25-4696 VvE-zaak. Er is geen besluit genomen, zodat het niet mogelijk is dit nietig te verklaren of te vernietigen. Verzoek afgewezen. RECHTBANK ROTTERDAM locatie Rotterdam zaaknummer: 11769880 VZ VERZ 25-4696 datum uitspraak: 23 april 2026 Beschikking van de kantonrechter in de zaak van [verzoeker] , woonplaats: [woonplaats] , verzoeker, gemachtigde: mr. M.J.S. Benning, tegen Vereniging van Eigenaren Flatgebouw [adressen] , vestigingsplaats: [vestigingsplaats] , verweerster, vertegenwoordigd door: [naam 1] . De partijen worden ‘ [verzoeker] ’ en ‘de VvE’ genoemd. 1 De procedure 1.1. Het dossier bestaat uit de volgende processtukken: het verzoekschrift (ontvangen op 30 juni 2025), met bijlagen 1 tot en met 5; het verweerschrift, met bijlagen 1 tot en met 6; de pleitaantekeningen van [verzoeker] . 1.2. Op 26 maart 2026 is de zaak tijdens een zitting met partijen besproken. [verzoeker] was daarbij aanwezig, bijgestaan door zijn gemachtigde. Namens de VvE is de heer [naam 1] , voorzitter, verschenen, vergezeld door de heer [naam 2] , bewoner [adres 1] . Verder waren als belanghebbenden aanwezig mevrouw [naam 3] ( [adres 1] ), de heer [naam 4] ( [adres 2] ) en mevrouw [naam 5] ( [adres 3] ). Alle stemgerechtigde leden zijn opgeroepen en hebben ter zitting de gelegenheid gehad hun standpunt naar voren te brengen. 2 De beoordeling Waar gaat de zaak over? 2.1. [verzoeker] is eigenaar van het appartementsrecht [adres 4] in [woonplaats] . [verzoeker] is daardoor lid van de VvE. 2.2. Op 27 mei 2025 heeft een vergadering van de VvE plaatsgevonden. [verzoeker] stelt dat toen het besluit is genomen dat de 9 balkons waarover de appartementen [adres 5] , [adres 4] en [adres 6] beschikken op kosten van de desbetreffende eigenaren gerenoveerd moeten worden voor een bedrag van in totaal € 64.116,23, omdat de balkons niet gemeenschappelijk zijn. 2.3. [verzoeker] is het niet eens met dit besluit en verzoekt in deze procedure dit besluit nietig te verklaren dan wel te vernietigen. [verzoeker] stelt dat de balkons gemeenschappelijk zijn, zodat de kosten van de renovatie van de balkons voor rekening van de VvE komen. Het besluit is ook in strijd met de redelijkheid en billijkheid, omdat de VvE slechts één offerte (van € 64.116,23) voor de renovatiewerkzaamheden heeft opgevraagd. De VvE is het hier niet mee eens. Het meest verstrekkende verweer is dat op de vergadering van 27 mei 2025 geen besluit is genomen over de renovatie van balkons. Er valt daarom niets nietig verklaard te worden of vernietigd te worden. 2.4. De kantonrechter wijst het verzoek van [verzoeker] af. Hierna wordt uitgelegd waarom. Toetsingskader 2.5. Een besluit van de VvE is nietig als het in strijd is met de wet of de statuten (artikel 2:14 lid 1 BW). Daarnaast is de kantonrechter bevoegd om een besluit van de vergadering van de VvE te vernietigen wegens strijd met de redelijkheid en billijkheid (artikel 2:15 lid 1 sub b BW in samenhang gelezen met artikel 5:130 lid 1 BW). Bij de beoordeling geldt als toetsingsmaatstaf of de vergadering van de VvE bij afweging van alle bij het besluit betrokken belangen in redelijkheid en naar billijkheid tot het besluit heeft kunnen komen. Op de vergadering van 27 mei 2025 is geen besluit genomen over de renovatie van balkons 2.6. De VvE heeft gemotiveerd toegelicht dat op de vergadering van de VvE van 27 mei 2025 geen besluit is genomen over de renovatie van balkons. Dit blijkt ook uit de notulen van deze vergadering. Er is alleen gesproken over de balkons die nog gerenoveerd moeten worden. De heer [naam 6] van [bedrijfsnaam] B.V. heeft op de vergadering gezegd dat volgens hem uit artikel 1 sub d van het modelreglement 1965 blijkt dat de balkons niet tot de gemeenschappelijke gedeelten behoren. Er is pas sprake van een besluit als daarover door de VvE-leden is gestemd. Vaststaat dat er niet is gestemd over de renovatie van balkons (op kosten van de desbetreffende eigenaren). Omdat er geen besluit is genomen, is het niet mogelijk dit nietig te verklaren of te vernietigen. Het verzoek van [verzoeker] wordt daarom afgewezen. 2.7. [verzoeker] heeft tijdens de zitting nog verzocht om een oordeel van de kantonrechter over de vraag of de balkons gemeenschappelijk zijn. Dit verzoek moet worden opgevat als een verklaring voor recht (het vaststellen van een rechtstoestand). Een dergelijke vordering is van onbepaalde waarde en moet worden ingesteld door middel van een exploot van dagvaarding bij de afdeling handel en haven van deze rechtbank. De kantonrechter is dus niet bevoegd om een verklaring voor recht te geven. Ten overvloede overweegt de kantonrechter wel dat in artikel 1 sub d van het modelreglement 1965 is bepaald dat met gemeenschappelijke gedeelten worden bedoeld de gedeelten van het gebouw, welke niet voor afzonderlijk gebruik bestemd zijn. Vaststaat dat de eigenaren van appartementen met balkons het exclusieve gebruiksrecht van die balkons hebben. In het modelreglement is niets specifieks over de balkons bepaald. Op de vergaderingen van de VvE van 4 april 2019 en 19 juni 2019, waarbij [verzoeker] aanwezig was, is afgesproken dat de balkons onder de eigen verantwoordelijkheid van de betreffende eigenaren vallen en dat zij werkzaamheden aan de balkons zelf moeten betalen. Op basis van dit besluit hebben twee eigenaren hun balkons al op eigen kosten laten renoveren. Het voorgaande betekent naar voorlopig oordeel dat de balkons niet gemeenschappelijk zijn. [verzoeker] moet de proceskosten betalen 2.8. De proceskosten komen voor rekening van [verzoeker] , omdat hij ongelijk krijgt. De kantonrechter begroot de kosten die [verzoeker] aan de VvE moet betalen op € 434,- aan salaris voor de gemachtigde (2 punten x € 217,-) en € 108,50 aan nakosten. Dat is in totaal € 542,50. Hier kan nog een bedrag bij komen als deze beschikking wordt betekend. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad 2.9. Deze beschikking wordt voor wat betreft de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad verklaard (artikel 288 Rv). Dat betekent dat de beschikking meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan een hogere rechter vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen. 3 De beslissing De kantonrechter: 3.1. wijst het verzoek van [verzoeker] af; 3.2. veroordeelt [verzoeker] in de proceskosten, die aan de kant van de VvE worden begroot op € 542,50; 3.3. verklaart deze beschikking voor zover het de veroordeling betreft uitvoerbaar bij voorraad. Deze beschikking is gegeven door kantonrechter mr. B.J.R. van Tongeren en in het openbaar uitgesproken. 764
Volledig
ECLI:NL:RBROT:2026:5076 text/xml public 2026-05-20T10:24:40 2026-05-01 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Rotterdam 2026-04-23 11769880 VZ VERZ 25-4696 Uitspraak Beschikking NL Rotterdam Civiel recht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2026:5076 text/html public 2026-05-20T10:23:14 2026-05-20 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBROT:2026:5076 Rechtbank Rotterdam , 23-04-2026 / 11769880 VZ VERZ 25-4696 VvE-zaak. Er is geen besluit genomen, zodat het niet mogelijk is dit nietig te verklaren of te vernietigen. Verzoek afgewezen. RECHTBANK ROTTERDAM locatie Rotterdam zaaknummer: 11769880 VZ VERZ 25-4696 datum uitspraak: 23 april 2026 Beschikking van de kantonrechter in de zaak van [verzoeker] , woonplaats: [woonplaats] , verzoeker, gemachtigde: mr. M.J.S. Benning, tegen Vereniging van Eigenaren Flatgebouw [adressen] , vestigingsplaats: [vestigingsplaats] , verweerster, vertegenwoordigd door: [naam 1] . De partijen worden ‘ [verzoeker] ’ en ‘de VvE’ genoemd. 1 De procedure 1.1. Het dossier bestaat uit de volgende processtukken: het verzoekschrift (ontvangen op 30 juni 2025), met bijlagen 1 tot en met 5; het verweerschrift, met bijlagen 1 tot en met 6; de pleitaantekeningen van [verzoeker] . 1.2. Op 26 maart 2026 is de zaak tijdens een zitting met partijen besproken. [verzoeker] was daarbij aanwezig, bijgestaan door zijn gemachtigde. Namens de VvE is de heer [naam 1] , voorzitter, verschenen, vergezeld door de heer [naam 2] , bewoner [adres 1] . Verder waren als belanghebbenden aanwezig mevrouw [naam 3] ( [adres 1] ), de heer [naam 4] ( [adres 2] ) en mevrouw [naam 5] ( [adres 3] ). Alle stemgerechtigde leden zijn opgeroepen en hebben ter zitting de gelegenheid gehad hun standpunt naar voren te brengen. 2 De beoordeling Waar gaat de zaak over? 2.1. [verzoeker] is eigenaar van het appartementsrecht [adres 4] in [woonplaats] . [verzoeker] is daardoor lid van de VvE. 2.2. Op 27 mei 2025 heeft een vergadering van de VvE plaatsgevonden. [verzoeker] stelt dat toen het besluit is genomen dat de 9 balkons waarover de appartementen [adres 5] , [adres 4] en [adres 6] beschikken op kosten van de desbetreffende eigenaren gerenoveerd moeten worden voor een bedrag van in totaal € 64.116,23, omdat de balkons niet gemeenschappelijk zijn. 2.3. [verzoeker] is het niet eens met dit besluit en verzoekt in deze procedure dit besluit nietig te verklaren dan wel te vernietigen. [verzoeker] stelt dat de balkons gemeenschappelijk zijn, zodat de kosten van de renovatie van de balkons voor rekening van de VvE komen. Het besluit is ook in strijd met de redelijkheid en billijkheid, omdat de VvE slechts één offerte (van € 64.116,23) voor de renovatiewerkzaamheden heeft opgevraagd. De VvE is het hier niet mee eens. Het meest verstrekkende verweer is dat op de vergadering van 27 mei 2025 geen besluit is genomen over de renovatie van balkons. Er valt daarom niets nietig verklaard te worden of vernietigd te worden. 2.4. De kantonrechter wijst het verzoek van [verzoeker] af. Hierna wordt uitgelegd waarom. Toetsingskader 2.5. Een besluit van de VvE is nietig als het in strijd is met de wet of de statuten (artikel 2:14 lid 1 BW). Daarnaast is de kantonrechter bevoegd om een besluit van de vergadering van de VvE te vernietigen wegens strijd met de redelijkheid en billijkheid (artikel 2:15 lid 1 sub b BW in samenhang gelezen met artikel 5:130 lid 1 BW). Bij de beoordeling geldt als toetsingsmaatstaf of de vergadering van de VvE bij afweging van alle bij het besluit betrokken belangen in redelijkheid en naar billijkheid tot het besluit heeft kunnen komen. Op de vergadering van 27 mei 2025 is geen besluit genomen over de renovatie van balkons 2.6. De VvE heeft gemotiveerd toegelicht dat op de vergadering van de VvE van 27 mei 2025 geen besluit is genomen over de renovatie van balkons. Dit blijkt ook uit de notulen van deze vergadering. Er is alleen gesproken over de balkons die nog gerenoveerd moeten worden. De heer [naam 6] van [bedrijfsnaam] B.V. heeft op de vergadering gezegd dat volgens hem uit artikel 1 sub d van het modelreglement 1965 blijkt dat de balkons niet tot de gemeenschappelijke gedeelten behoren. Er is pas sprake van een besluit als daarover door de VvE-leden is gestemd. Vaststaat dat er niet is gestemd over de renovatie van balkons (op kosten van de desbetreffende eigenaren). Omdat er geen besluit is genomen, is het niet mogelijk dit nietig te verklaren of te vernietigen. Het verzoek van [verzoeker] wordt daarom afgewezen. 2.7. [verzoeker] heeft tijdens de zitting nog verzocht om een oordeel van de kantonrechter over de vraag of de balkons gemeenschappelijk zijn. Dit verzoek moet worden opgevat als een verklaring voor recht (het vaststellen van een rechtstoestand). Een dergelijke vordering is van onbepaalde waarde en moet worden ingesteld door middel van een exploot van dagvaarding bij de afdeling handel en haven van deze rechtbank. De kantonrechter is dus niet bevoegd om een verklaring voor recht te geven. Ten overvloede overweegt de kantonrechter wel dat in artikel 1 sub d van het modelreglement 1965 is bepaald dat met gemeenschappelijke gedeelten worden bedoeld de gedeelten van het gebouw, welke niet voor afzonderlijk gebruik bestemd zijn. Vaststaat dat de eigenaren van appartementen met balkons het exclusieve gebruiksrecht van die balkons hebben. In het modelreglement is niets specifieks over de balkons bepaald. Op de vergaderingen van de VvE van 4 april 2019 en 19 juni 2019, waarbij [verzoeker] aanwezig was, is afgesproken dat de balkons onder de eigen verantwoordelijkheid van de betreffende eigenaren vallen en dat zij werkzaamheden aan de balkons zelf moeten betalen. Op basis van dit besluit hebben twee eigenaren hun balkons al op eigen kosten laten renoveren. Het voorgaande betekent naar voorlopig oordeel dat de balkons niet gemeenschappelijk zijn. [verzoeker] moet de proceskosten betalen 2.8. De proceskosten komen voor rekening van [verzoeker] , omdat hij ongelijk krijgt. De kantonrechter begroot de kosten die [verzoeker] aan de VvE moet betalen op € 434,- aan salaris voor de gemachtigde (2 punten x € 217,-) en € 108,50 aan nakosten. Dat is in totaal € 542,50. Hier kan nog een bedrag bij komen als deze beschikking wordt betekend. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad 2.9. Deze beschikking wordt voor wat betreft de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad verklaard (artikel 288 Rv). Dat betekent dat de beschikking meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan een hogere rechter vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen. 3 De beslissing De kantonrechter: 3.1. wijst het verzoek van [verzoeker] af; 3.2. veroordeelt [verzoeker] in de proceskosten, die aan de kant van de VvE worden begroot op € 542,50; 3.3. verklaart deze beschikking voor zover het de veroordeling betreft uitvoerbaar bij voorraad. Deze beschikking is gegeven door kantonrechter mr. B.J.R. van Tongeren en in het openbaar uitgesproken. 764