Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
2026-01-29
ECLI:NL:RBROT:2026:2014
Civiel recht
Eerste aanleg - enkelvoudig
1,619 tokens
=== VOLLEDIG ===
ECLI:NL:RBROT:2026:2014 text/xml public 2026-03-20T05:58:23 2026-03-02 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Rotterdam 2026-01-29 C/10/709187 / HA RK 25-1057 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig NL Rotterdam Civiel recht Rechtspraak.nl Notamail 2026/68 http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2026:2014 text/html public 2026-03-18T13:47:27 2026-03-18 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBROT:2026:2014 Rechtbank Rotterdam , 29-01-2026 / C/10/709187 / HA RK 25-1057 Erfrecht. Benoeming vereffenaar. Artikel 4:203 BW. Onduidelijk of een erfgenaam die de nalatenschap heeft verworpen afstammelingen heeft. Erfgenamenonderzoek in Australië. beschikking RECHTBANK ROTTERDAM Team handel en haven zaaknummer / rekestnummer: C/10/709187 / HA RK 25-1057 Beschikking van 29 januari 2026 in de zaak van mr. Arie Adriaan Jan Schot , notaris en handelend in zijn hoedanigheid als gevolmachtigde van de erfgenamen van mevrouw [naam 1] kantoorhoudende te Tolen, verzoeker, advocaat mr. W.J. Jurgers te Bergen op Zoom. Belanghebbende(n): de op dit moment onbekende afstammelingen van mevrouw [naam 2] (hierna: [naam 2] ), 1 Het procesverloop 1.1. Op 24 oktober 2025 is bij de rechtbank ingekomen het verzoekschrift van verzoeker om een vereffenaar te benoemen op grond van artikel 4:203 lid 1 onder a BW, met producties. 1.2. De griffier heeft bij brief van 30 oktober 2025 aan [naam 2] gevraagd of zij verweer wil voeren tegen het ingekomen verzoekschrift. [naam 2] heeft niet gereageerd. 1.3. Omdat [naam 2] niet heeft aangegeven verweer te willen voeren en verzoeker geen aanspraak heeft gemaakt op een mondelinge behandeling, heeft de rechtbank besloten om zonder mondelinge behandeling uitspraak te doen. 2 De beoordeling 2.1. Verzoeker vraagt om hemzelf, in zijn hoedanigheid als notaris, tot vereffenaar te benoemen in de nalatenschap van mevrouw [naam 1] (hierna: de overledene), die op [overlijdensdatum] 2024 is overleden in Alblasserdam. De rechtbank wijst het verzoek toe. Hierna wordt toegelicht hoe tot dit oordeel is gekomen. 2.2. De rechtbank kan als een nalatenschap onder voorrecht van boedelbeschrijving is aanvaard (de zogenoemde beneficiaire aanvaarding) een vereffenaar benoemen op verzoek van een erfgenaam (artikel 4:203 lid 1 onder a BW). 2.3. Aan deze twee voorwaarden is voldaan, want verzoeker is gevolmachtigde van 30 van de 31 gevonden erfgenamen en deze 30 erfgenamen hebben op 8 oktober 2025 de nalatenschap van de overledene beneficiair aanvaard. 2.4. Wie erfgenaam is van de overledene volgt in beginsel uit een testament. De overledene heeft echter volgens het uittreksel uit het Centraal Testamentenregister geen testament opgemaakt, zodat op grond van de regels die in de wet staan beoordeeld moet worden wie de erfgenamen zijn. Omdat de overledene niet was getrouwd of geregistreerd als partner en geen kinderen heeft achtergelaten, heeft verzoeker – nadat hij bij beschikking van 29 november 2024 door de kantonrechter is benoemd tot tijdelijk beheerder van de goederen van de nalatenschap van de overledene – een erfgenamenonderzoek verricht. Daaruit zijn 31 potentiële erfgenamen gekomen. Van deze erfgenamen hebben 30 erfgenamen de nalatenschap beneficiair aanvaard en verzoeker gemachtigd om namens hen op te treden. [naam 2] , die woonachtig is in Australië, is de laatste potentiële erfgenaam en zij heeft de nalatenschap van de overledene verworpen. Deze verwerping is op 18 december 2025 ingeschreven in het boedelregister. Verzoeker heeft vervolgens in zijn mailbericht van 26 januari 2026 aan de rechtbank bericht dat hij een onderzoek is gestart naar de afstammelingen van [naam 2] . 2.5. Verzoeker heeft voldoende toegelicht dat er een belang is om een vereffenaar te benoemen. Het is namelijk nog onduidelijk of [naam 2] afstammelingen heeft. Verzoeker is daarnaar een onderzoek gestart in Australië. Totdat dit onderzoek is afgerond kan de nalatenschap door de beneficiair aanvaarde erfgenamen niet worden beheerd en afgewikkeld. Tot de nalatenschap behoort echter een woning waarvan de verkoop, vanwege de slechte conditie waarin die woning verkeerd, in gang moet worden gezet. Daarnaast moet ook de aangifte erfbelasting worden afgerond en heeft verzoeker daarvoor geen uitstel meer kunnen krijgen. Gelet hierop is er voldoende belang om een vereffenaar te benoemen. 2.6. Het verzoek is gelet op het voorgaande voor toewijzing vatbaar. Op grond van artikel 4:206 lid 1 BW moet de rechtbank echter, voor zover zij bestaan en bekend zijn, de erfgenamen van de overledene, de executeur en de boedelnotaris horen voordat zij beslist op het verzoek om een vereffenaar te benoemen. Omdat het op dit moment onbekend is of [naam 2] afstammelingen heeft, heeft de rechtbank hen niet kunnen vragen of zij behoefte hebben aan een zitting. Gelet hierop en omdat verzoeker geen aanspraak maakt op een mondelinge behandeling, heeft de rechtbank besloten om zonder mondelinge behandeling uitspraak te doen. 2.7. Het verzoek wordt gelet op het voorgaande toegewezen. De rechtbank benoemt verzoeker tot vereffenaar. Hij moet deze benoeming zelf bekend maken in de Staatscourant. 2.8. Verzoeker vraagt een proceskostenveroordeling kosten rechtens. De rechtbank ziet geen grond voor een proceskostenveroordeling, omdat in het geval van een eenzijdig verzoek, waarbij belanghebbenden gehoord kunnen worden, in beginsel geen plaats is voor een kostenveroordeling. Dit wordt daarom afgewezen. 2.9. De benoeming van de vereffenaar wordt, zoals verzocht, uitvoerbaar bij voorraad verklaard (artikel 288 Rv). 3 De beslissing De rechtbank 3.1. benoemt mr. Arie Adriaan Jan Schot (notaris te Tholen, kantoorhoudende aan de Hoogstraat 15, 4691 CA te Tholen)) tot vereffenaar in de nalatenschap van: [naam 1] , geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1943, laatstelijk wonende in [woonplaats] , overleden op [overlijdensdatum] 2024 in Alblasserdam, 3.2. verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad; 3.3. draagt de vereffenaar op de benoeming bekend te maken in de Staatscourant; 3.4. verzoekt de griffier de benoeming onverwijld in te schrijven in het boedelregister van de rechtbank op voet van het bepaalde in artikel 4:206 lid 6 BW; 3.5. verzoekt de griffier de kantonrechter te Rotterdam, locatie Dordrecht, op de hoogte te stellen van deze benoeming; 3.6. wijst af het meer of anders verzochte. Deze beschikking is gegeven door mr. C. van Steenderen-Koornneef en in het openbaar uitgesproken op 29 januari 2026. 3120