Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
2025-07-11
ECLI:NL:RBROT:2025:8941
Civiel recht
Kort geding
613 tokens
Inleiding
RECHTBANK ROTTERDAM
zaaknummer: 11711707 VV EXPL 25-296
datum uitspraak: 11 juli 2025
Vonnis in kort geding van de kantonrechter
in de zaak van
[eiseres]
,
gevestigd in [plaats] ,
eiseres,
gemachtigde: mr. R. van der Hoeff,
tegen
[gedaagde] ,
wonende in [plaats] ,
gedaagde,
die niet is verschenen.
Procesverloop
1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
de dagvaarding van 19 juni 2025, met bijlagen 1 tot en met 35;
de mondelinge behandeling op 30 juni 2025.
Beoordeling
2.1.
De kantonrechter verleent verstek tegen gedaagde. Gedaagde is namelijk niet verschenen tijdens de mondelinge behandeling, terwijl bij zijn oproeping in deze zaak alle wettelijke termijnen en regels in acht zijn genomen.
2.2.
Het spoedeisend belang van eiseres bij haar vorderingen volgt uit haar stellingen in de dagvaarding.
2.3.
De vorderingen van eiseres komen de voorzieningenrechter niet ongegrond of onrechtmatig voor en worden om die reden toegewezen.
2.4.
Gedaagde krijgt ongelijk en moet daarom de proceskosten betalen (artikel 237 Rv). De kantonrechter stelt deze kosten aan de kant van eiseres tot vandaag vast op € 145,45 aan dagvaardingskosten, € 135,00 aan griffierecht, € 543,00 aan salaris voor de gemachtigde en € 135,00 aan nakosten. Dit is in totaal € 958,45. Hier kan nog een bedrag bijkomen als dit vonnis wordt betekend.
2.5.
Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Dictum
De kantonrechter:
3.1.
veroordeelt gedaagde om de woning aan [adres] ( [postcode] ) in [plaats] binnen acht dagen na betekening van dit vonnis te ontruimen met alle personen en zaken die zich daar vanwege hem bevinden en de woning met alle sleutels ter beschikking van eiseres te stellen;
3.2.
veroordeelt gedaagde in de proceskosten, die aan de kant van eiseres worden begroot op € 958,45;
3.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. P. de Bruin en in het openbaar uitgesproken.
38671