Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
2025-02-26
ECLI:NL:RBROT:2025:3492
Civiel recht
Verschoning
996 tokens
Dictum
op het verzoek van:
mr. K.C.J.M. Hageraats-Bouwens,
rechter-plaatsvervanger in de rechtbank Rotterdam, team Familie (hierna: de rechter),
ertoe strekkende zich te mogen verschonen in de zaak van:
[naam man]
,
wonende te [woonplaats] ,
hierna: de man,
gemachtigde: mr. drs. J. el Hannouche,
tegen
[naam vrouw]
,
wonende te [woonplaats] ,
hierna: de vrouw,
gemachtigde: mr. M. Gruiters.
1Het procesverloop en de processtukken
1.1.
Bij de rechter is in behandeling de zaak tussen de man en de vrouw met kenmerk C/10/675593 / FA RK 24-2034. De mondelinge behandeling in de zaak is gepland op donderdag 27 maart 2025 en de rechter maakt deel uit van de combinatie, die de zitting zal leiden.
1.2.
Op 20 februari 2025 heeft de rechter een schriftelijk verzoek tot verschoning gedaan.
1.3.
Aan de verschoningskamer is ter beschikking gesteld het dossier van de hiervoor omschreven procedure.
2Het verzoek
2.1.
Ter adstructie van het verzoek om verschoning heeft de rechter het volgende – samengevat weergegeven – aangevoerd:
2.1.1.
Naast het werk als rechter-plaatsvervanger is de rechter tevens werkzaam als advocaat-mediator en organiseert zij al ruim tien jaar de intervisiebijeenkomsten met andere advocaat-mediators. De gemachtigde van de vrouw in deze procedure neemt deel aan deze intervisiebijeenkomsten. De rechter heeft geregeld en intensief contact met de leden van de intervisiegroep en daarom ook met de gemachtigde van de vrouw. Dit contact bestaat uit zaakinhoudelijk overleg en contact op persoonlijk vlak. De leden van de intervisie groep, en dus ook de rechter en de gemachtigde van de vrouw, spreken namelijk ook buiten het werk regelmatig met elkaar af.
Beoordeling
3.1.
Verschoning is een middel ter verzekering van de onpartijdigheid van de rechter. Voorop dient te staan dat een rechter uit hoofde van zijn aanstelling moet worden vermoed onpartijdig te zijn, tenzij zich uitzonderlijke omstandigheden voordoen die zwaarwegende aanwijzingen opleveren voor het oordeel dat een rechter jegens een partij een vooringenomenheid koestert, althans dat de bij deze partij dienaangaande bestaande vrees objectief gerechtvaardigd is.
3.2.
Aan de door de rechter aangevoerde omstandigheden valt geen aanwijzing te ontlenen voor het oordeel dat de rechter - subjectief - niet onpartijdig is.
3.3.
Te onderzoeken staat vervolgens of de aangevoerde omstandigheden niettemin een zwaarwegende aanwijzing opleveren voor het oordeel dat de vrees dat de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden - objectief - gerechtvaardigd is.
3.4.
De door de rechter aangevoerde omstandigheid, in samenhang met het gegeven dat de rechter daarin aanleiding heeft gevonden zelf een verzoek in te dienen zich te mogen verschonen van de verdere behandeling van de zaak, levert naar het oordeel van de rechtbank op zichzelf een zwaarwegende aanwijzing als hiervoor onder 3.3 bedoeld op.
3.5.
Het verzoek wordt om deze reden toegewezen.
Dictum
De rechtbank:
- wijst toe het verzoek van mr. K.C.J.M. Hageraats-Bouwens zich in de onder 1.1 genoemde procedure te mogen verschonen.
Deze beslissing is gegeven door mr. W.J.J. Wetzels, voorzitter, mr. J.F. Koekebakker en mr. M.G.L. de Vette, rechters, en door de voorzitter en de griffier ondertekend op
26 februari 2025.
Verzonden op:
aan:
- mr. K.C.J.M. Hageraats-Bouwens
- mr. drs. J. el Hannouche
- mr. M. Gruiters