Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
2025-02-19
ECLI:NL:RBROT:2025:2732
Civiel recht
Eerste aanleg - enkelvoudig
882 tokens
Inleiding
Rechtbank Rotterdam
Team insolventie
afwijzing toepassing schuldsaneringsregeling
rekestnummer: [nummer]
uitspraakdatum: 19 februari 2025
[verzoeker]
,
[adres]
[postcode] [plaats] ,
verzoeker.
Procesverloop
De heer [verzoeker] heeft op 4 oktober 2024 een verzoekschrift met bijlagen ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling. De heer [verzoeker] en zijn beschermings-bewindvoerder, mevrouw S. Cruz, zijn ter zitting van 3 februari 2025 gehoord.
De uitspraak is bepaald op vandaag.
Feiten
De heer [verzoeker] ontvangt inkomsten uit arbeid. Zijn inkomen bedraagt varieert van
€ 2.400,-- tot € 2.600,-- per vier weken. Verzoeker had een afloscapaciteit van circa € 400,-- per maand. Ter zitting heeft verzoeker meegedeeld dat zijn alimentatieverplichting is komen te vervallen, waardoor de afloscapaciteit is gestegen naar ruim € 700,-- per maand. De beschermingsbewindvoerder heeft ter zitting verklaard dat de schuld aan het LBIO van
€ 13.973,75, zoals vermeld op de crediteurenlijst bij het verzoekschrift, volledig door beslaglegging is voldaan. De schuld aan de belastingdienst is daarentegen toegenomen. De beschermingsbewindvoerder heeft ter zitting verklaard dat er sprake is van een schuldenlast van thans ongeveer € 10.000,--. Het spaarsaldo op de beheerrekening bedraagt ca. € 500,--.
Beoordeling
Ingevolge artikel 288, eerste lid, onder a Faillissementswet wordt het verzoek, zoals bedoeld in artikel 284, eerste lid Faillissementswet slechts toegewezen indien voldoende aannemelijk is dat schuldenaar niet zal kunnen voortgaan met het betalen van zijn schulden.
Ter zitting is gebleken dat de schuld aan het LBIO is vervallen. Daarnaast is de schuld van de belastingdienst iets toegenomen. De schuldenlast bedraagt thans ca. € 10.000,--. De heer [verzoeker] heeft inkomsten uit arbeid. Zijn inkomen varieert tussen € 2.400,-- en € 2.600,-- per vier weken. De huidige afloscapaciteit bedraagt op dit moment € 700,-- per maand. Uitgaande van de huidige afloscapaciteit en een schuldenlast van € 10.000,-- kan de heer [verzoeker] binnen een termijn van vijftien maanden zijn volledige schuldenlast voldoen.
De rechtbank oordeelt dat de heer [verzoeker] zich niet bevindt in een problematische schuldsituatie. De heer [verzoeker] bevindt zich niet in een klemmende en uitzichtloze situatie. De heer [verzoeker] heeft perspectief om zijn schuldenlast volledig te voldoen binnen een afzienbare periode.
Het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling zal daarom worden afgewezen.
Volledigheidshalve wordt opgemerkt dat dit niet betekent dat er geen andere feiten of omstandigheden zijn die eveneens tot afwijzing van het verzoek dienen te leiden.
Dictum
De rechtbank:
- wijst het verzoek af.
Dit vonnis is gewezen door mr. M. Aukema, rechter, en in aanwezigheid van
C. van der Velde, griffier, in het openbaar uitgesproken op 19 februari 2025.
Tegen deze uitspraak kan degene aan wie de Faillissementswet dat recht toekent, gedurende acht dagen na de dag van deze uitspraak, hoger beroep instellen. Het hoger beroep kan uitsluitend door een advocaat worden ingesteld bij een verzoekschrift, in te dienen ter griffie van het gerechtshof dat van deze zaak kennis moet nemen.