Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
2025-10-10
ECLI:NL:RBROT:2025:15567
Civiel recht; Personen- en familierecht
Beschikking
4,087 tokens
Volledig
ECLI:NL:RBROT:2025:15567 text/xml public 2026-02-06T15:35:35 2026-01-27 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Rotterdam 2025-10-10 C/10/704603 / JE RK 25-1628 Uitspraak Beschikking NL Rotterdam Civiel recht; Personen- en familierecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2025:15567 text/html public 2026-02-06T15:32:57 2026-02-06 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBROT:2025:15567 Rechtbank Rotterdam , 10-10-2025 / C/10/704603 / JE RK 25-1628 Beschikking van de kinderrechter over een verlenging van een ondertoezichtstellig en verlenging machtiging tot uithuisplaatsing RECHTBANK ROTTERDAM Team Jeugd Zaaknummer: C/10/704603 / JE RK 25-1628 Datum uitspraak: 10 oktober 2025 Beschikking van de kinderrechter over een verlenging ondertoezichtstelling en verlenging machtiging tot uithuisplaatsing in de zaak van de Raad voor de Kinderbescherming , gevestigd in Rotterdam, hierna te noemen de Raad, over [minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2024 in [geboorteplaats], hierna te noemen [minderjarige]. De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan: [naam moeder] , hierna te noemen de moeder, zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland, bijgestaan door advocaat mr. H.E. Visscher, kantoorhoudende in Papendrecht, [naam vader] , hierna te noemen de vader, wonende in [woonplaats], bijgestaan door advocaat mr. J.A. Smits, kantoorhoudende in Rotterdam. De kinderrechter merkt als informanten aan: [naam oma] en [naam opa] , hierna te noemen de oma en de opa vz, tezamen de grootouders vz, wonende te [woonplaats]. 1 Het verdere verloop van de procedure 1.1. De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling: - de beschikking van 5 september 2025 en de daaraan ten grondslag liggende stukken. 1.2. Op 10 oktober 2025 heeft de kinderrechter de zitting met gesloten deuren voortgezet. Daarbij waren aanwezig: - de vader met zijn advocaat; de moeder via een digitale verbinding; de advocaat met haar advocaat; - een vertegenwoordiger van de Raad, [naam 1]; - een vertegenwoordiger van de GI, [naam 2]; - de grootouders vz. 1.3. Aangezien de moeder de Nederlandse taal niet of onvoldoende machtig is, maar wel de Engelse taal, heeft de kinderrechter het verhoor doen plaatsvinden met bijstand van [naam 3], tolk in de Engelse taal. De kinderrechter heeft vastgesteld dat de tolk is beëdigd overeenkomstig het bepaalde in artikel 12 van de Wet beëdigde tolken en vertalers. 2 De feiten 2.1. De vader en de moeder zijn belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige]. 2.2. [minderjarige] verblijft bij de grootouders vz. 2.3. De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 5 september 2025 [minderjarige] onder toezicht gesteld tot 18 oktober 2025. De kinderrechter heeft bij dezelfde beschikking een machtiging verleend [minderjarige] gedurende dag en nacht uit huis te plaatsen bij de grootouders vz tot 18 oktober 2025. De beslissing op het overige is aangehouden. 3 Het aangehouden verzoek van de Raad 3.1. De Raad verzoekt de ondertoezichtstelling van [minderjarige] te verlengen voor de duur van één jaar. Ook verzoekt de Raad de machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige] bij de opa en oma vz te verlengen voor de duur van de ondertoezichtstelling. De maatregelen zijn reeds toegewezen tot 18 oktober 2025. Thans dient nog te worden beslist op de resterende duur tot 5 september 2026. De Raad verzoekt de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren. 3.2. De Raad handhaaft het verzoek ter zitting en licht dit als volgt toe. De ouders zijn in een langdurig conflict met elkaar en er bestaan zorgen over hun psychisch welzijn en opvoedvaardigheden. De voortdurende strijd tussen hen vormt een ontwikkelingsbedreiging voor [minderjarige]. De Raad verwacht dat het nog geruime tijd zal duren voordat duidelijk is wat de toekomstmogelijkheden voor [minderjarige] zijn. De echtscheidingsprocedure van de ouders is pas net gestart en zal naar verwachting lang voortduren. Om deze reden is het van belang dat de maatregelen voor een ruime periode worden verlengd, zodat de stabiliteit die [minderjarige] heeft bij de grootouders vz voorlopig blijft. 4 De standpunten 4.1. De GI heeft zich ter zitting aangesloten bij het verzoek van de Raad en licht dit als volgt toe. De samenwerking tussen de vader en de grootouders vz verloopt goed. [minderjarige] woont bij haar grootouders, waar zij zich positief ontwikkelt. Zij is een vrolijk meisje en er is sprake van een liefdevolle en stabiele opvoedsituatie. De band tussen [minderjarige], haar grootouders vz en de vader versterkt zich zichtbaar. De grootouders vz zijn inmiddels officieel als pleegouders aangesteld. De vader bezoekt [minderjarige] bijna dagelijks en neemt dan de zorg voor haar op zich, onder toezicht van de grootouders. Hij werkt goed samen met de GI en stelt de veiligheid van [minderjarige] voorop. Wel is nader zicht nodig op zijn opvoedvaardigheden en emotieregulatie, mede gelet op zijn PDD-NOS-diagnose. Hiervoor start hij in november een traject bij IHUB Het contact met de moeder verloopt moeizaam. Zij verblijft in Polen en communiceert voornamelijk per e-mail met de GI. [minderjarige] heeft twee keer per week telefonisch contact met de moeder, al verloopt dat wisselend. De moeder geeft aan in Polen te willen blijven wonen en werken. De komende periode zal verder zicht moeten komen op de opvoedvaardigheden van de vader, de ondersteuningsbehoefte van de grootouders en de rol die de moeder in het leven van [minderjarige] kan vervullen. 4.2. Door en namens de moeder is ter zitting het volgende naar voren gebracht. De moeder verblijft in Polen, waar zij een woning en werk heeft. Zij ervaart groot verdriet over de situatie en voelt zich buiten spel gezet. De aandacht van de GI richt zich voornamelijk op de rol van de vader en de grootouders vz, terwijl haar rol nauwelijks wordt meegenomen. De moeder betwist dat zij onbereikbaar is. Zij isis bereid om mee te werken aan afspraken. Het contact met [minderjarige] verloopt moeilijk: [minderjarige] spreekt geen van de talen van de moeder, waardoor communicatie nauwelijks mogelijk is. Dit doet de moeder veel pijn, omdat zij zich daardoor niet meer herkent in haar dochter en haar culturele achtergrond verloren ziet gaan. Zij wil graag meer betrokken worden bij de opvoeding en ontwikkeling van [minderjarige] door de GI. 4.3. Door en namens de vader is ter zitting ingestemd met het verzoek van de GI. Het gaat goed met [minderjarige] bij haar grootouders vz. Zij krijgt daar rust, structuur en liefde, en komt zichtbaar tot ontwikkeling. In het belang van [minderjarige] dient haar verblijf bij de grootouders vz voortgezet te worden, omdat dit haar veel stabiliteit biedt. De vader bezoekt haar bijna elke dag en helpt mee in haar verzorging. Hij wil in de toekomst een grotere rol spelen in haar opvoeding, maar begrijpt dat hiervoor eerst zicht moet komen op zijn opvoedvaardigheden. Daarom werkt hij mee aan het traject bij IHUB en aan de afspraken met de GI. De vader begrijpt dat de moeder zich verdrietig voelt, maar vindt het niet in [minderjarige] belang om haar uit haar vertrouwde omgeving te halen. Overigens spreekt [minderjarige] nog geen enkele taal. 5 De informatie van de grootouders vz 5.1. De grootouders vz hebben ter zitting verklaard dat het goed gaat met [minderjarige]. In het begin was [minderjarige] nog angstig, huilde veel en had zij moeite met slapen. Inmiddels is zij tot rust gekomen en laat zij een positieve ontwikkeling zien. Zij is aanhankelijk en toont affectie naar de grootouders vz. De grootouders kunnen de zorg voor [minderjarige] dragen voor zo lang dat nodig is. 6 De beoordeling 6.1. Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting blijkt dat [minderjarige] nog altijd in haar ontwikkeling wordt bedreigd. De kinderrechter zal de ondertoezichtstelling dan ook verlengen. De zorgen zien op de psychische gesteldheid van beide ouders, de aanhoudende strijd rondom de echtscheiding en het feit dat de moeder in het buitenland verblijft. Deze omstandigheden maken dat er onvoldoende duidelijkheid is over het toekomstperspectief van [minderjarige] en de rol die beide ouders daarin kunnen vervullen.
Volledig
ECLI:NL:RBROT:2025:15567 text/xml public 2026-02-06T15:35:35 2026-01-27 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Rotterdam 2025-10-10 C/10/704603 / JE RK 25-1628 Uitspraak Beschikking NL Rotterdam Civiel recht; Personen- en familierecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBROT:2025:15567 text/html public 2026-02-06T15:32:57 2026-02-06 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBROT:2025:15567 Rechtbank Rotterdam , 10-10-2025 / C/10/704603 / JE RK 25-1628 Beschikking van de kinderrechter over een verlenging van een ondertoezichtstellig en verlenging machtiging tot uithuisplaatsing RECHTBANK ROTTERDAM Team Jeugd Zaaknummer: C/10/704603 / JE RK 25-1628 Datum uitspraak: 10 oktober 2025 Beschikking van de kinderrechter over een verlenging ondertoezichtstelling en verlenging machtiging tot uithuisplaatsing in de zaak van de Raad voor de Kinderbescherming , gevestigd in Rotterdam, hierna te noemen de Raad, over [minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2024 in [geboorteplaats], hierna te noemen [minderjarige]. De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan: [naam moeder] , hierna te noemen de moeder, zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland, bijgestaan door advocaat mr. H.E. Visscher, kantoorhoudende in Papendrecht, [naam vader] , hierna te noemen de vader, wonende in [woonplaats], bijgestaan door advocaat mr. J.A. Smits, kantoorhoudende in Rotterdam. De kinderrechter merkt als informanten aan: [naam oma] en [naam opa] , hierna te noemen de oma en de opa vz, tezamen de grootouders vz, wonende te [woonplaats]. 1 Het verdere verloop van de procedure 1.1. De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling: - de beschikking van 5 september 2025 en de daaraan ten grondslag liggende stukken. 1.2. Op 10 oktober 2025 heeft de kinderrechter de zitting met gesloten deuren voortgezet. Daarbij waren aanwezig: - de vader met zijn advocaat; de moeder via een digitale verbinding; de advocaat met haar advocaat; - een vertegenwoordiger van de Raad, [naam 1]; - een vertegenwoordiger van de GI, [naam 2]; - de grootouders vz. 1.3. Aangezien de moeder de Nederlandse taal niet of onvoldoende machtig is, maar wel de Engelse taal, heeft de kinderrechter het verhoor doen plaatsvinden met bijstand van [naam 3], tolk in de Engelse taal. De kinderrechter heeft vastgesteld dat de tolk is beëdigd overeenkomstig het bepaalde in artikel 12 van de Wet beëdigde tolken en vertalers. 2 De feiten 2.1. De vader en de moeder zijn belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige]. 2.2. [minderjarige] verblijft bij de grootouders vz. 2.3. De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 5 september 2025 [minderjarige] onder toezicht gesteld tot 18 oktober 2025. De kinderrechter heeft bij dezelfde beschikking een machtiging verleend [minderjarige] gedurende dag en nacht uit huis te plaatsen bij de grootouders vz tot 18 oktober 2025. De beslissing op het overige is aangehouden. 3 Het aangehouden verzoek van de Raad 3.1. De Raad verzoekt de ondertoezichtstelling van [minderjarige] te verlengen voor de duur van één jaar. Ook verzoekt de Raad de machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige] bij de opa en oma vz te verlengen voor de duur van de ondertoezichtstelling. De maatregelen zijn reeds toegewezen tot 18 oktober 2025. Thans dient nog te worden beslist op de resterende duur tot 5 september 2026. De Raad verzoekt de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren. 3.2. De Raad handhaaft het verzoek ter zitting en licht dit als volgt toe. De ouders zijn in een langdurig conflict met elkaar en er bestaan zorgen over hun psychisch welzijn en opvoedvaardigheden. De voortdurende strijd tussen hen vormt een ontwikkelingsbedreiging voor [minderjarige]. De Raad verwacht dat het nog geruime tijd zal duren voordat duidelijk is wat de toekomstmogelijkheden voor [minderjarige] zijn. De echtscheidingsprocedure van de ouders is pas net gestart en zal naar verwachting lang voortduren. Om deze reden is het van belang dat de maatregelen voor een ruime periode worden verlengd, zodat de stabiliteit die [minderjarige] heeft bij de grootouders vz voorlopig blijft. 4 De standpunten 4.1. De GI heeft zich ter zitting aangesloten bij het verzoek van de Raad en licht dit als volgt toe. De samenwerking tussen de vader en de grootouders vz verloopt goed. [minderjarige] woont bij haar grootouders, waar zij zich positief ontwikkelt. Zij is een vrolijk meisje en er is sprake van een liefdevolle en stabiele opvoedsituatie. De band tussen [minderjarige], haar grootouders vz en de vader versterkt zich zichtbaar. De grootouders vz zijn inmiddels officieel als pleegouders aangesteld. De vader bezoekt [minderjarige] bijna dagelijks en neemt dan de zorg voor haar op zich, onder toezicht van de grootouders. Hij werkt goed samen met de GI en stelt de veiligheid van [minderjarige] voorop. Wel is nader zicht nodig op zijn opvoedvaardigheden en emotieregulatie, mede gelet op zijn PDD-NOS-diagnose. Hiervoor start hij in november een traject bij IHUB Het contact met de moeder verloopt moeizaam. Zij verblijft in Polen en communiceert voornamelijk per e-mail met de GI. [minderjarige] heeft twee keer per week telefonisch contact met de moeder, al verloopt dat wisselend. De moeder geeft aan in Polen te willen blijven wonen en werken. De komende periode zal verder zicht moeten komen op de opvoedvaardigheden van de vader, de ondersteuningsbehoefte van de grootouders en de rol die de moeder in het leven van [minderjarige] kan vervullen. 4.2. Door en namens de moeder is ter zitting het volgende naar voren gebracht. De moeder verblijft in Polen, waar zij een woning en werk heeft. Zij ervaart groot verdriet over de situatie en voelt zich buiten spel gezet. De aandacht van de GI richt zich voornamelijk op de rol van de vader en de grootouders vz, terwijl haar rol nauwelijks wordt meegenomen. De moeder betwist dat zij onbereikbaar is. Zij isis bereid om mee te werken aan afspraken. Het contact met [minderjarige] verloopt moeilijk: [minderjarige] spreekt geen van de talen van de moeder, waardoor communicatie nauwelijks mogelijk is. Dit doet de moeder veel pijn, omdat zij zich daardoor niet meer herkent in haar dochter en haar culturele achtergrond verloren ziet gaan. Zij wil graag meer betrokken worden bij de opvoeding en ontwikkeling van [minderjarige] door de GI. 4.3. Door en namens de vader is ter zitting ingestemd met het verzoek van de GI. Het gaat goed met [minderjarige] bij haar grootouders vz. Zij krijgt daar rust, structuur en liefde, en komt zichtbaar tot ontwikkeling. In het belang van [minderjarige] dient haar verblijf bij de grootouders vz voortgezet te worden, omdat dit haar veel stabiliteit biedt. De vader bezoekt haar bijna elke dag en helpt mee in haar verzorging. Hij wil in de toekomst een grotere rol spelen in haar opvoeding, maar begrijpt dat hiervoor eerst zicht moet komen op zijn opvoedvaardigheden. Daarom werkt hij mee aan het traject bij IHUB en aan de afspraken met de GI. De vader begrijpt dat de moeder zich verdrietig voelt, maar vindt het niet in [minderjarige] belang om haar uit haar vertrouwde omgeving te halen. Overigens spreekt [minderjarige] nog geen enkele taal. 5 De informatie van de grootouders vz 5.1. De grootouders vz hebben ter zitting verklaard dat het goed gaat met [minderjarige]. In het begin was [minderjarige] nog angstig, huilde veel en had zij moeite met slapen. Inmiddels is zij tot rust gekomen en laat zij een positieve ontwikkeling zien. Zij is aanhankelijk en toont affectie naar de grootouders vz. De grootouders kunnen de zorg voor [minderjarige] dragen voor zo lang dat nodig is. 6 De beoordeling 6.1. Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting blijkt dat [minderjarige] nog altijd in haar ontwikkeling wordt bedreigd. De kinderrechter zal de ondertoezichtstelling dan ook verlengen. De zorgen zien op de psychische gesteldheid van beide ouders, de aanhoudende strijd rondom de echtscheiding en het feit dat de moeder in het buitenland verblijft. Deze omstandigheden maken dat er onvoldoende duidelijkheid is over het toekomstperspectief van [minderjarige] en de rol die beide ouders daarin kunnen vervullen.