Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
2024-01-16
ECLI:NL:RBROT:2024:479
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Kort geding
940 tokens
Inleiding
RECHTBANK ROTTERDAM
locatie Rotterdam
zaaknummer: 10828713 VV EXPL 23-606
datum uitspraak: 16 januari 2024 (bij vervroeging)
Vonnis in kort geding van de kantonrechter
in de zaak van
Vivada Properties 1 B.V.
,
vestigingsplaats: Amsterdam,
eiseres,
gemachtigde: mr. E. Doornbos,
tegen
[gedaagde01]
,
woonplaats: [woonplaats01] ,
gedaagden,
die niet zijn verschenen.
De partijen worden hierna ‘Eiseres’ en ‘Gedaagden’ genoemd.
Procesverloop
1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
de dagvaarding van 14 december 2023, met producties;
de mail van 5 januari 2024, met bijlagen.
1.2.
Op 9 januari 2024 is de zaak tijdens een zitting met [naam01] namens Eiseres en mr. E. Doornbos besproken. Gedaagden zijn niet verschenen. Tegen hen is verstek verleend.
Beoordeling
2.1.
Een eis in kort geding kan worden toegewezen als de eisende partij hierbij zoveel spoed heeft dat die de uitkomst van een gewone procedure niet hoeft af te wachten (artikel 254 lid 1 Rv). Uit de stellingen van Eiseres volgt dat deze spoed aanwezig is. De eis wordt toegewezen omdat deze niet onrechtmatig of ongegrond is (artikel 139 Rv).
Ontruiming
2.2.
Het is voldoende aannemelijk dat in een bodemprocedure de gevorderde ontruiming zal worden toegewezen. Op grond van artikel 5:2 BW is Eiseres als eigenaresse van het pand bevoegd haar eigendom terug te eisen van een ieder die de zaak zonder recht of titel onder zich houdt. Het staat vast dat Gedaagden zonder recht of titel in het pand verblijven. Daarmee is het verblijf van Gedaagden in het pand onrechtmatig jegens Eiseres. De gevorderde ontruiming van het pand wordt daarom toegewezen.
Tenuitvoerlegging ten opzichte van derden
2.3.
Eiseres heeft voorts verzocht te bepalen dat het vonnis ook ten uitvoer kan worden gelegd tegen een ieder die zich ten tijde van de tenuitvoerlegging in het pand bevindt of daar binnentreedt (artikel 557a lid 3 Rv). De bepaling is bedoeld voor de situatie dat op het moment van tenuitvoerlegging van een ontruimingsvonnis ook andere personen, dan tegen wie de ontruiming is uitgesproken, aanwezig zouden kunnen zijn. Dat daarvan sprake kan zijn, is aannemelijk omdat het pand in het verleden ook door anderen is gekraakt. Deze vordering zal daarom worden toegewezen, met de hierna te melden tijdsbepaling.
Proceskosten
2.4.
Eiseres krijgt gelijk. Gedaagden moeten daarom de proceskosten betalen (artikel 237 Rv). De kantonrechter stelt deze kosten aan de kant van Eiseres tot vandaag vast op € 129,14 aan dagvaardingskosten, € 128,- aan griffierecht, € 529,- aan salaris voor de gemachtigde en € 132,- aan nakosten. Dit is totaal € 918,14. Hier kan nog een bedrag bijkomen als de uitspraak wordt betekend.
Uitvoerbaarheid bij voorraad
2.5.
Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard (artikel 233 Rv).
Dictum
De kantonrechter:
3.1.
veroordeelt Gedaagden om binnen drie dagen na betekening van dit vonnis het pand aan [adres01] te [plaats01] te ontruimen met alle daarin aanwezige personen en zaken, tenzij deze zaken van Eiseres zijn en de sleutels af te geven aan Eiseres;
3.2.
bepaalt dat dit vonnis tot 16 juli 2024, dan wel tot een half jaar na de dag dat dit vonnis bekrachtigd wordt, ten uitvoer kan worden gelegd tegen een ieder die zich ten tijde van de tenuitvoerlegging daar bevindt of daar binnentreedt en telkens wanneer dat zich voordoet;
3.3.
veroordeelt Gedaagden in de proceskosten, die aan de kant van Eiseres tot vandaag worden vastgesteld op € 918,14;
3.4.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
3.5.
wijst al het andere af.
Dit vonnis is gewezen door mr. F. Aukema-Hartog en in het openbaar uitgesproken.
754