Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
2024-02-15
ECLI:NL:RBROT:2024:1536
Civiel recht; Personen- en familierecht
Beschikking
1,102 tokens
Inleiding
Rechtbank Rotterdam
Team insolventie
voorlopige voorziening ex artikel 287b Faillissementswet: afwijzing
toepassing schuldsaneringsregeling: niet-ontvankelijk
rekestnummers: [nummer]
uitspraakdatum: 15 februari 2024
[verzoekster]
,
wonende te [adres]
[woonplaats],
verzoekster.
Procesverloop
Verzoekster heeft op 18 januari 2024, met een verzoekschrift ex artikel 284 Faillissementswet (Fw), een verzoekschrift ex artikel 287b, eerste lid, Fw ingediend, waarin wordt gevraagd om een voorlopige voorziening bij voorraad.
In het vonnis van deze rechtbank van 23 januari 2024 heeft de rechtbank de behandeling van het verzoekschrift bepaald op 8 februari 2024.
Ter zitting van 8 februari 2024 zijn verschenen en gehoord:
verzoekster;
mr. E.R. Butin Bik, werkzaam bij Advocatenkantoor Moerdijk (hierna: schuldhulpverlening).
Essent Retail Energie B.V., gevestigd te ‘s-Hertogenbosch (hierna: verweerster) is, hoewel daartoe behoorlijk opgeroepen, zonder bericht van verhindering, niet ter terechtzitting verschenen.
De rechtbank heeft de uitspraak bepaald op heden.
2Het verzoek
Het verzoek strekt ertoe op grond van artikel 287b, eerste lid, Fw bij uitspraak een voorlopige voorziening te treffen en verweerster, te verbieden de nakoming van haar verbintenis die voortvloeit uit een overeenkomst tot het geregeld afleveren van gas en elektriciteit jegens verzoekster op te schorten.
Schuldhulpverlening heeft ter zitting verklaard dat zij bekend is met de regeling “Regeling afsluitbeleid kleingebruikers”. Schuldhulpverlening heeft tevens meegedeeld zij zich heeft gemeld bij verweerster en dat de afsluiting niet heeft plaatsgevonden. Van verweerster is echter niets meer vernomen, om welke reden het moratoriumverzoek is ingediend. Verzoekster heeft verklaard dat zij 24 uur per week werkzaam is bij Humanitas en dat zij haar werkgever heeft verzocht om haar uren uit te breiden. Schuldhulpverlening heeft meegedeeld dat er sprake is van een vorm van budgetbeheer. De inkomsten zijn voldoende om de lopende termijnen van energie en gas te voldoen.
3Het verweer
Hoewel behoorlijk opgeroepen heeft verweerster geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid haar standpunt schriftelijk dan wel ter zitting toe te lichten.
Beoordeling
Allereerst dient te worden beoordeeld of sprake is van een bedreigende situatie zoals dwingend is voorgeschreven in artikel 287b, tweede lid, Fw. Verzoekster heeft weliswaar een brief van verweerster overgelegd dat er tot afsluiting van de energie- en gaslevering zal worden overgegaan, echter, ingevolge artikel 4b lid 1 onder a van de Regeling afsluitbeleid kleinverbruikers mag een energieleverancier niet tot afsluiting van de energie- en/of gaslevering overgaan indien verzoekster heeft verzocht om schuldhulpverlening. Schuldhulpverlening heeft ter zitting verklaard dat zij zich heeft gemeld bij verweerster. Voorts heeft schuldhulpverlener gemeld dat de eerder aangekondigde afsluiting geen doorgang heeft gevonden. Op grond van het bovenstaande is de rechtbank van oordeel dat thans geen sprake meer is van een (spoedeisend) belang dan wel een bedreigende situatie zoals is voorgeschreven in artikel 287b, tweede lid, Fw. Nu hiervan geen sprake is, zal het verzoek worden afgewezen.
Nu het minnelijk traject naar verwachting niet op korte termijn zal zijn afgerond, zal verzoekster gelet op het bepaalde in artikel 285, eerste lid, sub f, in samenhang met artikel 287, tweede lid, Fw, ten aanzien van het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 284, tweede lid, Fw, niet-ontvankelijk worden verklaard. Zo nodig kan verzoekster te zijner tijd een nieuw verzoek indienen.
Dictum
De rechtbank:
- wijst het verzoek ex artikel 287b Fw af;
- verklaart verzoekster niet-ontvankelijk in haar verzoek ex artikel 284, tweede lid, Fw.
Dit vonnis is gewezen door mr. C. de Jong, rechter, en in aanwezigheid van
C. van der Velde, griffier, in het openbaar uitgesproken op 15 februari 2024.