Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
2024-11-08
ECLI:NL:RBROT:2024:12056
Civiel recht; Insolventierecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
1,650 tokens
Inleiding
Rechtbank Rotterdam
Team insolventie
insolventienummer: [nummer]
vonnis van: 8 november 2024
op het verzoek van:
[verzoekster]
,
wonende te [adres],
[woonplaats].
Waar deze zaak over gaat
[verzoekster] bevindt zich in een problematische schuldensituatie. Om tot een oplossing voor haar schulden te komen heeft [verzoekster] een verzoek gedaan te worden toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP). Dit verzoek wordt toegewezen. De rechtbank legt hierna uit waarom zij zo beslist.
Procesverloop
1.1.
[verzoekster] heeft een verzoek ingediend om te worden toegelaten tot de WSNP.
1.2.
Het verzoek is behandeld op de zitting van 9 oktober 2024. Op de zitting zijn verschenen:
- [verzoekster],
- de heer J.A. van Es, schuldhulpverlener van de Kredietbank Rotterdam.
1.3.
De mondelinge behandeling is ter zitting aangehouden, zodat ook de begeleider van het Wijkteam bij de zitting aanwezig kan zijn. Verzoekster zal in de tussenliggende periode nadenken over beschermingsbewind en of zij haar opleiding wenst af te maken.
1.4.
Het verzoek is verder behandeld op de zitting van 12 oktober 2024. Op de zitting zijn verschenen:
- [verzoekster],
- de heer J.A. van Es en mevrouw O. Karsters, schuldhulpverleners van de Kredietbank Rotterdam,
- mevrouw K. Blom, begeleider vanuit het Wijkteam.
Beoordeling
De toelating
2.1.
[verzoekster] kan worden toegelaten tot de WSNP als zij zich in een problematische schuldensituatie bevindt en zij te goeder trouw was bij het ontstaan en onbetaald laten van haar schulden. De rechtbank kijkt daarbij vooral naar de afgelopen drie jaar. Ook moet de verwachting bestaan dat [verzoekster] aan de verplichtingen van de WSNP zal voldoen.
2.2.
[verzoekster] voldoet aan alle eisen en wordt toegelaten tot de WSNP.
De verplichtingen
2.3.
De verplichtingen waaraan [verzoekster] tijdens de WSNP moet voldoen zijn: de informatieverplichting, de inspanningsverplichting, de verplichting geen nieuwe schulden te laten ontstaan, de verplichting om schuldeisers niet te benadelen en de afdrachtverplichting. Er wordt een bewindvoerder benoemd. Deze bewindvoerder controleert of de verplichtingen worden nagekomen. Er wordt ook een rechter-commissaris benoemd. De taak van de rechter-commissaris is om toezicht te houden op de bewindvoerder.
2.4.
[verzoekster] is bezig met een opleiding, die zij naar verwachting in maart 2025 zal afronden. Gelet hierop kan [verzoekster] in de periode tot en met maart 2025 de inspanningsverplichting niet naar behoren nakomen. Het volgen van een opleiding gaat in beginsel niet samen met de schuldsaneringsregeling, vanwege de inspanningsverplichting. [verzoekster] heeft er, zoals ter zitting is toegelicht, evenwel belang bij om nu te worden toegelaten. Toelating tot de schuldsaneringsregeling levert [verzoekster] rust en stabiliteit op. Gelet op het voorgaande zal [verzoekster] worden toegelaten tot de schuldsaneringsregeling voor de duur van 23 maanden (zie artikel 349a lid 1 van de Faillissementswet). [verzoekster] heeft hiermee ter zitting ingestemd. De schuldsaneringsregeling wordt dus met vijf maanden verlengd om het niet nakomen van de inspanningsverplichting in de periode vanaf datum toelating tot en met maart 2025 te compenseren.
2.5.
Ook heeft de rechtbank in het bijzonder gekeken of [verzoekster] de verplichting om geen nieuwe schulden te laten ontstaan naar behoren zal nakomen. Nu [verzoekster] gebruikt maakt van budgetbeheer en haar vaste lasten door de budgetbeheerder worden betaald, heeft de rechtbank er voldoende vertrouwen in dat [verzoekster] geen nieuwe schulden zal laten ontstaan tijdens de schuldsaneringsregeling. Ter zitting is verklaard dat het budgetbeheer tijdens de schuldsaneringsregeling zal doorlopen.
2.6.
Als [verzoekster] zich tijdens het WSNP-traject houdt aan alle verplichtingen die de WSNP met zich brengt, eindigt het traject met de zogenoemde “schone lei”. Dit betekent dat schuldeisers hun vorderingen ten aanzien waarvan de WSNP werkt niet meer op [verzoekster] kunnen verhalen.
Postblokkade
2.7.
De eerste dertien maanden van het traject geldt een postblokkade. Dat betekent dat in die periode alle post naar de bewindvoerder gaat. De bewindvoerder stuurt de post na controle door aan [verzoekster]. Als de schuldsaneringsregeling eerder eindigt, stopt ook de postblokkade.
Bevoegdheid rechtbank
2.8.
De rechtbank is, gelet op het bepaalde in artikel 3 lid 1 Verordening (EU) 2015/848 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie, bevoegd deze insolventieprocedure als hoofdprocedure te openen nu het centrum van voornaamste belangen van [verzoekster] in Nederland ligt.
Dictum
De rechtbank:
- spreekt de toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling uit ten aanzien van:
[verzoekster]
,
geboren op [geboortedatum]1995 te [geboorteplaats],
wonende te [adres];
- benoemt tot rechter-commissaris mr. M.C. Franken
en tot bewindvoerder J.M. Hoogland,
gevestigd te [postadres]
;
- stelt de ingangsdatum van de schuldsaneringsregeling vast op 20 november 2024 en de einddatum op 20 oktober 2026;
- draagt de bewindvoerder op om de komende dertien maanden de post van [verzoekster] in te zien;
- bepaalt dat de bewindvoerder een voorschot op de vergoeding mag nemen volgens het Besluit vergoeding bewindvoerder schuldsanering. Deze vergoeding is gelijk aan 1/24e deel van de overeenkomstig artikel 2 van dat Besluit te berekenen vergoeding. Dit kan alleen:
- zolang de schuldsaneringsregeling loopt en,
- voor zover de boedel toereikend is.
Dit is de beslissing van mr. M.C. Franken, rechter, in samenwerking met S.R.L.T. Peek, griffier. Deze beslissing is in het openbaar uitgesproken op 20 november 2024.