Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
2023-10-11
ECLI:NL:RBROT:2023:9355
Civiel recht
Eerste aanleg - enkelvoudig
3,516 tokens
Inleiding
vonnis
RECHTBANK ROTTERDAM
Team handel en haven
zaaknummer / rolnummer: C/10/661988 / HA ZA 23-603
Vonnis in incident van 11 oktober 2023
in de zaak van
de rechtspersoon naar het recht van Singapore
ASIA AIRBLAST PTE LTD,
gevestigd in Singapore,
eiseres in conventie in de hoofdzaak,
verweerster in reconventie in de hoofdzaak,
verweerster in het incident,
advocaat mr. S. Jansen te Alkmaar,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
VERTIDRIVE B.V.,
gevestigd in Rotterdam,
gedaagde in conventie in de hoofdzaak,
eiseres in reconventie in de hoofdzaak,
eiseres in het incident,
advocaten mrs. D.J.M. Kulk en M. Renzen te Rotterdam.
De partijen worden hierna ‘Asia Airblast’ en ‘Vertidrive’ genoemd.
Procesverloop
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
de dagvaarding van 29 juni 2023, met producties 1 tot en met 27;
de conclusie van antwoord in conventie, tevens van eis in reconventie, tevens houdende de incidentele vordering tot zekerheidstelling, met producties 1 en 2;
de incidentele conclusie van antwoord, met producties 1 tot en met 3.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald in het incident.
Geschil
2.1.
Vertidrive vordert om, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad Asia Airblast te veroordelen tot het stellen van zekerheid ten gunste van Vertidrive voor de proceskosten in de hoofdzaak, door middel van een door een Nederlandse grootbank te stellen bankgarantie, volgens het Rotterdams Garantieformulier in de meest recente versie dan wel het model van de Nederlandse Vereniging van Banken in de meest recente versie, die Vertidrive kan inroepen indien en zodra ten laste van Asia Airblast en ten gunste van Vertidrive bij voor ten uitvoerlegging vatbare rechterlijke uitspraak een veroordeling ter zake van proceskosten wordt uitgesproken, zulks binnen veertien dagen na dit vonnis en voor een bedrag van primair € 50.000,00, dan wel subsidiair (zo begrijpt de rechtbank) een bedrag overeenkomstig het liquidatietarief, ófwel genoemd bedrag te storten op de rekening van de Stichting Derdengelden van de advocaat van Asia Airblast, zulks binnen veertien dagen na het in dit incident te wijzen vonnis, althans binnen een door de rechtbank in goede justitie te bepalen andere termijn en voor een door de rechtbank in goede justitie te bepalen ander bedrag, alles op straffe van niet-ontvankelijkheid van Asia Airblast in de hoofdzaak en met veroordeling van Asia Airblast in de kosten van dit incident.
2.2.
Vertidrive stelt daartoe – samengevat – het volgende. Asia Airblast heeft geen vestigingsplaats in Nederland, zodat zij op grond van artikel 224 Rv de gevorderde zekerheid moet stellen. De in artikel 224 lid 2 Rv genoemde omstandigheden waarin van dit uitgangspunt moet worden afgeweken, zijn niet van toepassing. Op grond van de tussen partijen overeengekomen Metaalunievoorwaarden is Vertidrive (kort gezegd) gerechtigd tot alle kosten die verband houden met deze procedure. Het is vaste rechtspraak dat Vertidrive op grond van dit artikel uit de Metaalunievoorwaarden aanspraak kan maken op een zogeheten “integrale proceskostenveroordeling”, die ook de kosten voor bijstand van haar advocaat omvat. Deze kosten laten zich gelet op de stand van de procedure nog niet definitief vaststellen. Vertidrive begroot deze kosten op € 50.000,00 en vordert daarom primair dat Asia Airblast wordt veroordeeld om voor dat bedrag zekerheid te stellen. Subsidiair vordert Vertidrive dat Asia Airblast wordt veroordeeld tot het stellen van zekerheid overeenkomstig het liquidatietarief.
2.3.
Asia Airblast voert verweer, waarop hierna – voor zover dat voor de beoordeling van belang is – wordt ingegaan.
Beoordeling
3.1.
Op de voet van artikel 224 lid 1 Rv zijn allen zonder woonplaats of gewone verblijfplaats in Nederland die bij een Nederlandse rechter een vordering instellen of zich voegen of tussenkomen in een geding alhier, verplicht om op vordering van de wederpartij zekerheid te stellen voor de proceskosten en de schadevergoeding tot betaling waarvan zij veroordeeld zouden kunnen worden. De strekking van artikel 224 Rv is te voorkomen dat een in het gelijk gestelde gedaagde partij wordt geconfronteerd met oninbaarheid van een proceskostenveroordeling, als gevolg van het ontbreken van de mogelijkheid tot tenuitvoerlegging daarvan in het land waar de eisende partij zijn woonplaats heeft.
3.2.
Tussen partijen is niet in geschil dat Asia Airblast geen woon- of gewone verblijfplaats heeft in Nederland. Verder is niet gesteld dat de uitzonderingsgronden van artikel 224 lid 2 sub a t/m d Rv zich voordoen, terwijl het de rechtbank overigens ook niet is gebleken dat in de onderhavige zaak sprake is van één van deze uitzonderingssituaties. Asia Airblast is dan ook verplicht tot het stellen van zekerheid voor de door Vertidrive te maken proceskosten.
3.3.
Ten aanzien van het bedrag waarvoor Asia Airblast zekerheid moet stellen, oordeelt de rechtbank als volgt.
3.3.1.
Vertidrive heeft in de hoofdzaak een bedrag van € 5.737,00 aan griffierecht betaald. Voor wat betreft het salaris van haar advocaat kan in dit stadium van de procedure een bedrag van € 10.239,00 als voldoende worden geacht. De rechtbank gaat daarbij uit van drie punten - voor de conclusie van antwoord, voor de mondelinge behandeling en voor een aanvullende handeling, zoals een akte of nadere conclusie - tegen tarief VII (€ 3.413,00 per punt). Voor het vaststellen van een hoger bedrag aan advocaatsalaris, zoals Vertidrive heeft gevorderd, bestaat vooralsnog geen aanleiding. In de eerste plaats omdat de toepasselijkheid van de Metaalunievoorwaarden waar Vertidrive zich op beroept blijkens de stellingen van Asia Airblast in de dagvaarding tussen partijen in geschil is en het daarom nog niet vast staat dat Vertidrive aanspraak kan maken op haar daadwerkelijke proceskosten, maar bovendien omdat Vertidrive het door haar begrote bedrag van € 50.000,00 aan daadwerkelijke advocaatkosten op geen enkele wijze met stukken heeft onderbouwd. Voor het geval de procedure een veel complexer verloop zou krijgen dan waar de rechtbank op dit moment vanuit gaat, staat het Vertidrive vrij om gedurende de hoofdzaak op grond van artikel 224 Rv aanvullende zekerheid te vorderen. Voor de vergoeding ter zake van nakosten met betekening kent de rechtbank een bedrag van € 361,00 toe. Asia Airblast moet dan ook voor een bedrag van in totaal € 16.337,00 zekerheid stellen.
3.4.
Ten aanzien van de wijze waarop zekerheid moet worden gesteld, oordeelt de rechtbank als volgt.
3.4.1.
Hij die zekerheid moet stellen, heeft de keuze op welke wijze de zekerheidstelling geschiedt (artikel 6:51 lid 1 BW). De aangeboden zekerheid moet echter zodanig zijn, dat de vordering behoorlijk gedekt is en dat de schuldeiser daarop zonder moeite verhaal zal kunnen nemen (artikel 6:51 lid 2 BW).
3.4.2.
De voorkeur van Vertidrive gaat uit naar het stellen van zekerheid middels een bankgarantie, welke wijze van zekerheidstelling in het handelsverkeer gebruikelijk is, net als de garantievoorwaarden waar Vertidrive naar verwijst, óf middels storting op de derdengeldenrekening van de advocaat van Asia Airblast. Hiermee wordt al tegemoetgekomen aan het bezwaar van Asia Airblast dat het aannemelijk is dat het niet eenvoudig is om als niet in Nederland gevestigde partij een bankgarantie bij een Nederlandse bank te verkrijgen. De stelling dat Asia Airblast onevenredig in haar belangen wordt geschaad als zij ondernemingsvermogen moet storten op de derdengeldenrekening van haar advocaat, heeft Asia Airblast op geen enkele manier onderbouwd en daarom passeert de rechtbank die stelling. Asia Airblast heeft niet uitgelegd waarom deze wijze van zekerheidstelling niet van haar kan worden verlangd.
3.4.3.
Dat een andere Nederlandse vennootschap (Airblast B.V.) zich bereid heeft verklaard om verhaal te bieden voor eventuele proceskosten indien Asia Airblast in de hoofdzaak in de proceskosten zou worden veroordeeld tegenover Vertidrive, leidt er niet toe dat Asia Airblast geen (andere) zekerheid meer hoeft te stellen. Niet alleen heeft Vertidrive op dit moment (nog) niet ingestemd met deze wijze van zekerheidstelling, maar bovendien is het voor de rechtbank op dit moment niet duidelijk of Vertidrive in het geval van een proceskostenveroordeling in de hoofdzaak ten gunste van haar “zonder moeite” (zoals vereist op grond van artikel 6:51 lid 2 BW) verhaal zal kunnen nemen op Airblast B.V. Vertidrive is immers afhankelijk van Airblast B.V. om de proceskosten daadwerkelijk aan haar te vergoeden en in de bereidverklaring staat – bijvoorbeeld – niet dat een bepaald bedrag op een aparte rekening wordt gereserveerd voor deze zaak en dat betaling van de eventuele proceskostenveroordeling plaatsvindt binnen een bepaalde termijn nadat Vertidrive daar aanspraak op maakt. De bereidverklaring van Airblast B.V. biedt dan ook onvoldoende zekerheid.
3.4.4.
Gelet op het voorgaande zal de rechtbank bepalen dat Asia Airblast binnen twee weken na vandaag zekerheid moet stellen voor een bedrag van € 16.337,00 ten gunste van Vertidrive, ofwel in de vorm van een bankgarantie af te geven door een Nederlandse grootbank, volgens het Rotterdams Garantieformulier in de meest recente versie dan wel het model van de Nederlandse Vereniging van Banken in de meest recente versie, ofwel in de vorm van depotstorting op de derdengeldenrekening van de advocaat van Asia Airblast. Aangezien de rechtsgevolgen van een depotovereenkomst ter zake van zekerheidstelling, behoudens andersluidend overeengekomen bedingen, voortvloeien uit de wet (Hoge Raad 9 september 2022, ECLI:NL:HR:2022:1181), zal de rechtbank aan deze laatste vorm van zekerheidstelling geen bijzondere voorwaarden verbinden.
3.4.5.
In het geval dat partijen binnen de hiervoor genoemde termijn van twee weken alsnog overeenstemming bereiken over zekerheidstelling op de door Asia Airblast voorgestane wijze (bereidverklaring van Airblast B.V. om verhaal te bieden voor een eventuele proceskostenveroordeling ten gunste van Vertidrive), wordt Asia Airblast geacht voldoende zekerheid te hebben gesteld.
3.5.
De rechtbank wijst Asia Airblast erop dat het niet binnen de termijn stellen van zekerheid in principe tot haar niet-ontvankelijkheid in de hoofdzaak leidt. In het geval dat Asia Airblast meer tijd nodig heeft om zekerheid te stellen, kan zij op grond van artikel 616 lid 4 Rv een verzoek tot verlenging van de bepaalde termijn van twee weken na vandaag indienen.
3.6.
Teneinde de zekerheidstelling te controleren, zal Asia Airblast zich uiterlijk binnen één week nadat zij zekerheid moet hebben gesteld moeten uitlaten over de vraag of en, zo ja, de wijze waarop zij zekerheid heeft gesteld. Dit geldt ook in de situatie zoals genoemd in 3.4.5.
3.7.
Asia Airblast is de in het incident in overwegende mate in het ongelijk gestelde partij. Zij wordt veroordeeld tot een hogere zekerheidstelling dan bepleit en in een andere vorm dan zij voorstaat. Asia Airblast wordt daarom in de proceskosten van Vertidrive veroordeeld, die worden begroot op € 598,00 (één punt à tarief II). Asia Airblast heeft een beroep gedaan op een uitzondering op de hoofdregel, namelijk dat kosten die nodeloos werden aangewend of veroorzaakt voor rekening kunnen worden gelaten van de partij die dat deed. Daarvan is echter geen sprake. Het staat Vertidrive vrij om een incidentele vordering tot zekerheidstelling in te stellen en Asia Airblast had dit ook kunnen voorzien.
Dictum
De rechtbank:
in het incident
5.1.
veroordeelt Asia Airblast om uiterlijk op 25 oktober 2023 - op straffe van niet-ontvankelijkheid in de hoofdzaak - ten gunste van Vertidrive zekerheid te stellen voor een bedrag van € 16.337,00, ter zake van proceskosten tot betaling waarvan Asia Airblast kan worden veroordeeld:
a) ofwel in de vorm van een bankgarantie af te geven door een Nederlandse grootbank, volgens het Rotterdams Garantieformulier in de meest recente versie dan wel het model van de Nederlandse Vereniging van Banken in de meest recente versie;
b) ofwel in de vorm van depotstorting op de derdengeldenrekening van de advocaat van Asia Airblast;
5.2.
veroordeelt Asia Airblast in de kosten van het incident, aan de zijde van Vertidrive begroot op € 598,00;
5.3.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
5.4.
wijst het meer of anders gevorderde af;
in de hoofdzaak
5.5.
bepaalt dat Asia Airblast zich op de rolzitting van 1 november 2023 moet uitlaten over de vraag of en, zo ja, de wijze waarop zij zekerheid heeft gesteld; in geval van zekerheidstelling moet deze met relevante documenten worden onderbouwd;
5.6.
bepaalt dat de zaak vervolgens op de rol van 15 november 2023 zal komen voor handelingen zoals omschreven in overweging 4.1.;
5.7.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. J.B. Smits. Het is ondertekend door de rolrechter en in het openbaar uitgesproken op 11 oktober 2023. 3349 / 3195