Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
2023-06-20
ECLI:NL:RBROT:2023:7462
Civiel recht; Burgerlijk procesrecht
Verschoning
1,164 tokens
Dictum
op het verzoek van:
mr. P.F.G.T. Hofmeijer-Rutten,
rechter in de rechtbank Rotterdam, team handel en haven (hierna: de rechter),
ertoe strekkende zich te mogen verschonen in de zaak van:
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [naam vennootschap] B.V.,
gevestigd te Barendrecht,
eiseres,
advocaat mr. S. Velthuizen
tegen
[naam gedaagde]
,
wonende te [woonplaats] ,
gedaagde,
advocaat mr. R. Bravenboer.
1Het procesverloop en de processtukken
1.1.
Aan de rechter is toebedeeld de behandeling de het kort geding tussen eiseres en gedaagde, beiden voornoemd, met kenmerk C/10/659119 / KG ZA 23-488.
1.2.
Op 20 juni 2023 heeft de rechter een schriftelijk verzoek tot verschoning gedaan.
1.3.
Aan de verschoningskamer is ter beschikking gesteld het dossier van de hiervoor omschreven kort geding procedure.
2Het verzoek
2.1.
Ter adstructie van het verzoek om verschoning heeft de rechter – verkort en zakelijk weergegeven – het volgende aangevoerd:
2.1.1.
Op 20 juni 2023 om 16:00 uur dient de zaak tussen eiseres en gedaagde. Aan partijen is bekendgemaakt dat de rechter de zaak behandelt.
2.1.2.
De eisende partij, [naam vennootschap] B.V., is de eigenaar van een pand. Zij laat zich als eigenaar vertegenwoordigen door een beheerder, [naam] Beheer B.V. Het geschil gaat over ontruiming van dat pand. [naam] Beheer is strikt genomen geen partij bij het geschil, maar zij heeft feitelijk allerlei brieven geschreven en contact met de wederpartij onderhouden.
2.1.3.
[naam] Beheer was ook de beheerder van een pand waarin de zoon van de rechter tijdens zijn studie gewoond heeft. In het kader van zijn vertrek uit dat pand was er sprake van een lastige situatie. De rechter heeft daarbij namens haar zoon contact gehad met (de directeur van) [naam] Beheer. Dat contact verliep in de beleving van de rechter onaangenaam. Weliswaar is de zaak uiteindelijk goed afgelopen, maar de rechter is er niet voldoende zeker van dat de met [naam] Beheer opgedane ervaring niet van invloed is op de onpartijdigheid waarmee zij de zaak dient te behandelen. Daarbij komt dat de rechter zich weliswaar (uiteraard) toen niet als rechter bekend heeft gemaakt, maar wel met haar volledige naam, zodat [naam] Beheer die mogelijk herkent. Het ligt in de rede dat iemand van [naam] Beheer ter zitting verschijnt.
Beoordeling
3.1.
Verschoning is een middel ter verzekering van de onpartijdigheid van de rechter. Voorop dient te staan dat een rechter uit hoofde van zijn aanstelling moet worden vermoed onpartijdig te zijn, tenzij zich uitzonderlijke omstandigheden voordoen die zwaarwegende aanwijzingen opleveren voor het oordeel dat een rechter jegens een partij een vooringenomenheid koestert, althans dat de bij deze partij dienaangaande bestaande vrees objectief gerechtvaardigd is.
3.2.
Aan de door de rechter aangevoerde omstandigheden valt geen aanwijzing te ontlenen voor het oordeel dat de rechter - subjectief - niet onpartijdig is.
3.3.
Te onderzoeken staat vervolgens of de aangevoerde omstandigheden niettemin een zwaarwegende aanwijzing opleveren voor het oordeel dat de vrees dat de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden - objectief - gerechtvaardigd is.
3.4.
De door de rechter aangevoerde omstandigheid, in samenhang met het gegeven dat de rechter daarin aanleiding heeft gevonden zelf een verzoek in te dienen zich te mogen verschonen van de verdere behandeling van de zaak, levert naar het oordeel van de rechtbank op zichzelf een zwaarwegende aanwijzing als hiervoor onder 3.3 bedoeld op.
3.5.
Het verzoek wordt om deze reden toegewezen.
Dictum
De rechtbank:
- wijst toe het verzoek van mr. P.F.G.T. Hofmeijer-Rutten zich in de kort geding procedure van [naam vennootschap] B.V. als eiseres tegen G.A. van Drunen als gedaagde met kenmerk C/10/659119 / KG ZA 23-488 te mogen verschonen.
Deze beslissing is gegeven door mr. A.M.H. Geerars, voorzitter, mr. M.G.L. de Vette en
mr. dr. P.G.J. van den Berg, rechters en door de voorzitter en J.A. Faaij, griffier ondertekend op 20 juni 2023.