Rechtspraak
Rechtbank Rotterdam
2022-02-25
ECLI:NL:RBROT:2022:3391
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
983 tokens
Inleiding
RECHTBANK ROTTERDAM
zaaknummer: 9621204 / CV EXPL 22-399
uitspraak: 25 februari 2022
vonnis van de kantonrechter, zitting houdende in Rotterdam,
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
Voldaan Factoring B.V.,
statutair gevestigd in Oosterhout,
eiseres,
gemachtigde: mr. D.J. Bergkotte te Den Haag,
tegen
[gedaagde] h.o.d.n. [handelsnaam],
wonende in [woonplaats gedaagde],
gedaagde,
procederend in persoon.
1. Het verloop van de procedure
1.1.
Het verloop van de procedure volgt uit de volgende processtukken, waarvan de kantonrechter kennis heeft genomen:
het exploot van dagvaarding van 24 december 2021, met producties;
de conclusie van antwoord, met producties.
1.2.
De kantonrechter heeft vervolgens bepaald dat dit vonnis vandaag wordt uitgesproken.
1.3.
Bij e-mail van 11 februari 2022 heeft de gemachtigde van eiseres verzocht om een mondelinge behandeling te houden.
Beoordeling
2.1.
Op grond van artikel 87 lid 8 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering biedt de rechter, voordat hij over de zaak beslist, aan partijen desverlangd gelegenheid om hun standpunt mondeling uiteen te zetten, indien nog geen mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden. Nu eiseres om het houden van een mondelinge behandeling heeft verzocht en nog geen mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden, gelast de kantonrechter een mondelinge behandeling. Tijdens de mondelinge behandeling kunnen partijen de kantonrechter de nodige informatie verstrekken en eventuele vragen beantwoorden. De mondelinge behandeling zal daarnaast worden benut voor het beproeven van een minnelijke regeling.
2.2.
Alle stukken die op de zaak betrekking (kunnen) hebben en die nog niet in het geding zijn gebracht, moeten door de partij die deze tijdens de mondelinge behandeling ter sprake wil brengen uiterlijk een week voor de zittingsdatum aan de kantonrechter en aan de wederpartij worden toegezonden.
2.3.
De zaak wordt nu verwezen naar woensdag 9 maart 2022 om partijen de gelegenheid te bieden hun verhinderdata voor de maanden april, mei en juni 2022 op te geven, zodat daarmee rekening kan worden gehouden bij het vaststellen van een datum en tijd voor de mondelinge behandeling. De kantonrechter zal vervolgens op de beraadrol van maandag 14 maart 2022 een datum en tijdstip voor de mondelinge behandeling bepalen, waarna deze per brief aan partijen worden medegedeeld. Uitstel is niet mogelijk, tenzij beide partijen daar gezamenlijk om verzoeken.
2.4.
Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.
Dictum
De kantonrechter:
bepaalt dat partijen (in persoon of behoorlijk vertegenwoordigd en desgewenst met hun gemachtigde) op een nader te bepalen datum en tijd moeten verschijnen in het Gerechtsgebouw aan het Wilhelminaplein 100/125 in Rotterdam, tijdens de mondelinge behandeling van de hierna genoemde kantonrechter;
wijst partijen op hetgeen hiervoor over het in het geding brengen van (nadere) stukken is bepaald;
stelt partijen in de gelegenheid om uiterlijk op woensdag 9 maart 2022 hun verhinderdata voor de maanden april, mei en juni 2022 op te geven;
bepaalt dat de schriftelijke opgaaf uiterlijk op de voormelde dag om 12:00 uur op de griffie moet zijn ontvangen;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.J.M. van Breevoort en uitgesproken op een openbare terechtzitting.
38671