Rechtspraak Rechtbank Overijssel 2026-01-20
ECLI:NL:RBOVE:2026:279
RECHTBANK OVERIJSSEL Civiel recht Kantonrechter Zittingsplaats Zwolle Zaaknummer: 11814113 \ CV EXPL 25-2253 Vonnis van 20 januari 2026 in de zaak van KPMS BOUWADVIES B.V. , te Heerenveen, eisende partij in conventie, gedaagde partij in reconventie, hierna te noemen: KPMS, gemachtigde: mr. J. Jelsma, tegen [partij A] handelend onder de naam [bedrijf] , te [vestigingsplaats], gedaagde partij in conventie, eisende partij in reconventie, hierna te noemen: [partij A], gemachtigde: mr. M.H.D. Scholten. 1 De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding met producties 1 t/m 10;- de conclusie van antwoord, tevens houdende eis in reconventie met producties 1 t/m 16;- de conclusie van antwoord in reconventie; - het e-mailbericht van mr. Scholten van 14 november 2025 met producties 17 en 18; - het e-mailbericht van mr. Jelsma van 24 november 2025 met een aanvullende productie; - de zittingsaantekeningen van de mondelinge behandeling van 25 november 2025 en de spreekaantekeningen van partijen. 1.2. Na de mondelinge behandeling is met toestemming van de kantonrechter nog de akte van mr. Scholten van 9 december 2025 ontvangen. 1.3. Ten slotte is vonnis bepaald. 2 De feiten 2.1. [partij A] is in 2019 als architect ingeschakeld om ontwerp- en advieswerkzaamheden te verrichten ten behoeve van het project ‘Groene Burenerf’ (hierna: het project) te Kampen. 2.2. [partij A] heeft KPMS benaderd om teken- en advieswerkzaamheden uit te voeren voor de realisatie van verschillende type nieuwbouwwoningen binnen dat project. In april 2022 heeft KPMS een offerte uitgebracht voor de te verrichten werkzaamheden. In de offerte staat onder meer opgenomen: ‘(…) Omschrijving werkzaamheden Aan KPMS Bouwadvies B.V. is de vraag gesteld een offerte uit te brengen voor het uitwerken van het VO naar DO in 3D voor uw project Groene Burenerf te Kampen. Deze offerte heeft betrekking op onderstaande project onderdelen; Moestuinwoningen; Schuurwoningen. In de basis zijn de onderstaande diensten besproken Opzetten 3D modellen; Opstellen 2D producten ten behoeve van de vergunningaanvraag. (…) Aanbieding: Het opzetten van de 3D modellen kunnen wij voor u uitvoeren voor onderstaande bedragen: De eerste schuurwoning € 1.800,00 Elke volgende schuurwoning € 900,00 De moestuinwoningen € 3.000,00 Genoemde bedragen zijn exclusief 21% BTW. Eventueel te leveren 2D producten volgens opgaven lijst in de bijlage van deze offerte Aandachtspunten Bij het opstellen van deze offerte zijn wij ervan uitgegaan dat de eerste woning (nr.23) volledig nieuw wordt opgezet en voor de daaropvolgende woning de eerste woning als onderlegger dient; Het genereren van 2D- producten vindt plaats op basis van de 3D- modellen. Ook hiervoor geldt dat er rekening is gehouden met de repetitie van de woningen; De 3D-modellen zijn zo opgebouwd dat hieruit meetstaten kunnen worden gegenereerd ten behoeve van de werkvoorbereiding; De 3D- modellen mogen gedeeld worden met bv de constructeur/ installateur om zo te komen tot een integraal ontwerp. (…) Facturering De factuur zal in termijnen worden afgerekend. (termijnen in overleg na opdracht) Betaling dient binnen 30 dagen na facturering plaats te vinden; Algemene voorwaarden Deze offerte is gelding tot 30 dagen na offertedatum; Op al onze werkzaamheden zijn de algemene voorwaarden volgens de DNR 2011 (herzien juli 2013) van toepassing. (…) Bijlagen Bijlage 1_Overzicht kosten per projectfase moestuinwoningen d.d. 31-03-2022, Bijlage 2_Overicht kosten per projectfase schuurwoningen d.d. 31-03-2022, DNR 2011 (herzien juli 2013) [De Nieuwe Regeling 2011, hierna ‘DNR’ - kantonrechter] .’ 2.3. De offerte is in april 2022 door partijen ondertekend. 2.4. Naast partijen waren ook een projectontwikkelaar, een aannemer en een installateur betrokken bij de realisering van het project. 2.5. KPMS is gestart met werkzaamheden voor het project. 2.6. Op 20 juli 2022 heeft KPMS een factuur (hierna: de eerste factuur) ter hoogte van € 12.205,88 naar [par KPMS betwist de reconventionele vordering van [partij A] en voert aan dat in de eerste factuur duidelijk vermeld staat wat er wordt gefactureerd en waarvoor en dat deze werkzaamheden ook zijn overeengekomen. Kennelijk beschikte [partij A] over onvoldoende middelen om de factuur te betalen omdat zij zelf pas op een later moment betaald krijgt door haar opdrachtgevers maar dit laat onverlet dat [partij A] gehouden is om de facturen van KPMS binnen de geldende betalingstermijn te voldoen. 3.4. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan. 4 De beoordeling in conventie en in reconventie Geen betalingsverplichting voor de eerste factuur 4.1. De eerste vraag die beantwoord moet worden is of een betalingsverplichting bestaat voor de door KPMS aan [partij A] gedeclareerde werkzaamheden zoals opgenomen in de eerste factuur. Volgens de kantonrechter is dat niet het geval en zij licht dit als volgt toe. 4.2. Uit de toelichting van partijen op zitting volgt dat de eerste factuur van KPMS ziet op zowel het vervaardigen van 3D-tekeningen als het vervaardigen van 2D-tekeningen ten behoeve van de schuurwoningen. a. Ten aanzien van de 2D-tekeningen 4.3. Anders dan KPMS betoogt is er geen opdracht gegeven door [partij A] aan KPMS voor de in de bijlage van de offerte van april 2022 opgenomen werkzaamheden die zien op het maken van 2D-tekeningen voor schuur- en moestuinwoningen. 4.4. De vraag naar wat partijen zijn overeengekomen dient te worden beantwoord aan de hand van de zin die partijen in de gegeven omstandigheden redelijkerwijs aan de bepalingen van de overeenkomst mochten toekennen en hetgeen zij te dien aanzien redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten. De zuiver taalkundige betekenis van de bepalingen van de overeenkomst is niet (zonder meer) doorslaggevend (HR 13 maart 1981, ECLI:NL:HR:1981:AG4158, Haviltex). Vanuit dit oogpunt wordt het volgende overwogen. 4.5. Tussen partijen is een overeenkomst van opdracht tot stand gekomen. De basis daarvoor vormt de offerte van april 2022, waarvan alleen het voorblad door partijen is ondertekend. Uit de tekst daarvan volgt niet dat met het tekenen van het voorblad van de offerte opdracht is gegeven voor het genereren van 2D-tekeningen voor de schuur- en moestuinwoningen. Op dit voorblad staan namelijk alleen de prijzen vermeld voor het opzetten van de 3D-modellen van deze typen woningen, terwijl vervolgens voor ‘ eventueel te leveren 2D producten’ wordt verwezen naar een afzonderlijke bijlage met daarin een prijslijst waarin (optionele) producten zijn opgenomen. De bijlagen zijn door partijen niet afzonderlijk ondertekend. Door [partij A] is bovendien toegelicht – en door KPMS is niet weersproken – dat het de bedoeling was dat KPMS per projectonderdeel eerst het tekenwerk en advieswerk in 3D zou uitvoeren, waarna vervolgens in een later stadium eventueel door [partij A] een opdracht aan KPMS kon worden gegeven voor het uitvoeren van de 2D-tekeningen. Hieruit leidt de kantonrechter af dat het genereren van 2D-tekeningen een bij te kopen dienst was, waarvoor een afzonderlijke opdracht moest worden verstrekt. 4.6. [partij A] betwist dat zij een dergelijke opdracht voor het maken van 2D-tekeningen heeft gegeven, omdat de definitieve 3D-tekeningen van de woningen nooit gereed zijn gekomen en aan haar zijn opgeleverd. Dat de 3D-tekeningen van de woningen niet zijn afgerond en opgeleverd, is door KPMS niet weersproken en volgt ook uit de door [partij A] overgelegde planningen uit april, mei en november 2022 die door KPMS zijn opgesteld. Daaruit blijkt namelijk dat de opleverdatum van het door KPMS uit te voeren 3D teken- en advieswerk uiteindelijk verschoof van 24 mei 2022 naar medio/ eind november 2022, terwijl de overeenkomst op 4 november 2022 door [partij A] is opgezegd. 4.7. Gezien de gemotiveerde betwisting door [partij A] had het op de weg van KPMS gelegen om haar stelling dat [partij A] wél opdracht heeft gegeven voor het maken van de 2D-producten nader te ond [partij A] betwist dat zij opdracht heeft gegeven voor deze werkzaamheden. Daartoe heeft zij aangevoerd dat KPMS tijdens een gesprek in de bouwvak(antie) in 2022 heeft voorgesteld om een stagiaire alvast te laten werken aan tekeningen voor de verandawoningen en moestuinappartementen. Dit waren andere typen woningen die in een later stadium gerealiseerd zouden worden. Volgens [partij A] heeft zij KPMS tijdens dit gesprek duidelijk heeft gemaakt dat er (nog) geen opdracht was gegeven voor het maken van de tekeningen voor deze typen woningen en dat eventuele werkzaamheden van de stagiaire geheel op eigen initiatief en voor rekening van KPMS uitgevoerd zouden worden. Ook heeft zij, zo voert zij aan, KPMS erop gewezen dat de prioriteit lag bij het uitvoeren van de overeengekomen werkzaamheden, namelijk het maken van 3D-tekeningen voor de schuur- en moestuinwoningen. Dit alles is door KPMS niet weersproken en daardoor komt de kantonrechter tot het oordeel dat [partij A] tijdens dit gesprek geen opdracht heeft gegeven aan KPMS om tekenmodellen te maken voor andersoortige woningen dan waar volgens de offerte al opdracht voor was gegeven (de schuur- en moestuinwoningen). KPMS heeft geen feiten en omstandigheden aangevoerd waaruit blijkt dat [partij A] – op een ander moment – opdracht heeft gegeven voor het verrichten van deze werkzaamheden. 4.16. De overige posten op de tweede factuur betreffen ‘Beng berekening schuurwoning, prijsindexering door calculator 1 uur en extra bouwoverleggen 10 uur’ met een totaalbedrag € 1.540,25 exclusief BTW. [partij A] betwist ook dat zij opdracht heeft gegeven voor deze werkzaamheden. Zij voert aan dat zij KPMS meerdere malen verzocht heeft om de posten op de factuur toe te lichten, maar dat iedere vorm van toelichting is uitgebleven. KPMS heeft ook tijdens de mondelinge behandeling niet toegelicht op welke concrete werkzaamheden deze posten zien en evenmin uitgelegd waaruit volgt dat voor het uitvoeren van deze werkzaamheden een opdracht is verleend. 4.17. Uit het voorgaande volgt dat niet is komen vast te staan dat [partij A] aan KPMS opdracht heeft gegeven voor het verrichten van de werkzaamheden op de tweede factuur. Er rust daarom ook geen betalingsverplichting op [partij A] voor deze werkzaamheden. 4.18. Tijdens de mondelinge behandeling is door partijen in verband met een eventuele betalingsverplichting voor [partij A] voor de tweede factuur uitvoerig gediscussieerd over opzegging van de overeenkomst door [partij A] met of zonder grond en of daaruit een eventuele betalings/vergoedingsplicht zou zijn ontstaan. Aangezien niet aangenomen kan worden dat opdracht is gegeven voor de gefactureerde werkzaamheden, staat daarmee ook al vast dat voor deze werkzaamheden geen betalingsverplichting bestaat. Daardoor komt de kantonrechter niet toe aan een beoordeling van de opzeggingsgrond. Gevolgen voor de vordering in conventie en reconventie In conventie 4.19. Uit het voorgaande volgt dat er geen betalingsverplichting is voor [partij A], niet met betrekking tot de eerste factuur en evenmin met betrekking tot de tweede factuur. De kantonrechter zal de vorderingen in conventie afwijzen. 4.20. [partij A] heeft in conventie nog een voorwaardelijk beroep gedaan op verrekening van een schadevordering, voor het geval op haar een betalingsverplichting zou rusten. Aangezien er geen betalingsverplichting voor [partij A] is, komt de kantonrechter niet toe aan een beoordeling van dit beroep van [partij A]. In reconventie 4.21. Uit het voorgaande volgt dat [partij A] de twee deelbetalingen van de eerste factuur zonder rechtsgrond en dus onverschuldigd aan KPMS heeft verricht. KPMS is dan ook gehouden om een bedrag van € 8.544,11 aan [partij A] terug te betalen en de kantonrechter zal de vordering van [partij A] daartoe dan ook toewijzen. Proceskostenvergoeding in conventie 4.22. KPMS is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [partij A] worden begroot op: